Machtsvacuüm dreigt voor Bolivia

In Bolivia dreigen nieuwe onlusten als gevolg van aanhoudende politieke meningsverschillen. De presidentsverkiezingen zijn tot nader order uitgesteld.

Nieuwe gewelddadige straatprotesten en een ernstig machtsvacuüm. Dat is het dreigende vooruitzicht nu het Boliviaanse parlement er dit weekeinde na vijf weken vergaderen niet in is geslaagd uitvoering te geven aan een oordeel van het Gerechtshof om de zetels die elke provincie krijgt in het nationale parlement anders te verdelen. Als gevolg van de aanhoudende politieke verdeeldheid heeft de nationale kiesraad dit weekeinde de presidentsverkiezingen die voor 4 december op de rol stonden, uitgesteld. Een nieuwe datum moet nog worden geprikt.

Vijf verschillende presidenten telde het armste land van Zuid-Amerika in even zo vele jaren. De laatste leider, journalist en historicus Carlos Mesa, werd in juni weggejaagd door demonstrerende indianen die een groter deel van de rijkdom, waaronder de gasvoorraden, opeisen.

De huidige waarnemer, de president van het Hooggerechtshof Eduardo Rodríguez, heeft laten weten dat hij uiterlijk tot januari bereid is president van Bolivia te zijn. Maar het is nog maar de vraag of de negen miljoen Bolivianen voor dat moment aanbreekt al in de gelegenheid zijn geweest hun zesde leider van dit millennium te kiezen.

Zoals de laatste jaren steeds het geval was in Bolivia, worden ook de meest recente problemen veroorzaakt door de tegenstellingen tussen het verpauperde westen en het economisch welvarende oosten. Het gaat om een botsing tussen grofweg de arme indianen in de streek rondom de hoog gelegen hoofdstad La Paz en de (blanke) ondernemers in de tropische provincie Santa Cruz.

Die laatste regio vond in september het Gerechtshof aan zijn zijde met het verzoek om als provincie meer zetels in het parlement toegewezen te krijgen. Santa Cruz is dankzij de olie-industrie de snelst groeiende stad in Bolivia. Die groei in inwonertallen moet volgens de regio en het hof worden vertaald in meer afgevaardigden. Maar de andere regio's zijn tot nu toe niet bereid in te schikken.

Over compromisvoorstellen om dan maar het totale aantal parlementszetels uit te breiden, is nog geen overeenstemming bereikt. De kwestie leidt alleen maar tot meer regionale en raciale spanningen. De parlementariërs uit Santa Cruz hebben woensdag het nationale parlement met slaande ruzie verlaten en dreigen met afscheiding.

Gek genoeg zijn vrijwel alle presidentskandidaten, ondernemers, vakbonden en andere sociale groeperingen tegen uitstel van de verkiezingen. De man die volgens de meest recente opiniepeilingen de meeste kans maakt de verkiezingen voor het presidentschap te winnen – socialist, Aymara-indiaan en leider van de cocaboeren Evo Morales – zei dit weekeinde dat neoliberalen en ondernemers ,,bezig zijn om hun politieke nederlaag uit te stellen''. Morales voert campagne voor nationalisering van de Boliviaanse grondstoffen en legalisering van de cocateelt. Hij is bevriend is met de presidenten Fidel Castro in Cuba en Hugo Chávez in Venezuela. Morales waarschuwt voor een volksopstand. Hij verwees dit weekeinde naar 1952 toen mijnwerkers met geweld een omwenteling afdwongen.

Ook zijn belangrijkste tegenstander, Jorge Quiroga, die met 28 procent zes procentpunten achter staat in de peilingen, waarschuwt voor de ineenstorting van de fragiele Boliviaanse democratie. De 45-jarige Quiroga is een in de Verenigde Staten opgeleide politicus van het oude establishment. Hij verving van 2001 tot 2002 zijn partijgenoot en toenmalig president Hugo Banzer. Hij realiseerde toen onder andere de door de VS verlangde vernietiging van cocavelden.

De situatie in Bolivia vertoont op dit moment opvallende gelijkenissen met de gebeurtenissen in die andere economische stumper van Latijns-Amerika: Haïti. Ook daar is deze maand besloten de presidentsverkiezingen uit te stellen die een opvolger moeten opleveren van de waarnemer van de eerder weggejaagde president. En ook in Haïti is nog geen nieuwe verkiezingsdatum bekend.

Toch is in Haïti de kans op massale onlusten een stuk kleiner. Zo'n negenduizend soldaten van de Verenigde Naties en internationale politie agenten bewaken er namelijk de openbare orde.

In Bolivia doen inmiddels hardnekkige geruchten de ronde dat buitenlandse troepen op het punt staan in te grijpen om bijvoorbeeld de energievoorziening in de regio te garanderen. Landen als Argentinië, Chili en Brazilië hebben het Boliviaanse gas nodig. De Amerikaanse ambassadeur in La Paz, David Greenlee, sprak een paar dagen geleden in een schriftelijke verklaring nadrukkelijk tegen dat de VS een militaire interventie in Bolivia zouden steunen.