Geen Ryanair op de H-pier

Luchthaven Schiphol heeft vanmorgen een nieuwe `low cost'-pier geopend. Het Ierse Ryanair, de grootste prijsvechter in Europa, blijft niettemin weg.

De vlucht van BMI-Baby naar Nottingham staat gereed bij gate H4 op de nieuwe pier van Schiphol. De passagiers zijn zelf naar het vliegtuig gelopen, er is geen slurf, er zijn geen bussen. Precies op tijd sluiten de deuren: tussen aankomst bij de gate en vertrek van het toestel zitten twintig minuten. Het vliegtuig met de lachende baby in het logo gaat op weg naar de Polderbaan.

Met de bouw van de nieuwe pier – de zevende – wil Schiphol tegemoetkomen aan de goedkopestoelenmaatschappijen (low cost). Deze snelgroeiende sector is gebaat bij een maximale benutting van de vliegtuigen en eist daarom van luchthavens een korte omdraaitijd en het snel uit- en instappen van de passagiers. Op grote luchthavens is dat door de uitgestrektheid niet eenvoudig te organiseren.

De H-pier van Schiphol, die 29 miljoen euro heeft gekost, is zo sober mogelijk opgezet, om kosten te sparen en de doorstroming van passagiers te bespoedigen. Er zijn geen winkels of cafés en toiletten bevinden zich alleen aan weerszijden van de 300 meter lange gang. Projectleider Jan van der Linden rekent voor dat het pluspunt voor de gebruikende maatschappijen niet zit in lagere tarieven, maar in het gebruiksgemak. De havengelden blijven namelijk gelijk en ook de afhandelingskosten gaan nauwelijks naar beneden.

De grootste Europese prijsvechter, Ryanair, is ondanks de nieuwe faciliteiten voorlopig niet van plan naar Schiphol te komen, aldus een woordvoerder van het Ierse bedrijf vanuit Brussel. Ryanair stelt als eis dat een vliegtuig binnen 25 minuten na de landing weer moet kunnen opstijgen en Van der Linden geeft toe dat een dergelijk scherp tijdsschema ook met gebruik van de H-pier niet gehaald kan worden. De taxitijd naar de Polderbaan is ongeveer twaalf minuten. Als alles meezit is de omdraaitijd met de tijd aan de gate dus minimaal drie kwartier. Ryanair vliegt wel sinds 2002 vanaf Eindhoven Airport (waarvan Schiphol 51 procent van de aandelen bezit).

Schiphol zelf verwacht zijn winst te kunnen behalen uit de autonome groei van passagiers door een toenemend aantal vluchten. De luchthaven is in onderhandeling met Easyjet over het inrichten van een `basis'. Dit betekent dat de maatschappij vliegtuigen stationeert op de luchthaven en het aantal verbindingen uitbreidt door de verschillende bases met elkaar te verbinden. Easyjet verminderde zijn activiteit op Schiphol de laatste jaren juist. Enkele bestemmingen, zoals Barcelona en Nice, werden geschrapt omdat de Britten de concurrentie op prijs (onder meer met Transavia) niet langer aankonden. Op een verbinding naar Genève na gaan alle vluchten van Easyjet nu naar de Britse eilanden (acht bestemmingen.)

Behalve Easyjet en BMI-Baby maakt nog een aantal kleinere maatschappijen gebruik van de H-pier, zoals Thomsonfly, Jet2 en Sky Europe. De maximale capaciteit van de pier ligt op 64 vluchten per dag. Van der Linden benadrukt dat niet alleen de low cost welkom is op de nieuwe pier, elke maatschappij die gebruik wil maken van het gehanteerde concept kan er terecht. Voorwaarde is wel dat het point-to-point-verkeer moet zijn: het toestel heeft Schiphol als eindbestemming en alle passagiers stappen uit, eveneens bedoeld om tijd te winnen. Ook het Ierse Aer Lingus, geen prijsvechter, gaat de H-pier gebruiken.

Het uitwijken van verkeer naar de nieuwe pier creëert de dringend gewenste ruimte elders op Schiphol. De luchthaven gaat er namelijk vanuit dat het verkeer van zijn belangrijkste klant, Air France-KLM, de komende jaren sterk zal stijgen. KLM-dochter Transavia, die zichzelf ook afficheert als low cost, zal niet vanaf de H-pier opereren. Het aantal dagelijkse vluchten van Transavia overstijgt de capaciteit van de H-pier.