Hella Jongerius: 'Jeanne is heel streng voor zichzelf'

Vormgeefster Hella Jongerius laat zich inspireren door de Nederlandse kunstenaar Jeanne van Heeswijk, die werkelijk dienstbaar is aan de omgeving.

'Ik ben een designer, geen kunstkenner. Omdat ik zelf objecten maak, zijn de kunstwerken die ik mooi vind vaak ook objecten. De dode-paardenbeelden van Berlinde de Bruyckere bijvoorbeeld, vind ik mooi. Het is mooie kunst, maar het is niet gelaagder dan dat. Toen ik net als ontwerper begon, keek ik veel naar dat beroemde kunstwerk van Meret Oppenheim, een theekopje van bont. In dat werk wordt een functie bevraagd. Dat vind ik een taak van de beeldende kunst. De taak van een ontwerper is functionele dingen te maken. Louise Bourgeois maakt ook mooie beelden. Tijdens mijn studie keek ik veel naar haar installaties, omdat zij als beeldend kunstenaar op een heel andere manier met objecten omgaat dan in de vormgeving gebruikelijk is.

'Maar als je me vraagt naar een kunstenaar die ik bewonder, dan is dat Jeanne van Heeswijk. Zij doet iets binnen haar professie wat vernieuwend is, en radicaal, en heel erg gelaagd. Door haar werk ga ik me allerlei dingen afvragen, en juist daarom vind ik het zo goed. De eerste keer dat ik ermee in aanraking kwam was in 1999, toen mijn lief door Jeanne was uitgenodigd om een tijdje in het New Yorkse kunstcentrum P.S.1 in Queens te verblijven. Zij had daar een jaar lang de beschikking over een prachtig atelier met uitzicht op Manhattan, dat ze door vormgeefster Dorine de Vos had laten inrichten als een kamer in het Rotterdamse Hotel New York. Ze gebruikte de kamer om er gasten uit de Nederlandse kunstwereld te ontvangen, om zo een soort culturele Holland Amerika Lijn tot stand te brengen.

'Een week lang heb ik in de kamer geslapen. Het voelde alsof ik een spiegel kreeg voorgehangen. Ik dacht echt: mijn hersenen zijn te klein om dit te begrijpen. Als ik zo'n ruimte ter beschikking had, zou ik er vast en zeker zelf gebruik van maken. Het zou niet in me opkomen om dat aanbod in twijfel te trekken. Maar Jeanne maakte er een project van, dat intelligent was, en tot in de uiterste details doorgevoerd. Zo herinner ik me dat ze de originele lakens uit het Rotterdamse Hotel New York had laten overkomen. Die lakens moesten net zo strak gestreken zijn als in het echte Hotel New York, want daardoor sliep het er zo fijn. Het heeft nog vrij lang geduurd voordat ze in New York een stomerij gevonden had die de lakens helemaal zonder vouwen kon strijken. Tot die tijd deed ze het iedere dag zelf. Ook maakte ze de kamer iedere keer helemaal netjes als er na een week weer een nieuwe kunstenaar in kwam. Dat perfectionisme vind ik ongelofelijk. Dat je zo totaal geëngageerd met je werk kan zijn.

