Designvilla's voor de leiders

Vooral een kleine groep machthebbers profiteert van de economische opbloei in het Koerdische deel van Noord-Irak. De gewone burgers klagen over corruptie en vriendjespolitiek.

Twee designkeukens glimmen in de showroom van de nieuwe Noord-Iraakse villawijk Dreamcity. Een Koerdisch echtpaar, hij in een double-breasted pak, zij in een gele mantel met bijpassende hoofddoek, laten hun handen over kasten en aanrecht glijden. Over anderhalf jaar moet hun villa aan de rand van de stad Arbil zijn afgebouwd.

Een breed lachende verkoper wringt zich in bochten om alle inbouwapparatuur, hoekkasten en designkranen aan het echtpaar te demonstreren. Van de in totaal 1.200 villa's die straks ten zuiden van Arbil moeten verrijzen, is de helft al verkocht. Met prijzen tussen de 150.000 en 650.000 euro zullen de bewoners van Dreamcity voornamelijk VIPs zijn, zegt makelaar Jabbar Mazem.

Belangrijke personen in Arbil zijn hoge partijleden van de Koerdistan Democratische Partij (KDP), de machthebbers in dit gedeelte van Noord-Irak. Het zal hun in Dreamcity aan niets ontbreken. Er komen scholen, Westerse supermarkten en internetverbindingen. Het complex zal geheel worden omringd met hoge muren en beveiligd door bewakers. ,,Niemand kan zo maar binnenkomen'', verzekert Mazem. ,,Wie hier woont is veilig voor de buitenwereld.''

Niet dat het zo gevaarlijk is in deze hoofdzakelijk door Koerden bewoonde regio waarvan de twee samenstellende delen sinds 1991 door respectievelijk de KDP en de concurrerende Patriottische Unie Koerdistan (PUK) worden bestuurd. Nu het centrale bewind van Saddam Hussein is verdreven door hun Amerikaanse bondgenoten, kent het zelfvertrouwen van deze Koerdische partijen geen grenzen. Megaproject na megaproject wordt gestart. Onlangs is er een internationaal vliegveld geopend in Arbil met vluchten naar Frankfurt en Beiroet. In Sulaymaniya, waar de PUK heerst, wordt gewerkt aan enorme hotels. Er zijn niet alleen verkiezingen voor de Assemblee in Bagdad, maar ook voor het eigen Koerdische parlement. De Amerikaanse president George Bush haalt Koerdistan vaak aan als democratisch en economisch voorbeeld voor heel Irak.

Maar achter de leuzen over voorspoed en democratie groeit de onvrede onder de Koerdische bevolking. De economie groeit, maar vooral een kleine groep machthebbers profiteert daarvan. Met een gemiddeld maandsalaris van 200 euro per maand hebben de meeste Koerden weinig aan de megaprojecten, of ze moeten er een baantje als bewaker krijgen.

Terwijl bulldozers de bouwgrond voor Dreamcity vlak maken, is er in Noord-Irak nog steeds maar een paar uur elektriciteit per dag. Sinds vorige week is er geen benzine verkrijgbaar voor gewone Koerden. Zwarthandelaars die overal staan, verkopen brandstof tegen woekerprijzen. Wie de juiste mensen kent of geld heeft, kan rijden. Grondverkopen en bouwcontracten gaan vrijwel exclusief naar degenen dichtbij de macht. Iedereen hier heeft wel een verhaal over corruptie, vriendjespolitiek of machtsmisbruik door leden van de twee grote partijen.

,,Een leraar mocht een stuk grond kopen nabij het nieuwe vliegveld, maar een paar maanden later werd hij gedwongen het weer terug te verkopen aan de overheid. Tegen hetzelfde bedrag'', vertelt Najad Ahmad (26), eindredacteur van de onafhankelijke Koerdische krant Hawlati. De grond was nodig voor Dreamcity. Afgelopen week was er een vechtpartij op een middelbare school in Arbil. Een van de jongens, zoon van een KDP-lid, haalde er vier militieleden bij die de tegenstander afranselden. ,,Nepotisme is onderdeel van het dagelijks leven'', legt Ahmad uit.

Het politieke leven in Iraaks Koerdistan wordt volledig beheerst door de KDP en PUK. ,,Het probleem is dat de twee partijen en de overheid hier identiek zijn'', zegt dissident Nabas Goran (26). ,,In Koerdistan is er geen burgerschap; je bent partijlid of niet.'' Goran is mede-oprichter van de beweging Tarmaie (Schaduw). De niet-partijgebonden studenten en intellectuelen die lid zijn van Tarmaie, willen corruptie aanpakken en eisen meer inspraak voor gewone burgers.

De Koerden mogen stemmen, dus er is democratie, zo redeneren de machthebbers. Tegelijkertijd weigeren beide partijen nog steeds de twee delen van Iraaks Koerdistan te fuseren tot één bestuursregio; een stap die tot een echte verkiezingsstrijd zou kunnen leiden. Voor de gewone Koerd eindigt democratie bij de stembus. Van rechtszekerheid, scheiding der machten en soms zelfs vrijheid van meningsuiting is geen sprake.

Dat ondervonden de leden van Tarmaie een paar weken geleden. In reactie op een anti-overheidsdemonstratie in de Koerdische stad Kalar wilden 30 leden van de groep ook in Arbil de straat op gaan. Bij de demonstratie in Kalar waren acht mensen gewond door politiekogels, maar het doel van de bijeenkomst, meer uren stroom, werd wel bereikt. ,,Het is ons duidelijk geworden dat de partijen alleen naar burgerlijke ongehoorzaamheid luisteren'', vertelt Goran. Maar demonstreren zonder overheidstoestemming in Arbil is verboden, en achter ,,iedere boom'' stonden veiligheidsagenten. De bijeenkomst moest worden afgeblazen.

Tarmaie staat niet alleen. Sinds de Iraakse parlementsverkiezingen van januari heeft zich een ommezwaai voltrokken onder de Koerdische bevolking. De partijen die vóór de val van Saddam Hussein heilig waren, hebben voor veel mensen in deze vorm afgedaan als serieuze opties voor de toekomst. Veel Koerden zijn hierom niet gaan stemmen in het referendum over de Iraakse grondwet van 15 oktober (al meldde de overheid dat in de provincie Arbil ruim 84 procent was gaan stemmen).

De politieke stemming in Koerdistan is veranderd, vindt eindredacteur Najad Ahmad (26) van de krant Hawlati. ,,De Koerdische burgers hebben het gevoel dat de hele wereld nu naar Irak kijkt, dus veel mensen durven hun mening te uiten.'' De KDP is volgens hem duidelijk geschrokken. Zo is onlangs besloten tot de oprichting van een jongerenparlement. ,,Maar kritische jongeren hebben direct afstand genomen van het initiatief. Met een handtekeningenactie lieten ze weten dat het jongerenparlement de jeugd niet vertegenwoordigt.''

De voorzitter van de fractie van de KDP in het parlement, Nasih Ghafoor Ramadan, kent de klachten van het volk, maar hij wil er niet dieper op ingaan. ,,Mensen hebben het recht om te klagen, maar sommigen overdrijven'', vindt hij. ,,We hebben nu eenmaal problemen met toelevering van benzine en elektriciteit, dat zal nog wel even zo blijven'', zegt een woordvoerder van de partij.

Volgens dissident Goran is verandering onvermijdelijk. ,,Hier is zo lang niets veranderd dat mensen boos en gefrustreerd zijn geworden. Men is kritisch geworden en denkt voor zichzelf'', zegt hij. ,,Daar móet iets uit voortkomen.''