`Babysterfte Nederland kan omlaag'

Het aantal baby's dat in Nederland sterft kan met enkele honderden omlaag als zwangere vrouwen betere informatie krijgen. Het ontmoedigen van roken en overgewicht en het vergoeden van een tweede echo, kan de zogeheten `perinatale sterfte' terugdringen.

Dat concludeert het Rijksinstituut voor Volksgezondheid (RIVM) in het rapport Met de besten vergelijkbaar? Internationale verschillen in sterfte rond de geboorte. De studie vergelijkt Nederland met de twee landen in Europa waar de babysterfte het laagst is, Zweden en Finland. In Nederland overlijden jaarlijks 1.400 baby's voor of meteen na de geboorte (ofwel zeven op de duizend). In Finland en Zweden ligt dat aantal 30 tot 35 procent lager.

Aanleiding voor het onderzoek was de Peristat studie uit 2003 waaruit bleek dat Nederland flink was gedaald op de Europese lijst van landen met de laagste sterfte rond de geboorte. Momenteel behoort Nederland tot de middenmoot.

De sterfte van baby's rond de geboorte is nu stabiel in Nederland. Wel zijn diverse risicofactoren voor deze sterfte toegenomen. In vergelijking met de Europese landen met een lager perinataal sterftecijfer krijgen Nederlandse vrouwen vaker meerlingen vanwege vruchtbaarheidsbehandelingen. Zij roken ook meer tijdens de zwangerschap. Dit vergroot de kans op babysterfte. Het ontmoedigen van roken kan de sterfte met 4 procent verminderen, verwacht onderzoeker Peter Achterberg van het RIVM.

Nederland kent een relatief grote allochtone bevolking. Dat telt mee in de statistieken, want bij allochtone zwangere vrouwen is de kans op babysterfte groter. Bij niet-westerse bevolkingsgroepen komen suikerziekte, overgewicht, hoge bloeddruk of infecties vaker voor. Betere voorlichting aan migranten kan de babysterfte volgens het RIVM met 10 procent verminderen. Verder telt Nederland relatief veel oudere aanstaande moeders: een op de vijf is 35 jaar of ouder bij de geboorte van hun kind.

Als de overheid een tweede echografie (tussen de 18de en 20ste week van de zwangerschap) aanbiedt en vergoedt, zullen er 4 procent minder baby's sterven, stelt het RIVM. Met die echo kunnen afwijkingen bij de foetus worden opgespoord, waarna de ouders meestal kiezen voor abortus. Dit laatste telt niet mee in de cijfers van perinatale sterfte.

Dat de babysterfte ondanks de extra risicofactoren niet is toegenomen, kan volgens het RIVM wijzen op een verbetering van de verloskundige zorg en preventie.