`In Engeland is het respect voor werk groter'

In het Verenigd Koninkrijk kun je breedbandinternet bij de supermarkt en het benzinestation krijgen. De concurrentie is heftig, merkt de Nederlandse topman van BT, Ben Verwaayen. Een gesprek over verdienvermogen, vangnetten en flexibiliteit – ook in Nederland. ,,Waar het aan ontbreekt, is de spirit.''

Ben Verwaayen, de Nederlandse topman van het Britse telecombedrijf BT, is al acht jaar weg uit Nederland. Maar vanuit Londen volgt hij nog op de voet wat er aan de overkant van de Noordzee gebeurt. Wat hij ziet, bevalt hem maar matig. ,,Nederland is minder relevant geworden'', zegt hij, terwijl hij zijn tanden zet in een broodje in zijn werkkamer in het hart van de City, met een fraai uitzicht op St Paul's- Cathedral.

Doordringend kijkt hij door zijn ronde brillenglaasjes en haalt recente cijfers aan over het vestigingsklimaat in Europa. Nederland is van de topdrie, waarin het vroeger verkeerde, naar de zestiende plaats gezakt. ,,Dat is ook logisch'', stelt Verwaayen. ,,want het gaat tegenwoordig om flexibiliteit en innovatie. Nederland schiet daarin tekort.''

Een veeg teken is volgens hem dat Brits-Nederlandse bedrijven zoals Royal Dutch Shell de laatste tijd overschakelen van een dubbel naar een enkel paspoort. En dat is niet langer Nederlands. ,,Pas nog las ik in jullie krant dat de Randstad-bestuurders zeggen: we missen flexibiliteit.'' De Randstad hoorde vanouds bij de topvijf van de agglomeraties in Europa, nu is ze naar de op een na laatste plaats gezakt op een lijst van twintig.

,,De tekenen zijn overal'', vervolgt Verwaayen. ,,Je hoeft eigenlijk niet lang te zoeken om te zien dat er wat moet gebeuren. De kwestie is alleen: zijn we bereid het probleem onder ogen te zien. En zijn we dan bereid tot maatregelen die drastisch genoeg zijn? En doen we het snel genoeg?'' Met instemming citeert hij de Franse staatsman Talleyrand, die heeft gezegd dat men het onvermijdelijke met kracht dient te bevorderen.

Wat is uw eigen recept voor vernieuwing?

,,Een echt recept heb ik niet, wel elementen. Die liggen op het vlak van de ontwikkeling van kennis, van ondernemerschap en fiscale maatregelen. Talent moet meer worden aangemoedigd. Bedrijven en universiteiten moeten nauwer samenwerken, het wetenschappelijk en technisch onderwijs heeft nieuwe impulsen nodig. Ondernemerschap moet sterker worden aangemoedigd, ook met fiscale maatregelen. En het potentieel van vrouwen en etnische minderheden moet veel krachtiger worden benut. Uit die elementen moet je een goede cocktail samenstellen, waar natuurlijk ook een Europese dimensie aanzit. De Europese landen ontkomen er niet aan op deze punten samen te werken.''

Lopen de Britten voorop in dit opzicht in Europa of valt dat tegen?

,,Ik denk dat het meer een Europees probleem is. Het Verenigd Koninkrijk verkeert weliswaar in een betere positie omdat de economie hier gemengder van karakter is. Het is ook een iets hardere samenleving, de verliezers en de winnaars verliezen en winnen sterker. Maar ook hier durven ze de problemen vaak niet echt aan te pakken. Ook hier zijn er te weinig goed opgeleide jongeren die bedrijven opzetten, en schort het aan de economische emancipatie van de vrouw.''

Maar de Britse arbeidsmarkt is toch de meest flexibele van West-Europa?

,,Dat is zo en de regering is hier zeer marktgericht. Maar het gaat helemaal niet om dit soort dingen. Het is geen wedstrijd tussen Europese landen. Het gaat om een wereld die kleiner wordt door nieuwe technologie, die meer keuzes biedt. Het gaat om concurrentie op wereldschaal. Er is onmiskenbaar een verschuiving van het werk zoals we dat nu kennen van west naar oost. Soms stopt die in de Tsjechische republiek, soms gaat die verder naar het oosten.''

