Dit was waarschijnlijk niet de laatste moord

De Nederlandse overheid is laks geweest in de bescherming van mensen tegen de terreur van de politieke islam.

Iedereen sterft zoals hij geleefd heeft. Dit Perzische gezegde is wellicht van toepassing op Theo van Gogh.

Theo van Gogh stierf rumoerig en dapper. Zelfs Mohammed B. toonde respect voor hem. Hij zal ooit herdacht worden naast de andere slachtoffers van de politieke islam, zoals de Iraanse journalist en jurist Ahmad Kasrawi (vermoord in 1946). Wat deze namen met elkaar verbindt, is niet de stijl noch de inhoud van hun opinie, maar hun moordenaars. Die waren allemaal moslimterroristen. Is er een authentieke, theologische grondslag aan te voeren voor de daad van deze moordenaars? Zijn ze godsdienstfanaten met een eigenzinnige radicale interpretatie van de islam? Heeft profeet Mohammed ooit politieke of intellectuele tegenstanders vermoord of laten vermoorden?

Tijdens de ramadan van het jaar 624 verzamelde Mohammed een leger om de grootste karavaan van Mekka aan te vallen, een zakelijke karavaan die uit Syrië naar Mekka terugkeerde. De eigenaren ervan waren tegenstanders van Mohammed. Deze ordinaire rooftocht, die uitliep in de slag bij Badr, werd gerechtvaardigd met een beroep op Allahs wil. Mohammed won de slag, waarbij aristocraten uit Mekka om het leven kwamen.

Mohammed woonde in die tijd in Medina. De eveneens in Medina wonende dichter Ka'b ibn al-Asjraf verheerlijkte in zijn verzen de mensen die door Mohammed waren gedood. Eerder had hij moslima's belachelijk gemaakt. Hij begon zelfs, na de slag bij Badr, zijn gedichten in Mekka voor te dragen. Een onverstandige dichter die in een munitiemagazijn, om even met minister Brinkhorst' kwalificatie over Submission te spreken, een sigaar had aangestoken. Dichters, die eeuwige pyromanen!

De meeste Arabieren waren analfabeet. Wel hadden ze een bijzonder talent: het vervaardigen van poëzie. Mohammed had al vaker ruzie gehad met dichters. De profeet was woedend op Ka'b. Hij vroeg aan zijn vrienden: ,,Wie kan mij verlossen van deze Ka'b.'' Een aantal godsvruchtige mannen aanvaardden deze moordopdracht van de profeet. 's Nachts, nadat ze door de profeet waren gezegend, gingen ze naar het huis van dichter en nodigden hem uit voor een wandeling. Zijn vrouw waarschuwde: ,,Ga niet met mensen van Mohammed wandelen, ze zijn gevaarlijk.'' Ka'b stelde zijn vrouw gerust, maar eenmaal buiten, na een kort wandelingetje, werd Ka'b, als vijand van Allah, met messen om het leven gebracht. Uiteraard was Ka'b niet eerst berecht. Mohammed kón hem ook niet berechten, omdat hij (nog) geen kalief of heerser van Medina was. Het was een moordaanslag. We zouden het nu als een terroristische aanslag bestempelen.

Dit verhaal fungeert als de rechtsgrond op basis waarvan andersdenkenden, waar dan ook, als vijand van Allah mogen worden gedood. Hier vormt de geschiedenis een rechte lijn die tot oneindig kan lopen: in 624 de moord op Ka'ab, in 1946 de afslachting van Kasrawi en in 2004 de aanslag op Van Gogh. Daartussen kunnen uiteraard nog meer namen worden opgeomd.

Niet voor niets is Rushdie genadeloos kritisch over de profeet Mohammed, die hij als Mahoen opvoert. In De duivelsverzen zegt een schrijver op weg naar executieplaats tegen Mohammed: ,,Hoeren en schrijvers, Mahoen, wij zijn de enigen die je niet kunt vergeven.'' Mahoen antwoordde: ,,Schrijvers en hoeren, ik zie het verschil niet.''

