Levendige Schumann

Zeven repetities had Nikolaus Harnoncourt in 1979 nodig voor zijn eerste Mozartconcert bij het Concertgebouworkest. Zó anders was de `authentieke' uitvoeringsstijl van de dirigent die vier jaar eerder in Amsterdam een revolutie had veroorzaakt in de Bach-passietraditie. Deze week waren er vier repetities voor een concert met, net als in 1979, Mozarts toneelmuziek Thamos, König in Ägypten. Vooraf ging Schumanns Vierde symfonie, onderdeel van de Schumann-cyclus van Harnoncourt.

Na dertig jaar kennen Harnoncourt – inmiddels `honorair gastdirigent' – en de Amsterdamse musici elkaar door en door, en is het publiek vertrouwd met het feit dat bij Harnoncourt altijd alles anders dan anders klinkt. Harnoncourt is zelf trouwens zeer veranderlijk; hij wil zichzelf niet herhalen, en stopte daarom al vijftien jaar geleden met het uitvoeren van de passies van Bach.

Ook Harnoncourts interpretaties van de romanticus Schumann wisselen. Vorig jaar april duwde hij de Eerste symfonie nogal hardhandig in de richting van de klassieke Beethovenstijl. Maar in november klonk de Derde symfonie niet alleen streng, klassiek en helder, maar ook als bubbelende Rijnwijn. Nu kon men in de Vierde een ontwikkelingsgang van het `authentieke' musiceren beluisteren. Het begin klonk nog stug en gruizig maar geleidelijk kwam er vanaf de Romanze naast ontspanning en romantiek ook meer levendigheid en klankschoonheid.

Harnoncourt bleek in redelijk opgeruimde stemming, zijn gebaren bleven ver boven het mechanische gepuls op kniehoogte waarmee hij Mozart nogal eens hardhandig te lijf ging. De koren, tussenspelen en solistische delen in de Thamos-muziek uit de periode 1773-1779 klonken met dringende dramatische kracht, als voorstudies voor Don Giovanni (1787) en Die Zauberflöte (1791).

Typisch Harnoncourt èn ongelukkig is dat hij de goed zingende solisten (Malin Hartelius, Margriet van Reisen, Jan Kobow en Geert Smits) achter het orkest plaatst. Daardoor is de balans vaak niet optimaal, hoewel ze af en toe even naar voren mogen om te zingen naast verteller Gerd Böckmann, een voortreffelijke klassiek-Duitse acteur met een zeer presente dictie en nooit zonder een vleug cynisme.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest, Capella Amsterdam o.l.v. Nikolaus Harnoncourt. Gehoord: 26/10 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 27, 28/10. Radio 4: 6/11, 14.15 u.