Meer dan een circusnummer

Sylvie Guillem (40) is de meest gevraagde ballerina ter wereld. Komende week danst ze op het Holland Dance Festival Rise and Fall, waarin ze fysiek gevaar loopt. ,,Ik wil dat je als een ander mens het theater verlaat.''

e is de sterkste, de lenigste, de langste, de dunste. De meest gracieuze, expressieve, eigenwijze. Als ze sportvrouw was, zou ze `de beste' zijn, records hebben gebroken en grote geldsommen hebben binnengehaald. Maar ze is ballerina. De meest gevraagde freelance ballerina ter wereld, dat wel. Tastbare bewijzen voor haar succes zijn de ovaties die ze krijgt als ze optreedt, en haar overvolle agenda.

Maandag en dinsdag is Sylvie Guillem (Parijs, 1965) te zien op het Holland Dance Festival in Den Haag. Ze treedt er op met de Ballet Boyz, twee oud-dansers van het Britse Royal Ballet die naam maakten als brutaal, tegendraads moderne dans-duo. Hun programma met Guillem, Rise and Fall, werd sinds oktober 2004 al drie keer hernomen in het Londense danstheater Sadler's Wells, dat steevast uitverkocht raakt. Op de huidige, korte Europese tournee van het trio zijn de stops zo kort en zo strak gepland dat Guillem alleen weken van tevoren te spreken is, in Londen.

Bij het Royal Ballet aldaar is Guillem officieel al sinds 1989 een `gast': ze doet er vijftien à twintig optredens per seizoen, en is verder vrij om te dansen waar ze wil. Maar ze is ook een ster. Haar naam op een affiche, zoals dit najaar bij Marguerite and Armand van Frederick Ashton, garandeert publiek en commotie. In het Royal Opera House op Covent Garden, de thuisbasis van het balletgezelschap, wordt Guillem door de staf met een bezitterig soort ontzag van de buitenwereld afgeschermd. Bezoek wordt pas na een telefoontje naar ,,Miss Sylvie'' door een glazen deur de entreehal binnengelaten, daar te wachten gezet bij de watertap – vijf, tien, vijftien minuten – en dan persoonlijk begeleid tot de deur van haar kleedkamer, via liften, een kantine en eindeloze blauwe gangen. ,,U vindt de weg wel weer terug. Just follow the walls'', snauwt de gezette portier, die ook nog een meterslang postpakket voor Miss Sylvie met zich meetorst. Hij klopt aan – Guillems kleedkamer is elektronisch vergrendeld – en verdwijnt. Een minuscuul dametje in een soort brandweerbroek doet open. ,,Hello'', zegt ze, ,,Bonjour. Wie talk Ienglieszj, yes?''

Rise and Fall opent met Broken Fall, een trio voor Guillem en de Ballet Boyz dat in december 2003 in première ging en prompt werd bekroond met een Olivier Award. Die titel kan letterlijk worden opgevat: choreograaf Russell Maliphant, een generatiegenoot van de drie dansers, verzon een adembenemend val- en vangspel van 25 minuten voor de twee sterke mannen en het tanige meisje. Ze wordt gewiegd en overgegooid, bij haar billen of voetzolen de lucht in geduwd, van grote hoogte losgelaten en dan net op tijd weer opgevangen. Ze wurmt zich uit hun armen los, draait zich om en staat meteen weer klaar voor een nieuwe truc. Een spel voor op het schoolplein, maar alleen voor de aller-, allerstoersten.

,,Als ik Sylvie laat vallen, breekt ze haar nek'', zei een van de Boyz, Micheal Nunn, onlangs over Broken Fall tegen een Britse krant. ,,Soms schiet wel even door je hoofd hoeveel ze waard is, maar toch gooien we haar steeds iets hoger, vangen haar steeds iets later... Laatst smakte ze in een repetitie met haar kin tegen de grond. Het was niet erg, maar hoe vaker we dit stuk uitvoeren, hoe gevaarlijker het wordt.''

Elastiekje

Guillem, die zich voor het gesprek als een elastiekje in een lage stoel heeft gevouwen, een fles vreemd uitziende groentendrank binnen handbereik, begint te stralen als ik haar Nunns uitspraken voorleg. ,,Ja, dat klopt wel. In Broken Fall spelen we met gevaar. Het hele stuk is gebaseerd op vertrouwen. Veel is uit balans, en ik val veel. Ik moet door twee partners worden gevangen, en dat is gevaarlijker dan door eentje. Met één partner weet je: hij die me gooit, vangt me zo ook weer op. Hier kan de een me ook nog naar de ander gooien. Er zijn veel meer mogelijkheden.