De productie vertrekt en de dienstensector blijft over?

,,Het gaat niet langer om eindproducten, maar om processen, die in de wereld verdeeld worden. Je kan je fabricage in China hebben, je ontwikkeling in India, je marketing in Amerika en je management in Amsterdam. Je kan je technologie tegenwoordig zo stroomlijnen dat het lijkt of je naast elkaar zit.''

Ziet u dit proces als iets weldadigs?

,,Ja, dat is op zichzelf heel goed, want de wereldeconomie, de pizza waar we allemaal van eten wordt er groter door. Maar we hebben geen vanzelfsprekend recht op een vast stuk. We zullen dus moeten kijken: wat betekent dit alles voor je innovatie, voor je bedrijfsleven, je arbeidsmarkt, de relatie tussen je onderwijs en je arbeidsmarkt? Je zult dat allemaal op de schop moeten nemen in de wetenschap dat als je niets doet, je door anderen wordt ingehaald. Want als ik iemand kan krijgen die hetzelfde beter kan voor een fractie van de prijs, is het in de economie zo dat je dat moet doen. In Europa hebben we daarop nog geen antwoord.''

U ziet dus niets in de huidige discussie van een Angelsaksisch tegenover een continentaal Europees model?

,,Dat is allemaal voor academici. Velen willen graag een beschaafde samenleving overeind houden met een goed sociaal vangnet. Daar ben ik ook hartstikke voor. Maar we moeten het wel kunnen betalen. Ik heb het niet over de verdeling van het geld. Veel mensen gaan er automatisch van uit dat dat er wel zal zijn. Ik heb het over het verdienvermogen van de samenleving. Wat is je toegevoegde waarde? We kunnen het echt niet allemaal in de dienstensector zoeken.''

U leidt een bedrijf dat in de frontlijn ligt van de technologische vernieuwing. Hoe denkt u zich staande te houden in de wereldmarkt?

,,In de telecom vervagen de grenzen. De wereld was netjes ingedeeld in mobiele communicatie, vaste communicatie, datacommunicatie, spraakcommunicatie en videocommunicatie. Elk had zijn eigen domein, zijn eigen netwerk. Ik ben van de generatie die denkt dat je een televisie nodig hebt om televisie te kijken, een telefoon om te telefoneren en een computer voor e-mail. Mijn zoon van 26 werkt in New York als consultant. Die denkt dat ik gek ben. Die trekt uit zijn binnenzak een PDA, waarop alles is gebundeld. Hij kijkt televisie, terwijl hij telefoneert. Nou, dat is wat wij op grote schaal gaan doen: integreren. En de mix tussen video, data of spraak is aan de klant zelf.''

Waar liggen de internationale ambities van BT?

,,Buiten het Verenigd Koninkrijk werken we alleen voor grote bedrijven, niet voor individuele consumenten. De groot-zakelijke markt is goed voor tweederde deel van onze business. Dat zijn vaak bedrijven die overal gevestigd zijn, zoals Visa. Een deal die we sluiten met Reuters brengt ons op 18.000 plekken in de wereld, van de Oeral tot Midden-Afrika en tot het hartje van de Verenigde Staten. Dergelijke klanten kunnen erop rekenen dat als ze hun pc openen, ze altijd en overal diensten krijgen van dezelfde kwaliteit.''

Hoe ziet u de Europese markt? Blijft er een beperkt aantal spelers over?

,,Er zijn twee scholen. De territoriale school stelt dat je telecombedrijven in geografische zin aan elkaar moet binden. Dat betekent dat Telefónica de Tsjechische PTT koopt. De andere school, meer mijn lijn, is dat de telecommarkt niet horizontaal maar verticaal is. Wij proberen niet in de eerste plaats de omvang van ons netwerk uit te breiden maar zoeken meer naar bedrijven met een specifieke expertise. Onlangs hebben we bijvoorbeeld van Reuters het bedrijf Radianz overgenomen, dat een goed netwerk heeft voor dienstverlening aan financiële instellingen.''

Ziet u KPN als zelfstandig bedrijf overleven?

,,Ik zeg geen woord over KPN. Dat is veel te beladen, omdat ik er zelf lang heb gewerkt.''

