Ceausescu's horror-weeshuizen zijn verdwenen

Weesjes die rondkruipen in hun eigen uitwerpselen. Zo leerde de wereld Roemenië kennen na de val van dictator Ceauşescu. Het `horror-weeshuis' van toen bestaat niet meer.

`Blokken' heten in Boekarest de arbeidersflats waarvan er tijdens het Ceauşescu-regime honderden werden gebouwd. Allemaal in dezelfde, ééntonige stijl van de communistische planmatigheid. Hoeveel Roemenen er in wanhoop van hun balkons zijn gesprongen is nooit geteld. Ruim vijftien jaar na de executie van Nicolae Ceauşescu staan de meeste flats te wankelen wegens betonrot. Maar door de lage huren zijn ze in trek.

,,Je adres klinkt alsof je in de gevangenis zit'', zegt Alexandra (16) van Blok D-16, etage 6, appartement 36 in sector 2. Sinds twee jaar woont ze er met vijf leeftijdsgenoten, net als Alexandra kinderen met een problematische achtergrond. De helft van de groep is wees, de andere helft sloeg op de vlucht voor huiselijk geweld. Met z'n zessen moeten ze nu de klus zien te klaren: volwassen worden, onder toezicht van een sociaal werker die om de dag langs komt voor hulp en advies.

Alexandra en de anderen zijn onderdeel van een project in het kader van de Roemeense kinderopvang-nieuwe stijl. Ze leren er zelf koken. De meisjes maken hun huiswerk op hun kamers die zijn behangen met posters van Ştefan Banica junior, de Roemeense Robbie Williams. Catalin, de enige jongen in de groep, kijkt in de gemeenschappelijke kamer cartoons op tv. Hij is al klaar met zijn huiswerk, verzekert hij. Catalin: ,,Twee jaar geleden kwam ik uit het Systeem hier terecht.'' Het `Systeem' is de aanduiding voor de Roemeense weeshuizen uit de tijd van Ceau¸­sescu. Sinds Catalin in blok D-16 woont durft hij te dromen van een toekomst. ,,Ik wil later stuntman in speelfilms worden.''

In de rapportages van de Europese Commissie over de situatie in Roemenië is de kwaliteit van kinderopvang een belangrijk hoofdstuk. Die extra aandacht is het gevolg van de verontwaardiging over de mensonterende omstandigheden in Roemeense weeshuizen, zoals buitenlanders die na de val van Ceauşescu, in december 1989, aantroffen. Tv-beelden van weesjes die over de vloer kropen door hun eigen uitwerpselen, zo leerde de wereld Roemenië kennen.

De overvolle weeshuizen waren het resultaat van een decreet waarin Ceauşescu abortus verbood voor vrouwen onder de veertig jaar. Elke Roemeen moest bijdragen aan de aanwas van de nieuwe, Roemeense mens. In de jaren zeventig en tachtig groeide de bevolking explosief, maar tegelijkertijd daalde de levensstandaard van de bevolking dramatisch als gevolg van Ceauşescu's streven de export te maximaliseren, zelfs ten koste van de eigen bevolking. Er ontstond grote voedselschaarste. Families konden niet langer voor hun kinderen zorgen; duizenden belandden in weeshuizen.

Na 1989 werden er grootschalige hulpprojekten opgezet. Vooral in Nederland trokken tientallen organisaties zich het lot van de Roemeense weeskinderen aan. Nog steeds zijn ze er actief. `Hoogeveen helpt Braşov'. `Urk helpt Donaudelta'. `Limburg helpt Sibiu'.

,,Kennelijk weet men in Limburg niet dat de situatie vijftien jaar na dato flink verbeterd is,'' zegt Rupert Wolfe die in Roemenië onderzoek doet naar kinderopvang. ,,Sibiu is in 2007 nota bene Culturele Hoofdstad van Europa.''

Wolfe leidt een met EU-geld gesponsord project dat zich richt op de rechten van het kind. Net als Wolfe laten ook EU-waarnemers – in het recent verschenen overgangsrapport over EU-kandidaat Roemenië – zich positief uit over de situatie van de kinderopvang.

Sinds kort is het verboden om kinderen jonger dan twee jaar in een weeshuis onder te brengen, hetgeen de handel in adoptie-baby's, waarbij in het verleden ook verzorgers in weeshuizen betrokken waren, aan banden heeft gelegd. ,,Het `horror-weeshuis' is verleden tijd,'' zegt Wolfe. ,,Maar kennelijk is dat geen sexy verhaal. `Rampenland Roemenië' is gedateerde beeldvorming, maar het wordt door de media in stand gehouden omdat het scoort. En hulpverleners hebben er ook belang bij: de overdramatisering van de situatie legitimeert hun bestaan.''

Volgens Unicef-Roemenië leven er nog altijd 100.000 Roemeense kinderen in weeshuizen en komen er elk jaar 9.500 bij. Unicef wordt fel bekritiseerd door onafhankelijke experts. ,,De onderzoeksmethode van Unicef is fout,'' stelt de Zweedse onderzoekster Ulrike Jerre. ,,Veel kinderen in de opvang worden door Unicef dubbel geteld. En lopende het Unicef-onderzoek keerden veel van de kinderen terug naar hun families.''

Volgens Boekarest gaat het niet om 100.000 maar staan 83.000 kinderen `onder staatstoezicht'. Van hen zijn 50.000 opgenomen in gastgezinnen. De overige 33.000 leven in opvanghuizen die snel worden gemoderniseerd, onder toezicht van het EU-project `Kinderen Eerst'. De laatste weeshuizen-oude stijl moeten voor eind 2006 dicht.

,,Alles gebeurt hier conform de EU-normen'', zegt Constantina Toader van Casa din Tei, een opvangcentrum voor probleemkinderen in Boekarest. Op de eerste verdieping wonen tien moeders met hun kinderen, die door armoede op straat kwamen te staan. De moeders volgen opleidingen om hun kans op de arbeidsmarkt te vergroten. De financiering van het centrum werd in 2002 grotendeels opgebracht door de Wereldbank.

,,Er is in deze wijk nog één weeshuis-oude stijl waar 50 kinderen wonen, de rest is al gesloten,'' zegt Toader die in Boekarest ijvert voor de opbouw van een netwerk van pedagogen en sociaal werkers. Pedagoge Iona Dura, die in Casa din Tei werkt, herinnert zich hoe haar ouders vroeger dreigden: Gedraag je, anders ga je het Systeem in! Durac: ,,Dan doemde het schrikbeeld op van Auschwitz voor kinderen. Maar het bestaat niet meer. De Roemenen zélf hebben het afgebroken.''

Alexandra en de anderen, in Blok-D-16, gebruiken de term `het Systeem' alleen nog om elkaar eraan te herinneren waar ze vandaan komen. Ruim twee jaar maken ze nu deel uit van het begeleid zelfstandig wonen-project.

In de hal van hun flatje staan Alexandra, Elena en Daniela al een uur voor de spiegel. Ze hebben laatst op school meegedaan aan een cursus model-lopen. Elena: ,,Zodra ik uit het Systeem ben wil ik de catwalk op.''