Wadvogelsoorten hard in aantal achteruit

Het gaat slecht met de vogels in de Waddenzee, zo blijkt uit een onderzoek van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) dat vandaag op Texel wordt gepresenteerd. Het instituut onderzocht 34 wadvogelsoorten, waarvan 15 soorten significant in aantal achteruit gaan. ,,Vooral met schelpdier-etende vogels zoals scholekster, eidereend en kanoet gaat het slecht'', aldus de onderzoekers.

Het onderzoek betrof de periode 1992-2000 in de gehele Waddenzee in Nederland, Duitsland en Denemarken.

Vogelbescherming Nederland, die opdracht gaf tot het onderzoek, noemt het ,,opvallend'' dat de achteruitgang het duidelijkste valt waar te nemen in het Nederlandse deel van de Waddenzee. Dat heeft vermoedelijk te maken, zo stellen de onderzoekers, met de mechanische schelpdiervisserij in Nederland. Deze mechanische kokkelvisserij is vanaf dit jaar verboden. Het kabinet wil de vloot uitkopen.

Ook soorten die geen schelpdieren eten, zoals zilverplevier, bonte strandloper, tureluur en rosse grutto, hebben het moeilijk. Vogelbescherming Nederland bepleit de terugkeer van ,,cruciale elementen in het ecosysteem van de Waddenzee'', zoals schelpdierbestanden, natuurlijke mosselbanken en zeegrasvelden, en noemt het met rust laten van de wadbodem ,,essentieel''.

Van de Waddenzee in Nederland, Duitsland en Denemarken maken jaarlijks ongeveer 11 miljoen vogels gebruik, aldus Vogelbescherming Nederland, veel op doortocht naar andere gebieden.