Kwartetten om de luchtkwaliteit

Het kabinet wil luchtvervuiling in de ene gemeente toestaan als in de andere gemeente de lucht schoner wordt. De Tweede Kamer wil dat niet.

Hoe kan Nederland voldoen aan de Europese normen voor schone lucht, en tegelijkertijd toch doorgaan met de bouw van woningen en vooral van wegen die de luchtkwaliteit verslechteren?

Daarover breken minister Dekker (VROM, VVD) en staatssecretaris Van Geel (VROM, CDA) zich het hoofd, daartoe geprikkeld door een groot aantal bestuurders van gemeenten en provincies die hun nood klagen. Het wordt de bewindslieden echter niet gemakkelijk gemaakt, nu de Tweede Kamer weinig in hun oplossingen ziet. De oppositie vindt dat de bewindslieden te weinig doen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Regeringspartij VVD vindt daarentegen dat Nederland terug moet naar Brussel om een versoepeling van de normen te vragen.

Dekker en Van Geel zinnen al maanden op mogelijkheden om te voorkomen dat Nederland `op slot' gaat, doordat de normen voor fijnstof worden overschreden door bouwplannen. Projectontwikkelaars en planologen hameren erop dat Nederland de Europese regels voor schone lucht te streng interpreteert door te verplichten dat elk bouwplan aan de Europese normen wordt getoetst. De bewindslieden blijven deze `koppeling' vooralsnog verdedigen. Wie bouwplannen niet vooraf toetst op de gevolgen voor de luchtkwaliteit, krijgt later de rekening gepresenteerd - als Brussel gaat vragen om een einde te maken aan de overschrijding van de luchtnormen, als de Nederlandse bestuursrechter vragen gaat stellen aan het Europees Hof, en als de rechter gewoon doorgaat met het afwijzen van bouwplannen. Dat leidt tot vertraging die ook de bouwers niet willen, aldus Van Geel. ,,Het is dus in het belang van de bouwers om die koppeling te handhaven.'' Volgens Van Geel is de ,,kern van de discussie'' de vraag ,,of planologen rekening wensen te houden met de gezondheid van mensen''.

Toch willen Dekker en Van Geel de bouwers en geprangde wethouders tegemoetkomen. ,,We gaan de koppeling zo flexibel mogelijk maken'', stelt minister Dekker (VVD). Ze heeft veel ruimtelijke plannen gemaakt in de veelbesproken Nota Ruimte. Om te voorkomen dat deze plannen sneuvelen, hebben de bewindslieden bedacht dat een verslechtering van de luchtkwaliteit in de ene gemeente acceptabel is als in een nabije gemeente de luchtkwaliteit juist is verbeterd. Het gebied waarbinnen deze zogenoemde `saldering' kan worden toegepast, moet ongeveer zo groot zijn als een stadsregio. ,,Het is niet de bedoeling om bijvoorbeeld de luchtkwaliteit in Zeeland weg te strepen tegen die in Groningen'', zegt Van Geel. ,,Maar binnen een regio als Rijnmond is zoiets wel mogelijk.'' Minister Dekker: ,,Grote projecten zoals de Tweede Maasvlakte kunnen hierdoor gewoon doorgaan.''

In de praktijk komt het erop neer dat als een stadsregio bouwplannen heeft die voor meer dan 3 procent van invloed zijn op de bestaande luchtkwaliteit, de kwalijke gevolgen voor de lucht kunnen worden weggestreept tegen een reeks maatregelen die het milieu in deze regio bevorderen. Tot die compensatie worden niet alleen lokale plannen gerekend, zoals de voornemens van gemeenten als Rotterdam, Utrecht en Amersfoort, die deze week bekendmaakten vuile vrachtwagens uit de stad te weren. Ook voorstellen van het rijk mogen daarbij worden opgeteld, zoals een subsidie van 400 euro voor automobilisten die een roetfilter in hun auto laten inbouwen. Of de deze week van kracht geworden maatregel om op delen van de snelwegen in de Randstad de maximumsnelheid te verlagen van honderd naar tachtig kilometer per uur. Kleinere bouwplannen zoals de bouw van enkele honderden woningen vallen buiten de plicht om binnen de stadsregio te worden gecompenseerd. ,,Ik noem dat klein grut'', aldus Van Geel.

Nog deze maand zal de Raad van State het kabinet adviseren over de plannen van Dekker en Van Geel. Dan ook zal duidelijk worden tot welke alternatieven de Tweede Kamer de bewindslieden wil dwingen, of dat ze alsnog akkoord gaat met de ingewikkelde listen die zij hebben verzonnen.