,,Ik ken de Ballet Boyz al lang. Ik heb met ze gedanst bij het Royal Ballet, en ik wist van allebei dat het goede partners waren. In het klassieke ballet weet je dat meteen – je voelt het aan de handen. Een partner moet jouw lichaam begrijpen. Een week eerder danste hij misschien nog met een veel kleiner, compacter iemand. Je merkt al aan de simpele dingen of hij bij gevaar de goeie reactie zal hebben. Tijdens optredens heb je geen kans om te praten, en je maakt weleens een fout natuurlijk, dus je moet altijd alert zijn, altijd wakker.

,,Bij Broken Fall zijn we in de studio begonnen met langzaam dingen uit te testen. Russel Maliphant zat erbij, hij maakte het stuk op ons. De jongens wisten dat ze voorzichtig moesten zijn, en ik wist dat ze sterk genoeg waren en goed op zouden letten. Soms moest ik ze afremmen, zeggen: bóys. Maar we hebben er alledrie zo'n lol in om onszelf te laten schrikken. Kinderlijk plezier hebben we.''

Étoile

Guillem is de dochter van een gymlerares. Als kind deed ze aan turnen – ze was goed, ze haalde de selectie voor het Olympische jeugdteam. ,,Ik kon ongelooflijke dingen op de balk, op mijn kop, zonder handen... Twee jaar geleden heb ik nog eens geprobeerd om over zo'n ding te lopen, en ik raakte gewoon verlamd van angst, ik dacht: God, hoe deed ik dat? Als kind vond ik het ook eng, je kunt echt heel erg vallen. Op de mat had ik die angst niet, daar was ik vrij. Daar kwam het behalve op techniek ook op gratie aan.''

Voor ballet had Guillem naar eigen zeggen ,,nooit enige ambitie''. ,,Het was niet mijn droom, ik kwam uit een andere wereld. Maar de discipline was dezelfde, daar was ik al aan gewend. Ik deed veel op instinct, en dan gaat alles makkelijker.'' Ze koos op haar elfde voor de balletacademie, kwam op haar zestiende in het corps de ballet van het Ballet de l'Opéra en snelde daar vervolgens door de rangen, haar leeftijdgenoten voorbij. In 1984 werd ze, als jongste danseres ooit, tot étoile benoemd door toenmalige artistiek directeur Rudolf Nureyev. Ze was negentien.

Nureyev – ,,een soort wild beest'', aldus Guillem, ,,met een geniale visie op ballet'' – was haar ontdekker, haar mentor en haar plaaggeest. Hun schreeuwruzies zijn in balletkringen legendarisch. In 1988 ontworstelde Guillem zich aan hem en aan het dwingende stramien van de Opéra, en tekende ze een contract als `principal guest dancer' bij het Royal Ballet, aan de overkant van het Kanaal. Ze verhuisde naar Groot-Brittannië. Daar woont ze nog steeds, in een flat in West-Londen. Haar Franse vriend is modefotograaf.

Guillem heeft een ingewikkelde haat-liefdeverhouding met het klassieke ballet. Door haar fysieke gaven – haar been strekt ze met gemak tot voorbij haar oor, om het daar vervolgens rustig te laten, in een soort staande meer-dan-spagaat – is ze van nature geknipt voor hoofdrollen, en ze heeft ze allemaal gedanst: Zwanenmeer, Giselle, Manon, Sleeping Beauty. Maar niet zonder slag of stoot. Zoals ze in Parijs met Nureyev vocht, vocht ze in Londen met Royal Ballet-directeur Anthony Dowell – over rollen, partners, kostuums. Ze weigerde zoveel dat Dowell een koosnaam bedacht die de Britten haar tot de dag van vandaag liefdevol opplakken: `Mademoiselle Non'.

,,Toen ik voor de eerste keer een podium opging, wist ik dat daar een heel speciale ervaring lag'', zegt Guillem. ,,Maar tussen wat ik voelde en wat ik zag gaapte een enorme kloof. Dat vond ik vreemd. Met collega's kon ik daar niet over praten. Mensen begrepen het niet. Je zegt immers: luister, wat jij al je hele loopbaan, je hele leven doet, dat vind ik niet goed. Ik vind het beperkend, onlogisch, onintelligent, ongevoelig. Dat vatten mensen op als een belediging.

,,Mijn doel was nooit om tegen het klassieke repertoire te protesteren, maar tegen de manier waarop het werd doorgegeven en uitgevoerd. Ik kón het simpelweg niet op de manier waarop ze het me vroegen. Dus deed ik het anders, moderner. Dat over-acteren waar mensen bij klassiek ballet aan gewend zijn, vond ik gedateerd.

