Simon Kuipers, wereldtopper in spe

Concurreren de Nederlandse schaatsers elkaar kapot of tillen ze elkaar naar een hoger niveau? Simon Kuipers was gisteren de beste op de 1.500 meter. ,,Ik ben voor niemand meer bang.''

Dertig jaar na de wereldtitel van de `vliegende dokter' Harm Kuipers heeft het Nederlandse schaatsen er een talentvolle naamgenoot bij. Simon Kuipers (geen familie) won gisteren in Thialf de 1.500 meter bij de kwalificatiewedstrijden voor de wereldbekerstrijd. Zijn tijd (1.46,22) betekende een baanrecord en een persoonlijk record. Vanmiddag plaatste hij zich met een derde tijd ook op de 1.000 meter.

De 23-jarige Kuipers, een veredelde sprinter, was gisteren in zijn laatste ronde sneller dan alle allrounders. Hij bewandelt sowieso de weg van de geleidelijkheid: elk jaar een trapje hoger. De stilist krijgt dit seizoen nuttige adviezen van een oude bekende. Jakko Jan Leeuwangh is toegevoegd aan zijn ploeg (Postcode Loterij). Hij was een paar jaar geleden wereldrecordhouder op de 1.500 meter.

Kuipers is lyrisch over de inbreng van Leeuwangh: ,,Hij let op de kleinste details, vooral bij de voorbereiding op een race. De warming-up heb ik altijd onderschat. Ik heb nu meer vermogen in de openingsronde. Ik kan nu zo hard mogelijk weggaan en gooi mezelf niet meer op een hoop na 700 meter. Ik blijf mezelf verbazen'', zei Kuipers gisteren na zijn strafexpeditie in Heerenveen.

Hij is teamgenoot van tweevoudig wereldkampioen Erben Wennemars (sprint) en eenmalig Europees kampioen Mark Tuitert (allround). De jongeling voelt zich een volwaardige ploegmakker tegenover het ervaren tweetal dat zich op de 1.500 meter al had geplaatst voor de wereldbekerstrijd en gisteren niet aan de start verscheen. De methode van Wennemars – zo hard mogelijk van start gaan en hopen op een lange adem – vindt steeds meer navolging op de metrische mijl. Kuipers: ,, De gedachte dat ik kan instorten, heb ik losgelaten. Het is gewoon een kwestie van durven.''

Met een twinkeling in de ogen vertelt hij over de samenwerking met Wennemars en Tuitert. ,,Ze hebben me nooit als een klein pisventje behandeld. Zeker niet nadat ik ze in de training flink heb laten zweten. Erben ontloopt me niet, hij zoekt nadrukkelijk de strijd. We maken elkaar onderling sterker en zo hoort het ook'', zei de derdejaars beroepsrijder die de afgelopen twee seizoenen wisselvallig presteeerde. Hij kampte met privéproblemen en kon zich niet altijd even goed concentreren.

Coach Jac Orie is niet verbaasd over de snelle tijden van zijn pupil, die maandag op de 500 meter ook al opzien baarde. ,,Simon heeft zoveel potentie en explosiviteit, dat moest er een keer uitkomen. Onze inbreng is gering: een beetje bijsturen. Simon heeft alles in zich een wereldtopper te worden. Niemand rijdt lager en dus aerodynamischer. Zijn mindere periode vorig jaar was meer een mentale kwestie. Nu twijfelt hij niet meer'', doceerde Orie.

Kuipers reed gisteren een halve seconde sneller dan sprinter Jan Bos, een seconde sneller dan Remco Olde Heuvel en ruim twee seconden sneller dan the best of the rest. Sven Kramer, Rintje Ritsma en Jochem Uytdehaage maakten kennis met de harde wetten van de moderne schaatswetenschap: de 1.500 is niet langer het domein van de allrounders. Een langzame opening valt in de drie volgende rondjes nauwelijks nog goed te maken op de verlengde sprintafstand.

Kuipers weet zich met het oog op de Winterspelen omringd door een handvol Nederlandse specialisten op de 1.500 meter. In Turijn mogen vier landgenoten over drie maanden aan de start verschijnen. De concurrentie is moordend, net als op de langere afstanden. Kuipers ziet alleen maar voordelen: ,,Ik ga graag de strijd aan. Ik ben voor niemand meer bang.''