De profeet heeft naast zijn mystieke ook moorddadige en terroristische aspecten. Dit is de bron van de wereldwijde gewelddadige moslimsradicalisering, en niet de discriminatie of armoede. Wie de politieke islam wil begrijpen, moet zich verdiepen in de islamitische heilige bronnen waarin over oorlog, moord op joden en andersdenkenden, en vrouwenonderdrukking wordt verhaald. Mensen mogen daar in geloven, maar ze mogen er geen rechtsgeldigheid aan toekennen. De strijd draait om de realiteit en de betekenis van de politieke islam, en niet om de islam als zodanig.

De Hofstadgroep zou ongetwijfeld de moordaanslag op Ka'ab in opdracht van de profeet Mohammed hebben beschouwd als de legitimatie voor de moord op Van Gogh. We hebben hier dus niet te maken met een godsdienstwaanzinnige groep die de profeet Mohammed verkeerd heeft begrepen. Het probleem is dat de Hofstadgroep (,,deurwaarder van Allah''), de handelingen van de profeet Mohammed als rechtsgrond van het terrorisme vrij nauwkeurig heeft bestudeerd. Die arme dichter, Ka'b, leefde natuurlijk niet onder een democratische rechtsstaat. Theo van Gogh wel. Heeft de overheid, het uitvoeringsorgaan van de rechtsstaat, getracht hem te beschermen?

Na de moord op Fortuyn en het onderzoek van de Commissie-van den Haak naar de veiligheid en beveiliging van Pim Fortuyn werd de Nationale Coördinatie Bewaking en Beveiliging (NCBB) opgericht. Dit nieuwe instituut wordt belast met het coördineren van de veiligheidsvraagstukken rond bedreigde personen en het maken van risicoanalyse en dreiganalyse.

De traditionele politiebenadering wordt niet langer geschikt geacht voor het maken van een risicoanalyse. Het politiewerk begint hier bij een aangifte van een concrete dreiging: eerst wapen zien, dan beveiligen.

Daarentegen is een beveiligingsanalyse veel ruimer: (a) welke positie neemt de bedreigde in maatschappelijke debatten in? (b) zijn er groepen die impulsief of bedachtzaam op een gewelddadige wijze zouden kunnen optreden tegen de bedreigde? (c) zijn er al aanwijzingen, of voorbeelden waaruit blijkt dat iemand uit zo'n groep daadwerkelijk geweld zou toepassen?

Indien deze vragen, in combinatie met de inlichtingeninformatie, bevestigend worden beantwoord, dient de bedreigde op een bepaald niveau te worden beveiligd. Past men deze regels toe op Van Gogh, dan is het zonneklaar dat hij moest worden beveiligd. Voorzover wij nu weten, heeft de NCBB nooit rechtstreeks met Van Gogh gesproken, het is zelfs zeer de vraag of in deze zaak ooit een risicoanalyse is gemaakt.

Er was nog een ander probleem. Wegens het onderscheid tussen rijksdomein en lokaal domein, is naast de NCBB de driehoek (de officier van justitie, de burgemeester en de politiechef), het hoogste veiligheidsgezag in de plaats waar de bedreigde woont. Dat was in dit geval Amsterdam.

Nu wordt door de NCBB en anderen beweerd dat Van Gogh geen bescherming wilde. Wie (en vooral op welk niveau) heeft met Van Gogh gesproken? Cohen, Jonge Vos (de coördinator van de NCBB), Remkes, Donner? Niemand. Bovendien had Den Haag een stelsel bedacht voor de bewaking dat alleen op henzelf van toepassing was, de opiniemakers vielen immers buiten `het rijksdomein'.

Werden de machthebbers niet gewaarschuwd? Op initiatief van Femke Halsema (GroenLinks) en J. Eerdmans (LPF) werd op 13 juli 2004 een parlementair debat gehouden over de beveiliging van de opiniemakers. Daar viel een paar keer de naam van Theo van Gogh.

Halsema en Eerdmans stelden aanpassing van het stelsel van bewaking en beveiliging voor, om ook bedreigde opiniemakers te kunnen beschermen. Minister Remkes kleineerde deze Kamerleden, en de andere politieke partijen lieten hen in de steek.

