Ontruiming

Er zijn mensen die vinden dat Amsterdam een verloederde stad is, die wordt bestuurd door een burgemeester zonder visie. Een stad waar vastgoedontwikkelaars en Hells Angels elkaar op klaarlichte dag op straat liquideren. Waar jeugdbendes en Marokkaanse hangjongeren hele buurten onveilig maken. En waar de politie uitsluitend lijkt geobsedeerd door bonnenboekjes.

Maar laten we eens even twintig jaar teruggaan in de tijd. In een politiecel overleed in de nacht van 24 op 25 oktober 1985 Hans Kok (23) onder nooit helemaal opgehelderde omstandigheden. Kok was de eerste en enige dode van de Nederlandse kraakbeweging. Hij werd gearresteerd tijdens een ontruiming in de beruchte Staatsliedenbuurt, waar de krakers de macht hadden gegrepen. Burgemeester Ed van Thijn werd letterlijk de wijk uitgespuwd.

De kraakbeweging was in de loop der jaren steeds gewelddadiger geworden en had in de hoofdstad haar krediet verspeeld. Van Thijn besloot orde op zaken te stellen. Na de dood van Hans Kok werd de sfeer pas echt grimmig. Hij werd stiekem begraven, omdat de autoriteiten bang waren voor rellen. Hard ingrijpen was toen noodzakelijk, zegt Van Thijn achteraf.

Zo'n situatie is in Amsterdam nu moeilijk voorstelbaar. De Staatsliedenbuurt is keurig opgeknapt. Maar een grote stad blijft een potentieel kruitvat. Op 2 november 2004, toen Theo van Gogh werd vermoord, moet burgemeester Cohen gevreesd hebben dat de situatie in Amsterdam totaal uit de hand zou lopen. Met zijn lawaaidemonstratie op de Dam lukte het hem de woede te kanaliseren. Waarschijnlijk was dat meer geluk dan wijsheid. De eerste grote terroristische aanslag in Amsterdam moet nog komen. De burgemeesters Rudolph Giuliani van New York en Ken Livingstone van Londen hebben die test met goed gevolg doorstaan, maar burgemeester Ray Nagin van New Orleans heeft zijn stad te laat ontruimd. Timing blijft ook voor burgemeesters van doorslaggevende betekenis.