In de file voor een onmisbaar Europa

De Nexus-conferenties `Europe, a beautiful idea?', najaar 2004, hadden zich volgens J.L. Heldring (NRC Handelsblad, 20 oktober) kunnen beperken tot de vaststelling dat de EU-lidstaten de waarde van de democratische rechtsstaat delen. De rest is – naast het streven naar politieke en economische eenwording – volgens hem `toneel'. Was dat Europese Nexus-`toneel' in wezen zonder zin?

Het aardige van het EU Nexus-project was dat het uitsteeg boven het traditionele institutionele debat. Drie redenen: het `nooit-meer-oorlog'-motief voor integratie ebt weg, de methode-Monnet is niet meer vanzelfsprekend en de al langer bestaande spanning rond de legitimatie van de integratie leidt ertoe dat de EU tegelijk van allen en van niemand is. Is dat laatste (ownership-tekort) niet een der nijpendste problemen?

De EU Nexus-serie was een debat tussen zeer verschillende bij Europa betrokken `denkers' en `doeners' (niet op hun Europese `geloof' geselecteerd) op zoek naar wat de uitgebreide EU bijeen kan houden, naar hanteerbare `eenheid in verscheidenheid'. Veel aandacht ging uit naar onderwijs en cultuur en daarmee in wezen ook naar de Europese beschaving in de 21ste eeuw. Dat sommigen, zoals Heldring, hun twijfels hebben bij zo'n zoektocht (of `toneel'), neemt niet weg dat anderen met die methode juist hun voordeel doen om greep te krijgen op het complexe integratieproces.

De slotsessie in Rotterdam trok zoveel publiek, dat de bezoekers per auto in een file belandden. In de file voor Europa en zonder vermoeden dat de Nederlandse samenleving een half jaar later haar Europese onschuld verloor.

In terugblik was de EU Nexus-serie een soort Europese reflectieperiode avant la lettre. Of het nu toneel was of niet, misschien vraagt ongrijpbaar maar onmisbaar Europa ook om flitsend cabaret!