`Zéro Sarkozy' in Parijse buitenwijken

De Franse regering lijkt het intern niet eens te zijn over de manier waarop het geweld in de Parijse voorsteden moet worden bestreden.

Onrust in de voorsteden, onrust in de regering. Premier Dominique de Villepin heeft gisteren de bevolking rond Parijs opgeroepen tot kalmte na vijf nachten van geweld in de voorstad Clichy-sous-Bois. Dat hielp vooralsnog niet. Vannacht registreerde de politie ongeregeldheden in vijftien andere voorsteden rond Parijs, alle in de armoedige noordelijke helft van de breedste ring rond de hoofdstad. Dat leidde tot dertig nieuwe arrestaties en zestig uitgebrande auto's.

In Parijs groeien de zorgen over een heuse `stadsguerrilla' van jongeren in de voorsteden tegen de staat. Minister Nicolas Sarkozy van Binnenlandse Zaken heeft de buitenlandse reizen die hij de komende dagen op het programma had, afgezegd. Gisteravond voerde Villepin crisisoverleg met de naast betrokken ministers.

Complicerende factor is dat de eerst verantwoordelijke minister, Sarkozy, zelf het hart vormt van de politieke onrust. Gisteren moest hij op bezoek bij premier Villepin om de families te ontmoeten van de twee jongens die vorige week in Clichy om het leven kwamen toen ze op de loop gingen voor de politie. De families weigerden een ontmoeting met Sarkozy alleen.

Sarkozy wordt door een groeiend aantal critici verweten de onrust te hebben aangewakkerd met scherpe uitlatingen over ,,het gespuis'' in de voorsteden. Vorige zomer beloofde hij illegale praktijken al eens aan te pakken met de hogedrukspuit, de Kärcher. Relschoppende jongeren noemt hij consequent `voyous', schoffies.

Burgemeesters uit de voorsteden zeggen dat ze Sarkozy liever niet in hun stad op bezoek willen, omdat ze de gemoederen niet verder willen verhitten. ,,Als je Clichy in de vlam wilde zetten, had je het anders moeten aanpakken dan Sarkozy de afgelopen dagen heeft gedaan'', zei de socialistische burgemeester van Clichy. Sarkozy heeft zijn offensief tegen het geweld in de voorsteden juist opgevoerd met een doctrine van zero tolerance. De socialistische partijleider François Hollande bepleit inmiddels ,,zéro Sarkozy'' om de rust in de voorsteden terug te brengen.

Pijnlijk voor Sarkozy is dat een collega-minister zich de laatste dagen heeft ontwikkeld tot aanvoerder van het verzet. Azouz Begag, minister voor de Bevordering van Gelijke Kansen, heeft in verschillende interviews zijn afkeuring laten blijken van de ,,oorlogszuchtige taal'' van Sarkozy. Volgens Begag stigmatiseert Sarkozy de jeugd in de voorsteden. Iedere keer dat Sarkozy met camera's aan zijn zijde in de arme wijken rondloopt, is dat een provocatie voor de jongeren daar, meent Begag, zelf afkomstig uit een `probleemwijk' bij Lyon. Volgens deze minister moet de rust in de probleemsteden terugkeren door tegen discriminatie te strijden, niet door meer mobiele eenheden te sturen.

Sarkozy verbergt zijn ergernis over de kritiek van collega Begag niet. ,,Hij maakt mij het werk niet makkelijker'' merkte hij gisteren op, terwijl zijn medestanders streng opriepen tot het bewaren van de eenheid in de regering.

Maar van premier Villepin, die de minister van Gelijke Kansen gisteren op Matignon ontving om over zijn grieven te spreken, komen zulke vermaningen niet. Zonder kritiek te leveren op Sarkozy, beloofde Villepin Begag een grotere rol in de ontwikkeling van een programma van wederopbouw in de voorsteden, onder leiding van minister van Sociale Zaken Borloo.

De regering-Villepin bevestigt zo, niet voor het eerst, de indruk op twee tegenstrijdige gedachten te hinken. Enerzijds is er de sociale dialoog die de premier voorstaat, anderzijds het harde aanpakken van de nummer twee van het kabinet, Sarkozy. Dat die verdeeldheid steeds naar buiten komt, wordt verklaard uit de rivaliteit tussen Villepin en Sarkozy in de strijd om het leiderschap op rechts.

In een interview met het dagblad Le Parisien maakte Sarkozy vanmorgen duidelijk niet te wijken voor kritiek of sociale onrust. Hij beroept zich erop dat hij de problemen in de voorsteden tenminste bij hun echte naam noemt. ,,Wanneer je met echte kogels op de politie schiet, ben je geen `jeugd' maar een bandiet'', meent hij. Zo te spreken is volgens hem de enige manier om te voorkomen dat de kiezer zich verder afwendt van de gevestigde politiek. ,,Naar de politieke klasse wordt steeds minder geluisterd, omdat ze niet over de echte onderwerpen spreekt. En als ze erover spreekt, zegt ze niet waar het op staat'' meent hij.