Simons' gezellig vette `Asielzoeker'

Een reusachtige luchtmatras: daar doet de vloer van opbollend plastic aan denken. Het decor wekt associaties met seks, en die bezigheid is in De asielzoeker dan ook niet onbelangrijk. Maar het tegendeel, de weigering om anderen aan te raken, speelt een even grote rol. Tenminste, in de roman van Arnon Grunberg waarop dit toneelstuk van NTGent is gebaseerd.

De première van De asielzoeker vrijdag - in potentie de toneelgebeurtenis van het jaar - was het startschot voor het feestelijke openingsweekeinde van het nieuwe Belgische gezelschap NTGent. Nederlandse regisseur Johan Simon heeft zijn Eindhovense gezelschap ZTHollandia opgeheven en is in Gent opnieuw begonnen. Dat werd dit weekeinde verder gevierd met een bonte avond van Zwitserse regisseur Christoph Marthaler, nog een première, De Rollende Road Show van Wunderbaum, drank, dans en toneel.

In Grunbergs Asielzoeker ontwaakt de ontgoochelde schrijver Beck uit zijn sluimerstand als zijn vriendin Vogel doodziek wordt en aankondigt met een asielzoeker te gaan trouwen. Beck vrijt al vier jaar niet meer met haar. Liever gaat hij naar de hoeren, naar vrouwen die hij niet kent. Beck is bang voor intimiteit – en voor mensen in het algemeen. Op het waarom geeft de roman uitgebreid antwoord. Ook het hoe van Becks inspanningen om anderen van zich af te houden komt er ruimschoots in aan bod. Dat verschilt nogal van de theaterversie van regisseur Johan Simons. Verschanst Beck zich bij Grunberg achter een façade van ijselijke beleefdheid, bij Simons is dat uit formaliteit gesmede pantser vervangen door een laag vet. Misplaatst vet op het plastic.

Acteur Wim Opbrouck, die Beck speelt, valt op door zijn zwaarlijvigheid. Beck in de roman valt juist niet op en wil geen lijf zijn. Opbrouck doet zeker zijn best om niet vet te spelen, maar om hem met schuddende buik op het blote achterwerk van een van de andere spelers te zien slaan, wordt toch erg koddig. Die koddigheid doet geen recht aan Grunbergs grimmige humor: die komt immers voort uit schrijnende eenzaamheid.

Johan Simons is uitgegroeid van regisseur van locatietoneel in de provincie tot lieveling van de Europese theatervoorhoede. Zijn werk heeft zich hieraan aangepast. Van contactarme onderklassers, van boeren en arbeiders en ander simpel volk, verschoof zijn interesse naar de slimmere middenklasse. Beck is een kunstenaar net als Johan Simons – en Simons wil intellectuelen en kunstenaars uit hun isolement bevrijden. Dus accentueert hij Becks mogelijkheid tot verbondenheid met zijn medemensen. Maar zo'n hoopvol aspect is in de roman van Grunberg slechts in de kiem aanwezig.

Bovenop Becks' vriendin (Elsie de Brauw) ligt de asielzoeker (Servé Hermans). Hij verkrijgt zo een legale status en helpt zijn bruid in één moeite door van haar gedwongen onthouding af. We bekijken een klassiek trio, weliswaar in een ongebruikelijke pose, met Beck die al slaand naast het paar staat, maar toch een bij elkaar horend drietal, dicht opeengekropen in de lege ruimte. Het ziet er gezellig uit, zelfs wanneer Beck over zijn eenzaamheid vertelt, die hier verre van schrijnend is.

Hij doet dat meestal in de derde persoon en in de verleden tijd. De twee anderen doen dat ook. Het gaat steeds over Becks rampzalige passie om illusies door te prikken, een passie die op zichzelf ook een illusie is, al veronachtzaamt Simons dat detail. Hij veronachtzaamt ook een detail van zijn eigen regiestijl: dat zijn verteltheater eveneens illusies doorprikt en met dezelfde desastreuze gevolgen.

Hoeveel illusieloosheid verdraagt een toeschouwer? Diep teleurstellend is het moment dat Becks dode vrouw ineens weer begint te praten. Opnieuw in de derde persoon, wat haar woorden nog ongeloofwaardiger maakte. Aan enige vervreemdingseffecten zijn we wel gewend. Maar te veel vervreemdingseffecten creëren vrijblijvendheid. En niets is daar zo weinig bij gebaat als het dwingende meesterwerk van Arnon Grunberg.

Voorstelling: De asielzoeker, naar Arnon Grunberg, door NTGent. Gezien: 21/10 Schouwburg, Gent. Tournee t/m 20/12. Inl: 0032-92250101 en www.ntgent.be.