San Marco

Op de Via Monte Napoleone raakte het winkelende publiek in vuur en vlam. Er stond een rode Ferrari dubbel geparkeerd in de beroemdste modestraat van Milaan. Er zat al een bon achter de ruitenwisser. Dan weten ze daar genoeg: er loopt een voetballer rond met een creditcard.

Ik bleef even staan en maakte een foto met mijn telefoon. Van wie kon de auto zijn? In ieder geval niet van iemand van AC Milan, die club moest 's avonds in San Siro aantreden tegen de ongeslagen koploper Juventus. Na tien minuten gaf ik het wachten op. Ik had belangrijker zaken aan het hoofd; het interview met Marco van Basten voor het televisieprogramma Holland Sport draaide op het sportfilmfestival van Milaan.

Met mijn eindredacteur dronk ik alvast een fles Verdicchio leeg tegen de zenuwen. Op de site van het festival stond dat het afgelopen jaar 220.000 bezoekers de geselecteerde films hadden gezien. Met onze film over Van Basten moesten we rekening houden met Italiaanse toestanden. Om half tien 's avonds, als de film zou draaien, kon je vermoedelijk over de hoofden lopen op het festival, ook al hadden we concurrentie van de topper in San Siro.

Omdat grote artiesten altijd aan de late kant zijn bij premières besloten we eerst nog even naar de eerste helft van Milan-Juventus op televisie te kijken. Op de Corso Magenta zaten we in een café voor een groot scherm, het was vol met Milan-supporters. Na drie kwartier stond het 3-0 voor Milan. We moesten in de rust weg, op naar onze première.

In het centrum reden lege trams. Dat klopte wel. Of je zat in San Siro, of voor de tv, of bij het sportfilmfestival. Nog tien minuten voor aanvang. We versnelden onze pas, liepen door het rode stoplicht. Buiten op de stoep trokken cafégangers snel aan hun sigaret. Het duel ging zo weer door.

Ons hoogtepunt naderde. Nog één plein oversteken en we stonden op het filmfestival, om de hoek bij de dom. Ik deed het middelste knoopje van mijn colbert dicht en liep de glazen deur door. In de hal zat alleen de mevrouw van de garderobe. Van Basten draaide boven in de Sala Terrazzo, dat hadden we al in het programmaboekje gezien. We namen de lift. Nog vijf minuten voor aanvang, mooi op tijd.

Toen we de lift uitliepen, hoorden we Nederlands galmen over de etage. Marco! We schoven het gordijn opzij. Tweehonderd lege stoelen stonden voor het scherm waarop Van Basten net uitlegde dat hij zijn gelukkigste tijd bij Milan kende. ,,Lekker trainen op Milanello, goede partijtjes spelen, goed weer, lekker eten en dan nog een beetje golfen.''

Achterin zat een meisje van de organisatie te bellen met haar vriendje. Ze hadden mot, zo te horen. We gingen zitten in de lege zaal en keken verdwaasd naar onze eigen film. Veel te vroeg gestart en op een verkeerd formaat, ook dat nog, Marco's gezicht was lang uitgetrokken. Gelukkig bleek hij in topvorm.

Na afloop haalde het meisje de band uit de recorder en stopte er een sportfilm uit Iran in, ondertussen blafte ze door de telefoon haar vriendje af. In de andere zalen met films over Maradona en Sjevtsjenko zat ook geen publiek. We hoorden dat het de dagen ervoor net zo was, sterker nog, er komt al 23 jaar niemand naar dit spookfestival.

Buiten op het domplein hoorden we dat Milan met 3-1 gewonnen had van Juventus. De stad maakte zich op voor een voetbalfeest. De videoband met Van Basten lag op steenworp afstand van de Duomo in het beschermhoesje.

San Marco, in Milaan door niemand gehoord en gezien, gaat vandaag met de pakketpost retour naar Holland.