Terug: de kruisraket

Kruisraketten voor de Nederlandse marine? Vier van de zes moderne fregatten weg doen, om er kleinere patrouillevaartuigen voor te kopen, en de resterende twee voor `slechts' 57 miljoen voorzien van kruisvluchtwapens (30) van het type Tomahawk met een bereik van 1500 kilometer? Zodat een klein land bij de verdediging van de vrije wereld naast de VS en het Verenigd Koninkrijk zonodig in ,,het hoogste geweldsspectrum'' kan meedoen? Moeten we dat willen? Kunnen we onze bijdrage aan internationale crisisbeheersing niet beter richten op zaken waar Europese landen ook naar eigen oordeel zwak staan? Dus: inlichtingenwerk, gevechtstroepen (landmacht) en strategische transportcapaciteit (luchtmacht)?

Minister Kamp (Defensie, VVD) wil die kruisraketten, zoals hij de Tweede Kamer per brief heeft laten weten en afgelopen zaterdag nog eens uitlegde in deze krant (Opinie & Debat, pag. 17). Hij heeft gelijk wanneer hij zegt dat de emotionele lading die de kruisraket vijfentwintig jaar geleden hier te lande kreeg, nu geen rol mag spelen. Dat gebeurt toch, dus even terug naar toen.

Destijds ging het om de eventuele plaatsing van nucleaire Tomahawks in Nederland volgens het NAVO-dubbelbesluit van december 1979. Dat besluit was genomen als reactie op de al begonnen plaatsing van Sovjet-raketten voor de middellange afstand als de nucleaire SS-20, die West-Europa onder schot hielden. De Koude Oorlog woedde nog, in Nederland zag de PvdA in de kruisraket toentertijd een groot laatste polarisatiewapen tegen het net gevormde CDA, dat over die raket zeer verdeeld was. Wat ertoe had gevoerd dat Nederland in 1979 instemde met dat dubbelbesluit maar tevens een lang bewaard voorbehoud op de plaatsing van Tomahawks in eigen land aanmeldde.

Om dat dubbelbesluit was bij monde van de West-Duitse SPD-kanselier Helmut Schmidt gevraagd. Deze vreesde dat West-Europa in de ,,grijze zone'' van de middellange-afstandswapens politiek kwetsbaar zou raken door de toenadering van Washington en Moskou, in de zogenoemde SALT-akkoorden, over beperking van intercontinentale wapens. Zulke strategische-wapenakkoorden zouden de Europees-Amerikaanse ,,veiligheidskoppeling'' kunnen schaden. Om dat te voorkomen moest volgens Schmidt het evenwicht worden hersteld in die Europese ,,grijze zone''. Door wederzijds af te zien van middellange-afstandwapens of anders door een eigen NAVO-plaatsingsprogramma in West-Europa. Interessant is dat de VS (president Carter), als veiligheidsleveranciers aanvankelijk weinig voelden voor zo'n tweede verzekeringspolis, een herverzekering ten behoeve van de al beloofde veiligheid van de sceptische Europese vrienden. Interessant was ook dat Schmidt zijn Europese Navo-partners, ook Nederland, uitdrukkelijk om politieke rugdekking had gevraagd. Namelijk door te willen deelnemen in een eventueel plaatsingsprogramma. Eventueel, want er zouden geen kruisraketten worden geplaatst wanneer de Sovjet-Unie haar SS-20-raketten zou ontmantelen. Maar daarvoor voelde Moskou niets. Integendeel het aantal SS-20's groeide snel. Zodat eind 1982 in West-Duitsland, Italië en Groot Brittannië werd begonnen met plaatsing van wat uiteindelijk 572 NAVO-raketten zouden moeten worden. Of Nederland ook zou meedoen, bleef jaren de vraag, jaren waarin de massale emoties hoog op zouden lopen. Maar, anders dan de afgelopen dagen hier en daar te lezen was, op 1 juni 1984 kwam het eerste kabinet-Lubbers toch wél met een eigen dubbelbesluit, zij het vijf jaar later. Dat Nederlandse besluit kende zelfs een eigen kwantitatief toetsbare voorwaarde. Namelijk deze: pas indien de Sovjet-Unie per 1 november 1985 meer SS-20's zou hebben geplaatst dan per 1 juni 1984, zoals het geval zou blijken, zou ook Nederland instemmen met de (latere) stationering van 48 kruisraketten op zijn grondgebied. Anders gezegd: Nederland heeft indertijd wel degelijk een positief plaatsingsbesluit genomen. Alleen behoefde dat niet meer feitelijk te worden uitgevoerd omdat, zoals de NAVO-landen in 1979 hadden gewild, de VS en de Sovjet-Unie in 1987 alsnog een akkoord over wederzijdse ontmanteling (0-0) van kernwapens voor de middellange afstand bereikten.

Alles is nu anders aangaande de kruisraket daarin heeft Kamp gelijk. Maar dat betekent niet dat hij steun verdient voor zijn plan, waarover vooral de marine enthousiast zal zijn. Maar moet Nederland echt in de major league van de modernste krijgsmiddelen meedoen om de investering in twee fregatten nog rendabeler te maken? En hoeveel kapitaalvernietiging zou er dan zitten in het wegdoen (verkopen) van vier fregatten? Minister Kamp noemt de Tomahawk ,,een typisch onderhandelingswapen''. Dat mag zo zijn, maar met wie wordt dan, als puntje bij paaltje komt, eigenlijk onderhandeld? Met Nederland of eerder met grotere heren kruisraketbezitters als Amerikanen en Britten? Hoe zelfstandig inzake het gebruik of niet-gebruik van die wapens zou Nederland derhalve zijn? Zullen we maar zeggen: beperkt zelfstandig? De VVD staat achter Kamp, de PvdA is tegen. Beslissend is, net als een kwart eeuw geleden, het CDA. Dat wordt nog ingewikkeld voor de grootste regeringspartij. Kamp heeft het kabinet al overtuigd en rukt misschien straks ook nog op naar het VVD-lijsttrekkerschap in 2007. Wordt een besluit over de kruisraket, net als in de voorbije jaren tachtig, dadelijk weer vooral een kwestie van binnenlandse politiek?

J.M. Bik is medewerker van NRC Handelsblad.