Directe vogeltrek uit griepgebieden

Vogeldeskundigen wezen er eerder op dat trekvogels afkomstig uit Azië naar het zuiden afbuigen en dus niet direct het H5N1-griepvirus naar West-Europa zouden kunnen overbrengen. Toch blijkt een beperkt aantal migrerende vogels vanuit Kazachstan Nederland te bereiken. Dat is de voorlopige conclusie uit het onderzoek naar ringgegevens dat ecoloog Arie van Noordwijk van het Nederlands Instituut voor Ecologie in Heteren momenteel uitvoert. Van Noordwijk heeft in de gegevens van de Nederlandse Ringcentrale drie vogels geveonden die in Kazachstan waren geringd: een pijlstaart, een reuzenstern en een tafeleend. Andersom trof hij meer dan 70 terugmeldingen van vogels die in Nederland waren geringd en in Kazachstan waren teruggevonden. Het gaat hier met name om eenden en ganzen, waarvan de kolgans, de smient en de pijlstaart de blangrijkste zijn. Volgens Van Noordwijk is het aannemelijk dat deze vogels tijdens de herfsttrek Nederland aandoen. Het is niet bekend welk percentage van de trekvogels is geringd. Van Noordwijk schat het aantal trekvogels dat in de herfst vanuit Kazachstan naar Nederland komt ,, in de duizenden''.