Centrum voor vervolgde toonkunstenaars gekort

De Oostenrijkse Orpheus Trust speurt naar het werk van vervolgde en vergeten (toon-)kunstenaars. Duizenden verloren gewaande werken zijn inmiddels teruggevonden. Nu wordt de stichting in haar voortbestaan bedreigd.

Het heeft Karl Weigl niet gebaat, dat Arnold Schönberg hem eens `de grootste Oostenrijkse componist van de oudere generatie' noemde. Na zijn emigratie naar de Verenigde Staten in 1938 is de kunstenaar en leraar danig vergeten. Pas meer dan 50 jaar na zijn dood 1949 in New York was er in zijn geboortestad Wenen weer een opvoering van zijn Pianoconcert voor de linkerhand.

De late thuiskomst van deze vergeten muziek is uitsluitend aan de Oostenrijkse Orpheus Trust te danken, een kleine organisatie met een grote naam – en met grote successen. Na de oprichting in 1996 door de van oorsprong Nederlandse Primavera Gruber heeft de stichting tot nog toe informatie verzameld over 5.264 verdreven componisten, zangers en andere soorten musici. Dat enorme aantal duidt erop dat Wenen zoiets als de wereldhoofdstad van de muziek was, voor de Tweede Wereldoorlog.

,,Wij houden ons met alle kunstenaars bezig die ergens binnen de voormalige Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie geboren zijn of opgeleid'', zegt Primavera Gruber. En die onder het nazi-bewind in Oostenrijk moesten vluchten, omdat ze joods waren, of links of modernistisch. Na de oorlog bleken hun plaatsen te zijn ingenomen door anderen, zegt Gruber, die de trust leidt: ,,Alleen Schönberg is teruggevraagd, verder niemand.'' De trust is in feite een documentatiecentrum voor deze nooit teruggevraagde (toon)kunstenaars.

Bij haar naspeuringen traceerde Gruber ongeveer 170 naar Nederland uitgeweken musici zoals Paul Pella en Alma Rosé. Bekender is misschien Cilli Wang, die afgelopen zomer op 96-jarige leeftijd overleed in Wenen als ,,een gedaante uit een vroegere tijd'' zoals deze krant schreef. In dat verleden was ze in Nederland beroemd als `transformatie-danseres', die bewonderd werd door zowel Menno ter Braak als door Wim Kan.

Inmiddels heeft de trust 11.000 werken in het archief, waarover jaarlijks ongeveer 300 vragen van onderzoekers binnenkomen. De teruggevonden nalatenschappen vereisen ordening en reanimatie. ,,Muziek moet je horen'', zegt Gruber. Het is een bekroning op het werk als het lukt om met een vergeten stuk weer een concertgebouw te vullen.

Een recente triomf is de herontdekking van Vally Weigl, vrouw van Karl en zelf ooit een vermaard componist. Zij maakte vooral naam met haar muziektherapie, maar raakte na haar vlucht naar Amerika in vergetelheid. ,,De uitvoering van haar werk was zo'n succes, dat een muziekproducent een cd heeft laten opnemen.''

Hoe lang Primavera Gruber en haar in deeltijd werkende collega hun werk nog kunnen blijven doen is de vraag. Op het ogenblik subsidieert de stad Wenen het werk van de twee vrouwen met 73.000 euro per jaar, een bedrag waarvan ook tentoonstellingen en uitvoeringen moeten worden betaald. ,,Zo kunnen wij niet meer verder'', zegt Primavera Gruber. ,,Als we niet meer geld krijgen moeten we stoppen.'' Het gemeentebestuur wil de subsidies alleen maar verhogen, als ook de staat meebetaalt. Maar die weigert. Waarom? Gruber: ,,Daarover kun je alleen speculeren.''

Meer op: www.orpheustrust.at