`Niemand weet nog wat normale voeding is'

Hoogleraar Henriette Delemarre gaat kinderen met overgewicht eetlustremmers geven. `Anders komen ze nooit van hun eetverslaving af.''

Wie zegt dat dikke kinderen niet te veel eten, is bij de Amsterdamse hoogleraar endocrinologie Henriette Delemarre aan het verkeerde adres. Het hoofd van de polikliniek voor dikke kinderen in het VU medisch centrum zag het afgelopen jaar 280 kinderen met overgewicht voorbijkomen. Bij slechts één kind stelde ze een genetische afwijking vast.

Alle andere kinderen, vertelt Delemarre, bewogen te weinig en vooral: aten te veel, veel te veel.

Dat bleek uit de eetdagboekjes die de twaalfplussers invulden voor het behandelprogramma go4it. Snacks, cola's, chips, kant- en klaarmaaltijden. IJsjes, lollies, pauzehapjes, zoete (fris)drankjes en chocolade. Delemarre: ,,Snacken, grazen, proppen. Er zit geen rem meer op eten. Geen wonder dat hier soms vijftienjarigen binnenkomen die 150 kilo wegen en nauwelijks meer kunnen lopen.''

Laatst nog had de kinderarts een jongen van vijftien tegenover zich. Als ontbijt nam hij drie tosti's met een bak yoghurt en een stuk fruit, tussendoor at hij sultana's, tussen de middag twee broodjes knakworst met sla, daarna een zak chips en 's avonds warm eten, twee borden vol. En daarbij dronk hij elke dag drie literflessen cola. Toen hij de opdracht kreeg om de hoeveelheid frisdrank te halveren, barstte hij in snikken uit. Het was toch cola light? Delemarre: ,,Daar krijg je honger van. Niemand weet nog wat normale voeding is. Met alle gevaren van dien voor hun gezondheid. Van de 280 kinderen die wij hebben gezien had maar liefst eenderde een voorstadium van ouderdomsdiabetes. Veel ontwikkelen daarna diabetes type II. Dat geeft bij kinderen meer en ernstiger complicaties dan bij volwassenen. Met als gevolg dat sommige kinderen de vijftig niet halen.''

De Amsterdamse kinderendocrinoloog Henriette Delemarre ontving gisteren de driejaarlijkse Edgar Donckerprijs voor de kindergeneeskunde. Ze kreeg de prijs onder meer voor haar onderzoek naar de foetale programmering van groei en puberteit. Een mooie erkenning, vindt Delemarre. Maar vooral: een leuke opsteker voor de kinderen van de Amsterdamse obesitas-kliniek. Ze wil met het prijzengeld van 150.000 euro uitzoeken welke processen in de kinderhersenen op wat voor een manier leiden tot vormen van eetverslaving. Dat gaat ze doen met functionele mri-scans. Liggend in een mri-apparaat krijgen kinderen een big mac te zien en meet de kinderendocrinoloog de bloeddoorstroming in hun hersenen.

Obesitas of meer in het algemeen overgewicht is volgens de Amsterdamse hoogleraar een groeistoornis, een uit de hand gelopen ontwikkelingsstoornis. Kinderen die als zuigeling en peuter relatief veel te eten krijgen, hebben grotere kans op overgewicht. Want die kinderen, is de veronderstelling van de kinderendocrinoloog, kampen met stoornissen in het eetgedrag.

Dat zag de kinderendocrinoloog bij ratten. Twintig pups die door een en dezelfde moeder werden gevoed en na 2 weken onbeperkt te eten kregen, aten zoveel dat ze niet te dik werden. Maar vier pups die één moeder deelden – ratten zogen normaal gesproken zo'n 12 pups – werden wel dikkerds op het moment dat ze ongelimiteerd konden eten. Delemarre: ,,Net als bij ratten programmeer je bij zuigelingen en jonge peuters het eetpatroon. En als je daar fouten in maakt, is de schade onherstelbaar.''

Alhoewel: onherstelbaar? Het Amsterdamse behandelprogramma, dat focust op meer bewegen en gezonder eten, werpt de eerste vruchten af. Acht op de tien behandelde kinderen vielen af of kwamen niet meer aan. Ook werd bij kinderen die meer bewogen de ontwikkeling van beginnende diabetes gestopt. En verder heeft de kinderendocrinoloog haar hoop gevestigd op een nieuwe eetlustremmer, rimonabant, die vooralsnog succesvol is getest op volwassenen. Het middel is nog niet toegelaten op de Europese markt, maar het farmaceutisch bedrijf verwacht dat dat het komend jaar gebeurt. Delemarre wil ook dikke kinderen deze experimentele pil gaan voorschrijven.

Nederland telt nu 400.000 kinderen met overgewicht, één op de tien kampt met ernstig overgewicht. Wordt met een eenvoudig pilletje de obesitasepidemie onder kinderen gekeerd?

Nee, zegt de hoogleraar: ,,Het wordt pertinent geen kwestie van: ik slik, maar ik eet door.'' Ze zal het middel alleen poliklinisch aanbieden ,,ter ondersteuning'' van haar behandeling op de obesitas-poli.

En wat als de pil wegens gevaarlijke bijwerkingen-op-lange-termijn halsoverkop van de markt wordt gehaald? Dat gebeurde bij andere afvalpillen. Die beschadigden de hartkleppen.

Delemarre: ,,U zult begrijpen dat wij er alles aan doen om die risico's uit te sluiten. Daar kijkt ook de medisch-ethische commissie naar. Bottom line is dat wij een pil alleen onder begeleiding gaan geven. Als kinderen af willen van hun overgewicht, moeten ze in de eerste plaats meer bewegen, minder eten, niet snacken en snoepen.Overgewicht is geen instantprobleem.''