,,In het begin schreven veel Britse critici daarom dat ik `koud' was, meer een atlete dan een danseres. Ze herkenden niet wat ik deed, dus was ik `out of it'. Maar ik wist dat een deel van het publiek erdoor geraakt werd. Als ik hoorde ik dat iemand voor het eerst het verhaal van het Zwanenmeer had begrepen, bijvoorbeeld, of er voor het eerst iets bij gevoeld had, wist ik dat ik op een goed spoor zat. Het Zwanenmeer was voor mij geen simpel drama over een vrouw, maar een heel subtiele dubbelrol, vol nuances. Het was elke keer een fysieke en mentale martelgang om te bereiken wat me voor ogen stond. Als je het zwart-wit uitvoert wordt het stupide, een belediging voor de intelligentie. Voor een deel van het publiek is dat misschien goed genoeg – ze betalen geld voor een kaartje, en dan zijn er drie acts, het duurt lang, er staan veel mensen op het podium... Dan hebben ze een leuke avond. Zo gaat het al meer dan vijftig jaar. Maar aan dat soort uitvoeringen weiger ik mee te werken, en ik ga ze ook niet zien. Ik weet wat het is.

,,Van mij mag het klassieke ballet zich weer meer in een dramatische richting bewegen. De laatste jaren is het heel atletisch en technisch geworden. Jonge danseressen willen als kleine kindjes blijven, als kleine popjes, heel plat. Het ontbreekt ze aan sensualiteit. Om sensualiteit uit te kunnen stralen moet je iets te zeggen hebben. Als je dat niet hebt, verlaat je je geheel op de fysieke kant. Maar een pirouette op je hoofd doen brengt niet vanzelf tranen, of woede, of verliefdheid teweeg bij het publiek. Dat zegt: wow, en vijf minuten later praten ze alweer over wat ze in het restaurant zullen bestellen. De bedoeling is toch dat je het theater als een ander mens verlaat. Wat je gezien hebt, moet heel lang bij je blijven.''

Ongeschonden

Guillem is nu veertig. Voor een ballerina is dat oud. Doordat ze behalve over haar rollen en haar danspartners ook volledige zeggenschap heeft over de foto's die er van haar in omloop zijn, weet het publiek niet of, en zo ja hoe, de ouderdom al vat op haar krijgt. Vanuit de zaal lijkt haar lichaam in elk geval ongeschonden, fitter en strakker dan ooit; van dichtbij blijkt ook haar gezicht wonderlijk jong, met alleen een beetje grijs bij de wortels van haar lange, vuurrode haar, en wat lijntjes langs haar ogen en mond.

Denkt ze weleens aan stoppen? ,,Ik plan nooit. Ik ben meer het type die een trein ziet rijden en er dan op springt. Ik neem mijn beslissingen heel snel. Als mijn lichaam me zegt dat ik moet stoppen, dan zal ik luisteren. Maar ik weet nu niet wie ik dan zal zijn. Met alles wat ik nu beleef, kan ik me dat onmogelijk voorstellen.

,,Gewoonlijk neem ik in de zomer een maand vrij, maar dit jaar kwam er zoveel goeds voorbij dat ik maar ben doorgegaan. Misschien kan ik in maart een paar dagen nemen. Ik heb geen tijd te verliezen. Niemand heeft dat. Ik was me er als kind al van bewust hoe snel tijd voorbijgaat. Dertien worden vond ik vreselijk, woedend was ik. Twaalf was net zo leuk, en dan... Ik wist ook al vroeg dat een lichaam geen machine was, dat je er goed voor moest zorgen als je lang wilde doorgaan met dansen. Toen ik met ballet begon, lette niemand erop of je goed at, of je wel af en toe rust nam. Ik heb mijn informatie daarover zelf bij elkaar moeten sprokkelen. In de dans pushen ze je altijd verder, want er is geen geld. Nu hebben balletgezelschappen fysiotherapeuten in dienst, maar vroeger kwam er hier alleen af en toe een masseur langs, en een slechte ook nog. Maar ik was soepel en sterk – ik hoefde nooit tegen mijn lichaam in te gaan. Dat hielp me. Ik denk dat ik veel meer plezier had dan iemand die er niet echt voor gemaakt is, en zichzelf telkens moet kwellen.

,,Gisteravond trad ik op met de Ballet Boyz, vandaag heb ik bij het Royal Ballet Marguerite and Armand gerepeteerd. Het is vreemd om alle genres door elkaar te doen, en het doet pijn, natuurlijk – soms kun je de dag na een eerste repetitie van een nieuw werk nauwelijks lopen. Maar het is fantastisch. Ik krijgt zoveel manieren aangereikt om me uit te drukken, ik wil het allemaal doen. Ik heb me ooit buiten het klassieke repertoire bewogen omdat ik me bekneld voelde, maar als ik er nu naar terugkeer gaat het zoveel makkelijker. Het lijkt wel of ik ruimte schep als ik op het podium sta, alsof ik de tijd beheers. Ik durf er te ademen. Die sensatie is uniek.''

Sylvie Guillem and The Ballet Boyz in an Evening of Work by Russell Maliphant: `Rise and Fall', met `Broken Fall/ Two /Torsion'. Ma 31/10 en di 1/11 om 20.30 u in het Lucent Danstheater, Den Haag, tel. 070-8800333. Kaarten ook via het Haags Uitburo, 09008282999, of www.hollanddancefestival.com.