Bij de radio betekent meer marktwerking minder keuze

Door te overwegen klassieke muziek uit de ether te halen, toont het NOS-bestuur zich een slecht beheerder van cultuur, vindt Maarten Huygen.

In deze herfstvakantie heeft de commerciële zender voor klassieke muziek om half negen 's morgens een uurtje voor kinderen gereserveerd. Dan zendt Classic FM fragmenten uit van onder andere Peter en de Wolf, de Notenkraker en het Zwanenmeer. Ook worden klassieke kinder-cd's verspreid. Directeur Pieter Buijs ziet klassieke muziek niet als een verloren zaak voor kinderen en jongeren, in tegenstelling tot het cultuurpessimisme van de publieke omroep.

Achter het bureau van Buijs in het studiogebouw van het overkoepelende Sky Radio in Naarden hangt een gouden plaat voor de verzamel-cd van Classic FM: er staat Vivaldi op met De vier jaargetijden, Mozart (Don Giovanni), en liederen van Franz Schubert gezongen door Barbara Hendricks.

Normaal verkoopt op dit allervluchtigste medium nieuw beter dan oud, maar voor klassieke muziek geldt het omgekeerde: hoe ouder de muziek, des te populairder. De 20ste eeuw is op Classic FM nauwelijks te horen, want die is op wat gemengde neo-genres na minder gewild dan het repertoire van de grote componisten uit de 18de en 19de eeuw. Het vaste repertoire wordt slechts mondjesmaat ververst, er zijn niet meer dan zes mensen nodig om deze zender te onderhouden. Daarin lijkt Classic FM op andere commerciële zenders. Liefhebbers kunnen neerkijken op deze music for the millions, maar het is een manier om artistieke overlevering voort te zetten.

Buijs begrijpt wel dat de meeste jongeren naar popmuziek luisteren. Dat deed hij vroeger ook. Je wil dan horen wat nieuw is. Maar hij ziet op latere leeftijd de belangstelling groeien voor muziek die de eeuwen heeft doorstaan. Door klassieke muziek te presenteren in populaire fragmenten en hoogtepunten slaagt hij erin meer publiek aan te trekken. Hoewel zijn klassieke radiostation de naam FM geen eer meer aandoet en alleen nog op de kabel is te horen, heeft hij met 2,2 procent een hoger marktaandeel dan het op FM uitgezonden publieke Radio 4.

Nu overweegt het NOS-bestuur ook de publieke klassieke zender, Radio 4, uit de ether te halen. Nederland is een wereldmacht in de uitvoering van klassieke muziek. Het is, om in het taaltje van Economische Zaken te spreken, eenhoogkwalitatieve creatieve industrie van formaat. Maar op FM is binnenkort waarschijnlijk níéts van de beroemde orkesten en uitvoerders te horen. Dat voorspelt weinig goeds als de NOS de culturele rol moet overnemen van de op te heffen NPS.

Als Radio 4 verdwijnt, moet de liefhebber van live registraties van het Concertgebouworkest een duur kabelabonnement nemen. De kabelexploitanten UPC en Casema zullen dankbaar zijn voor dit nieuwe monopolie. Op Palmzondag geen Matthäus Passie meer in de auto. Niets ten nadele van de originele publieke FM Randstadzender FunX die Radio 4 een groter marktaandeel zou geven met betere advertentietarieven, maar vrijwel de hele FM-schaal streeft al naar een aandeel in de jonge onderbuik, terwijl slechts een kwart van de hele bevolking tot de jongerendoelgroep behoort. Een publieke zender moet juist een alternatief bieden voor wat er al is.

De Nederlandse overheid is erin geslaagd de FM-bandbreedte te uniformeren. Als je de nationale FM-bandbreedte doorloopt, hoor je behalve gepraat hoofdzakelijk bonka-bonka-deuntjes. Dat is het gevolg van de invoering van marktwerking op FM door de schrijftafel-economen van het kabinet. Twee jaar geleden hield de staatssecretaris van Cultuur een veiling van FM-radiofrequenties. Niet de beste, maar de rijkste zenders kregen voor acht jaar de frequenties. De overheid incasseerde in totaal 324 miljoen euro.

Veel commerciële zenders maken nu verlies. Om al dit biedingsgeld te kunnen terugverdienen, proberen de commerciële zenders een zo groot mogelijk publiek bij elkaar te sprokkelen door zich op de grootste gemene deler te richten. Zelfs de frequenties die voor een bepaalde muzieksoort waren bestemd, worden aan pop besteed. Bij de biedingen op de voor klassiek of jazz bestemde FM-frequentie verloor de klassieke muziek van Arrow smooth jazz die weinig met echte jazz heeft te maken. Ook met jazz is Nederland een wereldmacht. Het is verbazend hoe vlijtig de overheid de muziekinfrastructuur op de radio afbreekt. Meer markt betekent bij de radio minder keuze.

Wat een verschil met de vele mogelijkheden tussen FM-radiostations van een aantal Amerikaanse grootstedelijke gebieden. Daar wordt elke doelgroep bediend door een FM-zender, moderne rock, klassieke rock, soul, r&b, klassieke jazz, moderne jazz, klassieke muziek, populair of moeilijker, verscheidene etnische muzieksoorten, talkshows, universitaire zenders, een publieke zender – noem maar op. Hoewel er in Amerikaanse grote steden minder publieke zenders zijn dan hier, is de radio er beter. Voor goede radio is niet veel geld nodig, het is een basismedium.

De Amerikaanse overheid verkoopt de ether niet maar verkavelt frequenties met het oog op diversiteit. Helaas staat ook in Amerika de diversiteit onder druk door schaalvergroting van radiobedrijven, maar de Nederlandse overheid doet het veel slechter. Die verkoopt éérst de ether en commercialiseert vervolgens de publieke radio.

De overheid heeft al rechtsgedingen verloren wegens gebrekkige motivatie of verkeerde toewijzingen bij de veiling.

In plaats van bij de pakken neer te zitten, kunnen de medewerkers van Radio 4 hun marktaandeel vergroten door zich meer op serieuze klassieke luisteraars te richten, onder wie ook jongeren, en minder toe te geven aan hobby's van medewerkers. Ze moeten dieper blijven gaan dan Classic FM. Maar Buijs vindt dat de publieke concurrentie het hem wel erg gemakkelijk maakt door bijvoorbeeld laat in de avond de hitlijsten van `wereldmuziek' uit te zenden.

Onderzoek eens waarom automobilisten zo weinig luisteren. Tijdens het file-uur zendt Radio 4 nauwelijks muziek uit, maar gaat het over culturele ditjes en datjes. Geef automobilisten in plaats daarvan de prestaties van een Nederlandse creatieve traditie.