Hete brij

Uit eigen ervaring weet ik hoe slecht docenten kunnen inschatten wat een leerling aankan. Leo Prick schreef daarover (Hete Brij, 15 okt.). Van 2 van mijn 3 jongste kinderen wilde ik dat zij ter compensatie van het afgenomen niveau van het basisonderwijs in hun lagere schoolperiode een klas zouden overslaan. De onderwijzers voelden er niets voor omdat zij sociaalpsychologische problemen vreesden. Ik heb toch doorgezet en de kinderen hebben er alleen maar baat bij gehad. Een ander kind wilde graag naar de Gymnasiumafdeling van het VWO maar kreeg helaas een HAVO-VWO-advies mee. Ik moest er mij daarom voor inzetten dat het HAVO-VWO-advies omgezet werd in een VWO-advies. Bij de overgang naar de bovenbouw werd het deze dochter afgeraden om de bètakant op te gaan. Eén docent oordeelde (zeer inventief) op grond van een daartoe ontworpen excelprogramma. Een ander zei dat mijn dochter, als ze de exacte kant op wil gaan, er beter aan deed (van het Gymnasium!) naar de HAVO over te stappen. Ze doet het nu echter goed in de bovenbouw VWO met het profiel N&G.

Ik kan niet geloven dat al het bovenbeschrevene op toeval berust en acht het daarom onwaarschijnlijk dat leraren de capaciteiten van leerlingen beter kunnen inschatten dan hun ouders.