Goed doel

'Mijn betrokkenheid gaat niet veel verder dan af en toe wat geld overmaken voor een goed doel. Of ik doe eens wat met jonge mensen uit het vak zonder daar geld voor te vragen. Jeanne maakt haar werk vanuit een echt engagement. Er zijn meer kunstenaars die sociale kunst maken, maar vaak verzinnen die er toch nog wel wat esthetische dingetjes bij - om het kunstwerk meer kunst te laten zijn, om het behapbaarder of verkoopbaarder te maken. Dat doet zij dus niet. Je kunt haar werk niet gemakkelijk tentoonstellen in een museum. Het beeld dat ze twee jaar geleden liet zien op de Biënnale van Venetië, een zandbak waarin toeschouwers landjepik konden spelen, had niets te maken met het sporttoernooi dat ze eerder in Gorinchem had georganiseerd. Er was veel kritiek op dat werk, maar ik vond het juist knap dat ze niet voor de verleiding was bezweken om iets te maken dat commercieel gezien interessanter was. Ik bewonder haar omdat ze zo streng voor zichzelf kan zijn. Ze blijft heel hardcore, is totaal niet strategisch. Ik denk dat Jeannes manier van werken wel geleid heeft tot vertraging in haar carrière. Haar oeuvre laat zich nu eenmaal moeilijk samenvatten. Het is geen werk waar je je aan kunt verlekkeren, zoals je dat bij een schilderij of object wel kunt.

'Haar ideeën hebben voor mij, als ontwerper, ook een zekere herkenbaarheid. Wanneer zij voorstellen doet voor een ringweg in Eindhoven, of een voormalig winkelcentrum in Vlaardingen omtovert tot een cultuurcentrum voor de omwonenden, begeeft ze zich op het terrein van de vormgeving. De helderheid die haar werken kenmerkt, de simplicity van haar ideeën, herken ik. Het verschil is dat Jeanne vervolgens in Vlaardingen ook zelf de muren staat te verven.

Ik zou dat niet kunnen. Ik wil alleen maar bezig zijn met het scheppen van het product, en niet afgeleid worden door dingen die niet ter zake doen. Zij heeft voortdurend te maken met ruis. Altijd maar weer die amateurs met wie je moet samenwerken. Als zij in een buurthuis komt, moet ze steeds opnieuw uitleggen: ik ben een kunstenaar. Ik vind het on-gelofelijk dat zij zich iedere keer weer kan opladen voor die projecten.

Werkelijk genereus

'Dat sociale aspect is volgens mij in heel veel beroepen een totale zeldzaamheid geworden. Hoeveel mensen, die ook nog eens aan de top staan, zijn er nu nog werkelijk genereus? In 2002 heb ik Jeanne opgezocht in Ohio, waar ze in Columbus het project Face Your World had opgezet. Drie maanden lang trok ze door de stad met een speciale bus vol computers, waarmee kinderen konden werken aan het vormgeven van een nieuwe wereld. Er waren kinderen die het zo slecht hadden thuis dat ze met honger naar de bus kwamen. En sommigen kwamen alleen maar om te slapen, omdat daar thuis de rust niet voor was.

Jeanne had daar een hele gemeenschap opgebouwd met vrijwilligers. En toch is ze daar niet als Brabantse moeke, maar als kunstenaar. Ze is sociaal geëngageerd, maar ook zakelijk en professioneel. Ze blijft benadrukken: dit is mijn werk. Dit is kunst.

'In design is het sociale aspect nauwelijks aanwezig. Natuurlijk, je kunt iets maken dat milieuvriendelijker, frisser is. En je kunt de openbare ruimte proberen leefbaarder te maken. Maar als je een vaas maakt, zoals ik vaak doe, heb je met die buitenwereld niet zoveel te maken. Dan wil je vooral binnen je vakgebied iets veranderen, je eigen discipline interessanter maken of de industrie wakker schudden. Een product heeft namelijk ook andere kwaliteiten dan economische. Ik probeer altijd wel een dubbele laag aan te brengen, te kijken waar zo'n product voor staat.

'Ook ik moet in mijn werk natuurlijk duizend keuzes maken. Ga ik dat wel doen of niet? Ik probeer dan altijd zo streng mogelijk te zijn. Dat is iets wat ik aan Jeanne te danken heb. Niet dat ik bij iedere beslissing denk: wat zou zij doen? Maar het is fijn om te weten dat er mensen zijn die op hun pad blijven. Omdat je ook zoveel dwalingen ziet, is het prettig iemand tegen te komen die ook rechtdoor gaat.'