Zelfs de moord op Van Gogh was geen aanleiding om het systeem te veranderen. Daarom vroeg na 2 november een aantal opiniemakers een gesprek met Remkes aan. De directeur van de AIVD Van Hulst zat er ook bij. Op de vraag of er nog individuele moordaanslagen kunnen plaatsvinden, antwoordde van Hulst: ,,Ja, helaas, dit was waarschijnlijk niet de laatste moord.''

En toch duurde het heel lang totdat het systeem begon te veranderen. Het heeft geen zin om in de strijd tegen het terrorisme de wetten aan te passen, als de organisaties en de personen die deze strijd moeten voeren, niet competent genoeg zijn. Je kunt niet met prepensioengerechtigde topambtenaren het moderne terrorisme bestrijden. Het gaat hun werkelijk een brug te ver. Uit menselijk oogpunt vind ik het moeilijk om namen te noemen, maar ik heb ambtenaren gesproken die het fietsverkeer in de gemeente Doetinchem nog niet zouden kunnen regelen.

Het wordt poëtischer wanneer we denken aan het feit dat op 2 en 3 november de brief van Mohammed B. nog niet was geanalyseerd. Omdat volgens Donner op 2 november zijn ambtenaren al om vijf uur weg waren, en op die andere dag waren ze nog bezig met de voorbereiding van het debat over justitiebegroting.

In het brein van deze intelligente mensen was niet opgekomen dat ze alles opzij zouden kunnen zetten om paraat te zijn voor hun land. De Hofstadgroep zag en ziet de leider van de VVD, burgemeester Cohen en nog een paar andere mensen als de vijand. Terwijl Van Aartsen onbewaakt rondliep, omdat niemand het de moeite waard vond de brief van Mohammed B. te lezen, beschikte Jasom W., een belangrijk lid van Hofstadgroep, nog over een aantal handgranaten. Had Jason W. zijn handgranaten gebruikt, dan zou het land voor een lange tijd gedestabiliseerd zijn geweest. Als terroristenbestrijder weet je niet wie gaat vermoorden, maar je weet wel wie ze kunnen en willen vermoorden. Allah moge ons beschermen in deze stormachtige tijden.

Onze eigen Ka'b, Van Gogh, werd, voor de uitzending van Submission (augustus 2004), gebeld door de Amsterdamse politie, niet door een topfunctionaris, niet iemand van de NCBB, laat staan door een minister, maar door een gewone politieman. De diender heeft hem gezegd dat, gedurende twee dagen, verscherpt toezicht op zijn huis zou worden gehouden: enkele keren per uur reed een politieauto langs zijn huis. In een gesprek met `Met het oog op morgen' had Van Gogh al gezegd: ,,En nu maar hopen dat mijn vrienden van Al-Qaeda zich aan de kantoortijden van de Amsterdamse politie houden.'' In het documentaire programma `Prettig weekend ondanks alles' dat op 2 november zal worden uitgezonden, horen we wellicht meer over deze affaire. Vooralsnog weten wij dat aan onze Ka'b geen volwaardige en serieuze bescherming werd aangeboden door de Nederlandse overheden. De Amsterdamse driehoek, als het hoogste veiligheidsgezag, heeft waarschijnlijk geen risicoanalyse gemaakt. Amsterdam nam evenmin duurzame veiligheidsbesluiten voor Van Gogh. De held van het jaar, Job Cohen, bood Van Gogh geen bescherming aan. De terreurbestrijders, te weten NCTB, NCBB, AIVD, Remkes en Donner hebben evenmin Van Gogh willen beschermen.

De democratie betekent het nemen maar ook het afleggen van verantwoordelijkheid. Hoe kan een fatsoenlijk parlement deze moord, zonder een serieus onderzoek, als een afgesloten dossier behandelen? Ondertussen aanvaarden wij als een kudde schapen het Haagse en Amsterdamse charlatanisme.

Hoogleraar Sociale cohesie, burgerschap en multiculturaliteit en columnist van deze krant. Wordt beveiligd.