Donner blijft bij verbod provocaties

Minister Donner (Justitie, CDA) houdt voorlopig vast aan zijn voornemen om publieke provocaties strafbaar te stellen die tot doel hebben de openbare orde te verstoren. Hij onderzoekt of adviezen van onder meer de Raad voor de Rechtspraak tot aanpassing van zijn plan nopen. Daarna beslist het kabinet of het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer wordt gestuurd.

Donner zei dit gisteren in een spoeddebat met de Tweede Kamer waar een meerderheid, waaronder de regeringspartijen D66 en VVD, de minister opriep verheerlijken van terreurdaden niet strafbaar te stellen. Volgens Donner is hij daar helemaal niet mee bezig en was het juist de Tweede Kamer die om maatregelen had gevraagd, nadat een radicale moslim op de televisie een doodsverwensing aan het adres van het Tweede-Kamerlid Wilders (Groep Wilders) had geuit.

Alle fractievoorzitters, op die van de Groep Wilders na, schreven daags daarna een brief aan Donner met de vraag of dergelijke uitspraken strafbaar zijn. Zoniet, dan moest Donner onderzoeken hoe dat wél mogelijk zou kunnen worden. ,,Nu probeer ik een keer te doen wat de Kamer vraagt en dan is het wéér niet goed'', verzuchtte de bewindsman gisteren tijdens het spoeddebat.

Donner wees gisteren een pleidooi van Wilders om potentiële terroristen op basis van het bestuursrecht een half jaar te kunnen vasthouden van de hand. Volgens Wilders is dat noodzakelijk, omdat de weg van het strafrecht niet altijd werkt. ,,Er zijn terreurverdachten die al een keer door de rechter-commissaris zijn vrijgelaten of door de rechter zijn vrijgesproken. (..) Het strafrecht is imperfect. Dus moeten we naar iets anders zoeken'', aldus Wilders.

Volgens Donner zal, net als in het strafrecht, ook de bestuursrechter toetsen op grond waarvan iemand wordt vastgezet. ,,Als die gronden niet kunnen worden bewezen, zal de bestuursrechter even hard als de strafrechter die persoon weer vrijlaten. Het enige dat Wilders wil, is mensen vastzetten zonder bewijs.'' Volgens Donner biedt het bestuursrecht alleen de mogelijkheid om iemand voor een bepaalde tijd vast te zetten. Daarna moet hij worden vrijgelaten zonder de mogelijkheid van sancties als delicten bewezen zijn. ,,In die zin is dit een onzinnige oplossing voor mensen die aantoonbaar gevaarlijk zijn.''