Berekenen en betekenen

ING-bestuurder Rinnooy Kan wordt de nieuwe voorzitter van de Sociaal-Economische Raad, het belangrijkste economische overleg- en adviesorgaan van het land. Hij maakt met zijn overstap een spectaculaire inkomensduikeling: straks moet hij een jaar werken voor wat hij nu in een maand op zijn bankrekening krijgt bijgeschreven.

Het is een fantastische ontwikkeling. Hier is iemand die niet op de schopstoel zit en vermoedelijk veel meer geld verdient dan wat hij kan opmaken of ooit aan zijn erfgenamen wil nalaten. Hij heeft zich afgevraagd of er iets is dat hij nog graag zou willen doen dat hem meer waard is dan 1,3 miljoen euro per jaar. Het antwoord is ja, namelijk de publieke zaak dienen met de inzet van zijn kennis, zijn ervaring en zijn netwerk.

Ik ken Rinnooy Kan niet. Het gaat me ook niet om de man persoonlijk. Het belang van zijn stap ligt in het voorbeeld dat hij stelt. We hebben de afgelopen decennia een enorme toestroom van jong talent en ambitie gezien in de richting van geld verdienen. Carrières die vroeger eervol waren, zoals in wetenschappelijk onderzoek, geneeskunde, onderwijs of openbare diensten, zijn niet meer in trek. Dat zijn meisjesberoepen geworden. Voor een beetje stoere vent is het geld dat telt. In onze gesprekken en kranten vinden we dat schandelijk, maar juist door het te veroordelen bevestigen wij het belang. Over onbelangrijke dingen maak je je niet druk. Rinnooy Kan is een van de ING-bestuurders voor wie kort geleden nog de beloning met 60 procent werd opgetrokken, en daarmee is hij een van de zichtbaarste topverdieners in dit land. Uitgerekend deze man laat nu weten dat een miljoenensalaris niet het hoogst bereikbare is in het leven. En niet door erover te preken maar door een daad te stellen.

Juist de week voorafgaand aan dit bericht was er veel te lezen over wat scheidend Concertgebouw-directeur Martijn Sanders in ruim twintig jaar tot stand heeft gebracht. Hij heeft het Concertgebouw tot een begeerd podium gemaakt voor toporkesten en -solisten. Hij heeft met 800 uitvoeringen per jaar de hoogste bezettingsgraad van alle concertzalen ter wereld bereikt. Intussen heeft hij ook nog 45 miljoen gulden bij elkaar gebedeld om het hele gebouw opnieuw te laten funderen terwijl de concerten gewoon doorgingen. Sanders is er niet rijk van geworden, maar als hij 's ochtends voor de scheerspiegel staat, ziet hij een man die iets heeft neergezet en daar trots op kan zijn.

Diezelfde week kreeg ik een boekje in handen dat is uitgegeven bij het afscheid van Maarten de Vries als directeur van Wilde Ganzen: De man die hoop plantte en geluk oogstte. In bijna precies dezelfde 23 jaar dat Sanders aan zijn Concertgebouw werkte – wie zei er iets over het belang van carrièremobiliteit? – heeft De Vries met zijn Wilde Ganzen ruim 6.000 hulp- en ontwikkelingsprojecten in tientallen landen ondersteund, en daar 94 miljoen euro voor opgehaald. Opnieuw een man die bij zijn afscheid niet het grootste huis of banksaldo bezit, maar wel weet dat hij iets betekend heeft.

Amerika kent een lange filantropische traditie, waarin mannen die ooit als robber baron ofwel roofridder veel geld verdienden, enorme bedragen teruggaven aan de samenleving. ,,Meneer Rockefeller, uw vermogen is als een lawine. U moet het sneller uitdelen dan het aangroeit, anders zal het u vermorzelen – u, uw kinderen en uw kindskinderen.'' Deze omineuze woorden van een jonge predikant, Frederick Gates, waren het begin van de Rockefeller Foundation. Tijdgenoten als Mellon, Getty, Ford en Carnegie bleven niet achter, en zo zetten zij hun geldmacht in voor maatschappelijke doelen als onderwijs en onderzoek, gezondheidszorg en wereldvrede.

Dit is geen traditie van vroeger tijden: zij leeft. Microsoft-oprichter Gates, niet Frederick maar Bill, is met 50 miljard dollar de rijkste man ter wereld. Hij heeft 27 miljard gestopt in de Bill and Melinda Gates Foundation, die intussen op wereldschaal meer doet aan poliobestrijding dan de VN-gezondheidsorganisatie WHO. George Soros investeerde ten tijde van glasnost en perestrojka ruim een miljard dollar in de transformatie van de voormalige Oostbloklanden. Er komt een tijd in je leven, lijken deze initiatieven te zeggen, waar meer geld niets opbrengt of zelfs schadelijk is.

Uiteindelijk gaat het niet om de vraag wat je hebt gerekend maar wat je hebt betekend, en hoe je kinderen over je zullen spreken als je er niet meer bent. Was je de man met de meeste en de grootste huizen, of was je een inspiratie en een voorbeeld? Het hoeft niet om miljarden of miljoenen te gaan. Ik hoorde laatst van iemand die ik als ondernemer heb gekend. Hij had zijn bedrijf verkocht en zich bij een havo-mavo aangemeld als zij-instromende economieleraar. Hij vindt het heel zwaar, maar geniet van de glans in de ogen van zijn leerlingen wanneer hij economie tot leven brengt met voorbeelden uit de praktijk.

Wij spiegelen ons graag aan Amerika als het gaat om wat we behoren te krijgen. Ik hoor nooit zo veel over de retourstroom, over wat we aan de samenleving teruggeven. Misschien doen we dat wel, maar dan in alle bescheidenheid en in stilte. Misschien ook doen we het niet, omdat we zijn vergeten dat het erbij hoort of omdat we het nooit hebben geleerd. Rinnooy Kan zet een stap die andere topverdieners aan het denken kan zetten. Wanneer is genoeg genoeg, en zijn er soms andere manieren om iets te betekenen voor het land, voor het dorp of voor de straat? En dat niet op de manier waar je ook wel over hoort, dat enkele zakelijke krachtpatsers wel eens graag even het land, de politie of de gezondheidszorg in de houding zouden willen zetten. Het gaat uiteindelijk niet om heersen, maar om dienen. Met respect voor 's lands wijs, zoals met overleg en met polderen in de SER.