De tendens is toch meer richting concentratie in de markt? Blijven er dan niet minder spelers over?

,,Wie zal het zeggen? Een algemene wijsheid is het niet. Misschien komen er wel meer spelers. Er zijn in de geliberaliseerde Britse telecommarkt meer spelers dan ooit. Honderden komen erbij. De markt is hier meer concurrerend dan in Amerika. We hebben meer dan 180 internetserviceproviders en 12 infrastructuurbedrijven die om de klanten vechten. Je kunt hier breedbandinternet bij de supermarkt en het benzinestation krijgen. Iedereen wil meedoen en er is een keiharde concurrentie. Ik ben daar een groot voorstander van. Ik denk dat bedrijven in zo'n omgeving beter voor hun klanten en voor zichzelf presteren. Het leidt tot zeer lage tarieven voor de consument. Eerlijk gezegd denk ik dat er concentratie én versnippering zal zijn. Ik denk dat je zowel wereldspelers zult zien zoals Vodafone als zeer wendbare lokale spelers. Meer conventionele bedrijven daartussenin zouden wel eens in de problemen kunnen raken.''

En BT?

,,BT behoort tot de mondiale spelers.''

U heeft in Nederland, de VS en het Verenigd Koninkrijk gewerkt. Hoe valt de vergelijking tussen die landen uit?

,,Een belangrijk verschil is dat het hebben van werk veel meer waarde heeft in de Angelsaksische wereld dan op het continent. Ik heb in Amerika vaak gezegd tegen mensen: ik werk bij Lucent. En dat was het einde van het verhaal. Niemand vroeg wat ik daar dan deed. Of ik nou doorman of chairman was maakte geen bal uit. Het feit dat je werkt levert respect op. En wat mijn vader deed hebben ze helemaal nooit gevraagd. Ook in Engeland is het respect voor werk groter dan in continentaal Europa. Daar wordt werk eigenlijk meer gezien als een noodzakelijk kwaad. Behoud van inkomen staat er centraal, met andere woorden de vruchten van werk, niet het werk zelf. Er is ook veel meer debat over inkomen in Nederland dan over werk.''

Waar schort het verder aan in Nederland?

,,Het is niet een gebrek aan goede mensen. Die zijn er volop. Waar het aan ontbreekt, is de spirit. In het midden- en kleinbedrijf draait het om mensen met ideeën en lef, die innovatie brengen. Dat moet je stimuleren, prikkelen. Dat gebeurt onvoldoende. Als het vermogen van een land om geld te verdienen minder belangrijk is dan de verdeling van het verdiende geld, tast dat op den duur economisch gesproken de veerkracht van de bevolking aan.''

Hoe heeft het in Nederland zo ver kunnen komen?

,,Als je aan mensen vraagt wie ze het minste vertrouwen in Nederland, dan noemen ze politici als eersten, meteen gevolgd door grote ondernemers en journalisten. Dat zijn toevallig wel de smaakmakers, de opinieleiders. Het is dus een samenleving geworden die alternatieve bronnen van inspiratie zoekt. Als Nederland tot stilstand komt als André Hazes overlijdt, betekent dat dat informele leiders het hebben overgenomen van formele leiders.

,,Het vertrouwen in de formele leiderschapsstructuur ontbreekt. Dan heb je een groot probleem. Je moet het vertrouwen van de bevolking in de toekomst zien te winnen met een duidelijke blauwdruk van de toekomst. Juist daarom heb ik voor een Commissie-Wagner nieuwe stijl gepleit, die net als ruim twintig jaar geleden zou moeten zorgen voor een blauwdruk voor het economisch beleid. Ik heb weinig respons op die suggestie gekregen. Het grappige is dat in de VS, die in veel opzichten verder zijn dan wij, op verzoek van het Congres net een rapport is verschenen van een soortgelijke commissie. Daarin hadden mensen zitting van vooraanstaande universiteiten en grote bedrijven. Ze dringen met name aan op een versterking van de kennissector en van onderzoek.''

Bent u nog van plan weer naar Nederland terug te keren?

,,Ik heb nooit aan carrièreplanning gedaan en ik heb hier nog heel veel werk te doen.''