Oorlog

,,Lang niet gezien, meneer!'' groet de caissière. Moet ik haar kennen? Ik onthoud slecht gezichten, maar laat dat niet graag merken: ,,Zegt u dat wel!'' ,,Hoe gaat het u?'' ,,Goed, met u?'' ,,Heel goed. Nou, u bent ook niets veranderd!'' ,,Mooi zo. Het Schnitzelparadijs, graag.''

Ze tikt in voor één kaartje. ,,Twee, alstublieft.'' ,,O, u gaat met iemand samen? Leuk voor u. Zeven vijfenzeventig.'' ,,Sorry, maar dat kan niet, voor twee kaartjes.'' ,,U hebt toch een diploma?''

,,Een diploma?'' vraag ik verbaasd. Nu aarzelt ze. ,,Hoe heet u dan?'' Ik noem mijn naam. ,,O, o, dan vergis ik mij. U lijkt sprékend op mijnheer Rietschoten, die hier altijd kwam. En die had een diploma, als oorlogsinvalide.''

Sportief laat ze het zo: ik mag voor half geld naar binnen. Maar ik blijf mij afvragen: welke oorlog dan? Hoe oud lijk ik?

Bijdragen van lezers zijn welkom via www.nrc.nl/ik