Castrato ma non troppo

Welke boeken zijn aanraders voor beginnende en geoefende lezers? Welke leeslijstklassiekers hebben de `literaire X-factor'? Een tweewekelijks rondje langs de eeuwige jachtvelden van de wereldfictie brengt Pieter Steinz bij De virtuoos van Margriet de Moor.

,,Deze roman is beslist niet in mineur geschreven'', zei Margriet de Moor in 1993 over De virtuoos, haar vierde boek en het eerste na de AKO-prijswinnende roman Eerst grijs dan wit dan blauw. Het klonk verontschuldigend, alsof ze door middel van een boek met `niet te veel kruisen of mollen, zoals in barokmuziek' duidelijk wilde maken dat ze heus niet alleen maar zwaar op de hand kon zijn. De virtuoos, het lichtvoetig en dromerig geschreven verhaal van de liefde tussen een edelvrouw en een castraatzanger, was inderdaad iets compleet anders. Verdwenen was de sombere, laaglandse sfeer van moeizame relaties en zoekende personages die haar verhalenbundels en Eerst grijs dan wit dan blauw had gekenmerkt. De virtuoos was een feestelijk, zonnig boek, zonder al te grote drama's, en met twee hoofdpersonen die het leven niet al te zwaar opvatten.

De virtuoos uit de titel is Gasparo Conti, een zanger die – niet eens tegen zijn wil – op jonge leeftijd is ontdaan van zijn zaadstrengen en testikels en zo als sopraan kan blijven zingen. De andere hoofdpersoon is zijn vroegere dorpsgenote Carlotta Caetani, de dochter van een verbannen Napolitaanse edelman. Hun liefde is eigenaardig; Gasparo leeft voor zijn kunst en is in weinig anders dan muziek en zangtechniek geïnteresseerd. Carlotta heeft een open marriage met haar vrijzinnige echtgenoot en valt niet alleen op Gasparo's witte jongenslichaam maar ook op de roem die van hem afstraalt. Castrati waren de popsterren van de 18de eeuw. Ze waren sekssymbolen die misschien niet zo potent waren als Brad Pitt of Justin Timberlake, maar die (anders dan je zou denken) wel tot een orgasme konden komen – zij het met een zogeheten droogstoot.

Margriet de Moor gaat de details van deze eigenaardige en kort durende liefdesrelatie niet uit de weg; ze ontpopt zich in De virtuoos als iemand die sensueel en elegant over seks kan schrijven. De fysieke liefde is volgens Carlotta een van de weinige dingen die `de vreemdeling, de mens in dit leven' openstaan: `De roes. Spel, dronkenschap, verliefdheid, muziek: gelukkige ogenblikken in een wereld die niet de jouwe is.' Dat haar geliefde haar altijd vreemd zal blijven, kan haar niet deren. In dat opzicht is ze zoals de andere personages uit de boeken van De Moor, die moeten leren leven met het feit dat ze hun dierbaren de ruimte moeten geven. In Eerst grijs dan wit dan blauw, waarin een vrouw voor twee jaar haar man verlaat, kan de echtgenoot dat niet – de roman is dan ook een tragedie. In De virtuoos loopt het goed af, zelfs al eindigt het boek met het melancholieke afscheid van Gasparo en Carlotta. Je zou het een komedie kunnen noemen, als dat niet ten onrechte de suggestie wekt dat er iets te lachen valt. Want hoeveel kwaliteiten Margriet de Moor ook heeft, een humoriste is ze niet.

`Woorden hebben een betekenis en muziektonen ook', mijmert Carlotta, wanneer op een feest ter ere van een non in spe een ernstige psalmtekst op een vrolijke manier wordt uitgevoerd. `Wat gebeurt er wanneer de twee kolossale systemen van taal en muziek zich met elkaar verenigen?' De vraag wordt niet beantwoord, maar hij echoot na bij iedere lezer die De virtuoos dichtslaat. Waarschijnlijk is de tweede roman van Margriet de Moor, de klassiek geschoolde zangeres die schrijfster werd, haar geslaagdste poging om muziek en taal te laten versmelten. Een mooi voorbeeld van haar – in Kreutzersonate expliciet geformuleerde – literaire motto `Don't play the notes, just humanize them'.

Reacties: steinz@nrc.nl