Nooit meer Nederland

Na zeven jaar duimendraaien met een uitkering in Nederland verhuisde Mohamed Hassan naar Londen. Nu is hij een succesvol ondernemer.

Het Khayrat Call Centre in het rommelige Londense East End floreert zichtbaar. Bruine, zwarte, blanke en gele mensen zitten er zij aan zij te internetten. Alle plaatsen in het belhuis zijn bezet. Aan de andere kant van het smalle vertrek komen beurtelings mannen met stoppelbaarden of gesluierde vrouwen tevoorschijn uit telefooncellen, waar ze tegen lage tarieven met verre landen hebben getelefoneerd.

,,Kijk naar al die mensen met verschillende huidskleur, cultuur en godsdienst. Is het niet prachtig? Dit is echt het multiculturele Londen'', zegt Mohamed Hassan vergenoegd. Hij is een van de twee Somalische eigenaars van de zaak. Drie jaar geleden startten ze het bedrijfje met slechts vier computers. Inmiddels staan er zestien schermen in hun netjes verzorgde zaak, en enkele telefooncellen.

`Het bekijken van pornografische sites is streng verboden', staat er op borden die boven de computers hangen, want de eigenaars zijn belijdende moslims. William Booth, die een eindje verderop in de straat 140 jaar geleden het Leger des Heils oprichtte, zou goedkeurend hebben geknikt bij zoveel zedelijkheid.

Nog steeds is de 42-jarige Hassan, die zeven lange en frustrerende jaren doorbracht in Nederland, verbaasd over het gemak waarmee hij zijn bedrijf in Londen kon openen: ,,We moesten naar de belastingdienst om ons te laten registreren en ze controleerden even of we geen strafblad hadden. Dat was alles.'' De dienstdoende functionarissen vroegen zelfs nog of het tweetal misschien een lening nodig had voor wat startkapitaal. Dat was niet nodig, want via familie en vrienden hadden ze al genoeg. Daarna schakelden ze British Telecom in voor het aanleggen van enkele telefoonlijnen, en ze konden hun deuren openen.

Dat was hij in Nederland anders gewend. Ook daar had hij een eigen bedrijfje willen starten. ,,Maar je moest diploma's laten zien, die ik niet had, en je mocht alleen maar op bepaalde plaatsen in de stad je winkel openen. Het was allemaal te lastig, dus ik heb het idee toen laten varen.''

Met enige bitterheid denkt hij aan zijn tijd in Nederland terug. Weliswaar waren de mensen doorgaans vriendelijk en kreeg hij een uitkering – een woord, dat hij is gaan haten – maar hij en veel andere Somalische vluchtelingen raakten hoe langer hoe wanhopiger door het feit dat ze niet mochten werken. Pas toen hij na vijf jaar een Nederlands paspoort had gekregen, kon hij eindelijk wat tijdelijke baantjes krijgen als winkelbediende in de Markthof in Den Haag en op een postkantoor.

,,We waren gezonde, sterke mannen en we wilden graag iets doen met onze creativiteit'', zegt Hassan, die de trotse auteur is van een boek over de vermaarde Somalische dichter Abwaan Hadraawi. ,,Maar in Nederland wilden ze dat we passief bleven zitten'', zegt hij, en hij houdt zijn handen gebogen tegen zijn borst om een dode vogel met opgetrokken pootjes na te bootsen. ,,In zeven jaar tijd was er nauwelijks enige vooruitgang in m'n leven.''

Bij bezoeken aan Londen, waar in totaal zo'n 70.000 Somaliërs wonen, merkte hij dat zijn landgenoten met veel minder restricties en betutteling werden geconfronteerd dan hij in Nederland. Daarom besloot hij in 2000 met zijn Nederlandse paspoort op zak zijn geluk in de Britse hoofdstad te beproeven. Eerst werkte hij enige tijd bij een bank die was gespecialiseerd in overboekingen van migranten naar hun familie in ontwikkelingslanden. Na twee jaar besloot hij met een vriend voor zichzelf te beginnen.

Er zijn talloze `Nederlandse' Somaliërs zoals Mohamed Hassan, die eerst jarenlang als vluchteling in Nederland zaten maar uiteindelijk de wijk namen naar Groot-Brittannië. Niet alleen in Londen, ook in Sheffield, Leicester en andere steden wemelt het ervan. Deels is dat uit frustratie over de gebrekkige toegang tot de arbeidsmarkt in Nederland, maar ook speelt een rol dat Somaliërs graag onder elkaar zijn. De grote Somalische gemeenschap in Groot-Brittannië, de grootste in Europa, is eveneens een trekpleister.

Het migratiebeleid van de Labour-regering van premier Tony Blair hoort tot de meest liberale van Europa. Uit cijfers die vorige week werden vrijgegeven, bleek dat in 2004 een half miljoen buitenlanders zich in Groot-Brittannië vestigden, een record. Het leeuwendeel kwam uit de EU, vooral uit de nieuwe Oost-Europese lidstaten van de Europese Unie. Een gevolg van het feit dat Groot-Brittannië als een van slechts drie `oude' lidstaten besloot geen restricties op de arbeidsmarkt af te kondigen voor werknemers uit nieuwe lidstaten.

Hoewel er uit sommige kringen, onder andere de vakbonden, vooraf bezorgdheid was geuit over zulke open grenzen, verdedigde Blair dit besluit afgelopen week in vraaggesprekken met onder meer deze krant. ,,Ik geloof dat een beheerste immigratie, die is gekoppeld aan de behoeftes van de Europese economie, een goede zaak is, niet iets slechts'', aldus Blair. ,,Het is goed geweest voor onze economie. Ik constateer dat we ervan hebben geprofiteerd, Londen in het bijzonder.''

Ook Mohamed Hassan gelooft dat de Britse aanpak productiever is dan de Nederlandse. ,,Ik zou niet meer in Nederland willen wonen'', zegt hij. ,,Daar voelde je je gehandicapt met die eeuwige uitkering. Hier kan ik gelukkig wat bijdragen aan de samenleving en betaal ik ook belasting. Nooit heb ik een penny van de overheid gekregen. Ik zou niet eens weten waar je hier een uitkering aanvraagt.''