Het filmgenie achter Charlie Chaplin

Je maakt het zelden mee, maar nu wel: regelmatig verbreekt een onbedwingbare proestlach de museumstilte. Charlie Chaplin heet de tentoonstelling en Sam Stourdzé stelde hem deze expositie samen in een samenwerkingsverband tussen musea in Parijs, Rotterdam en Hamburg. Stourdzé schenkt alle aandacht aan Charlie, de dansante zwerver in het middelpunt van filmische meesterwerken als The Kid, The Gold Rush of The Circus. De expositie had net zo goed `Charles Chaplin' kunnen heten. Want Charlie is het vehikel voor het genie van de man erachter: Charles Chaplin (1889-1977). Om zijn brille draait alles wat Stourdzé opdiepte, vertelt en voor ons uitspreidt. En dat is veel.

Er kan genoten worden van Chaplins artistieke kwaliteiten en nieuw inzicht verworven over zijn manier van denken, zijn manier van doen. Intussen trekt een verbazend leven voorbij dat zich slingerde tussen de status van Hollywood-halfgod en, in 1952, uitzetting uit de Verenigde Staten als ongewenste vreemdeling. De sociaal bewogen toon van Chaplins films werd versleten voor een uiting van ongeoorloofde sympathie voor het communisme.

Samensteller Stourdzé is gespecialiseerd in fotografie. Hij maakte eerder exposities over fotokunstenaars als Tina Modotti en Dorothea Lange. Charlie Chaplins carrière vat hij samen in een ruime keuze uit duizenden foto's. We zien hem, steeds energiek, nooit in rust, voor en achter de camera. We zien hem op portretten en op studiofoto's. We zien hem als jonge komiek in fotoreeksen met verklarende bijschriften uit de jaren '10 van de vorige eeuw. Er zijn nieuwsfoto's en affiches. Er is door Charlie Chaplin geïnspireerde beeldende kunst, zoals de fotocollages van Fernand Léger en Erwin Blumenfeld – ze zijn aardig maar nooit meer dan een bleke schaduw van hun model.

Privémateriaal is schaars op deze tentoonstelling. Aan Chaplins soms scandaleuze persoonlijke leven wordt geen aandacht besteed. Terecht. Het gaat om iets anders. Iets dat blijkt zodra we ons achteroverbuigen en zicht krijgen op de beelden die boven de foto's worden geprojecteerd.

Vertoon bewegend beeld van Chaplin en het zuigt alle aandacht weg van de fotoreeksen, van de parafernalia, van de documenten, hoe bijzonder dat ook is. Samensteller Stourdzé kan er niet mee zitten. Hij koos beroemde fragmenten, de kadetjesdans uit The Gold Rush, het perverse spel met de wereldballon uit The Great Dictator of het stukje Modern Times waarin Charlie, dolgedraaid van het werken aan de lopende band, met zijn tangen achter een dame aanrent omdat hij de knopen op haar boezem aanziet voor aan te draaien bouten. (Onder dit filmfragment vertelt een foto over de invulling van de rol van de bewuste dame: actrices op een rij, en profil, want men zocht naar de meest imposante theetafel).

Er zijn ook verrassingen, zoals How to Make Movies (1918), waarin Chaplin de spot drijft met zichzelf als studiobaas. Of Kid Auto Race at Venice uit 1914, de tweede film waar hij ooit in speelde, of liever: optrad want wat we zien is een act. We herkennen Charlie al, zijn kostuum, zijn make-up, zijn motoriek. Geinig is hij, oergeestig. Alleen is deze Charlie een chagrijnige Wichtigmacher, zijn humor is nog niet gegrondvest op tot het uiterste doorgevoerde naïeveteit, dat moest Chaplin nog verzinnen.

Vooral de filmfragmenten illustreren Charlie Chaplins artistieke ontwikkeling. Ze vertellen van zijn strijd tegen de stem (hij voelde niets voor de sprekende film), onthullen zijn veeleisende regie, accentueren zijn kijk op vrouwelijk komisch talent. Doordat vergelijkbare fragmenten (slotscènes, dansjes etc.) letterlijk naast elkaar worden vertoond, markeren al die Chaplinfilmpjes samen de invloed van een talent dat tot op de dag van vandaag zijn weerga niet kent.

Tentoonstelling: Charlie Chaplin. T/m 15 jan. 2006 in de Kunsthal, Westzeedijk 341, Rotterdam, di t/m za 10-17u. Inl. tel. 010 4400301 of www.kunsthal.nl