Koffie van een eetlepel

George Howell reist de hele wereld over op zoek naar de perfecte koffie. ,,Het is een queeste.''

George Howell drinkt vaak koude koffie. Sterker nog, hij drinkt bij vóórkeur koude koffie. ,,Hoe kouder de koffie, hoe beter je kan proeven of het echt goede koffie is'', zegt hij. ,,Een slechte koffie wordt bitter als hij afkoelt. Een goede koffie alleen maar beter.''

George Howell wordt gedreven door koffie. Hij slurpt het, spuugt het. Hij laat de bonen door zijn handen glijden. Door koffie-experts wordt hij gezien als een van de grootste kenners ter wereld.

Hij werd rijk door, tien jaar geleden, zijn 24 koffiecafés `Coffee Connection' in Boston te verkopen aan concurrent Starbucks. De miljoenen die hem dat opleverde, stellen hem in staat de hele wereld te bereizen, op zoek naar de beste bonen. Hij is koffieambassadeur. Samen met zes anderen is hij `The George Howell Coffee Company', die lezingen geeft, en overal ter wereld koffies proeft. De beste koffies verkopen ze via internet en speciaalzaken onder de naam Terroir Coffee. Howell is ook de geestelijk vader van de `cup of excellence', een koffiewedstrijd, waarin koffieboeren de gelegenheid krijgen hun koffie aan te bieden aan vakjury's. Via internet worden de `winnaars' vervolgens vermarkt.

Howell heeft geen favoriete koffie, zegt hij. ,,Elke nieuwe, geweldige, koffie die ik proef kan me weer dat `for the first time' gevoel geven. Ik ontdek nog altijd nieuwe smaakprofielen. Het is een queeste. Ik kies niet, ik ben een verzamelaar.''

Het had ook wijn kunnen zijn, lacht hij. Maar hij begon met een koffiecafeetje in Boston in 1974, omdat daar toen nog geen goede koffie te vinden was, en twintig jaar later waren het er 24. Op zijn website staat een kindertekening van kleinzoon Chris waarop een mannetje te zien is dat zichzelf aan een touw een berg ophijst. Op de top staat een kopje koffie. `George climbs mountains for coffee'' staat er onder. Denk de Andes, denk de Agung op Java waar de beste koffies vandaan komen. Howell is overal geweest.

Deze week is hij in Nederland om het boek El Camino del Café (De Weg van de Koffie) te promoten, een boek van fotojournalist Olaf Hammelburg dat het koffieproductieproces van koffieboon tot koffiekopje in beeld brengt. Afgelopen dinsdag waren we te gast bij Dick de Kock, eigenaar van de Coffee Company cafés in Amsterdam, om koffies te proeven, Howell noemt het `cupping'.

Het is een groot slurpen, van een eetlepel. Een geslurp zoals alleen de liefhebber dat kan, zoals je ook professionele wijnliefhebbers hoort doen. Met veel geraas zuigt Howell de koffies naar binnen, ,,om er zoveel mogelijk lucht bij te laten komen''. Dan spugen. Dán pas is de koffie geproefd. ,,Geen suiker, geen melk.''

Howells ideaal: de vandaag door hem als `geweldig' betitelde koffies in de winkels te krijgen. En de koffieboeren die de koffies verbouwd hebben in staat te stellen hun oogst één op één te verkopen aan de (westerse) consument. Nu is dat nog onmogelijk. In het huidige productieproces worden kleine hoeveelheden prachtige koffies, die Howell `jewels' noemt, nog door coöperaties door elkaar gehusseld en als grote, anonieme bulkzendingen, naar Europa vervoerd. Smaakpareltjes verdwijnen in één grote berg koffie van middelmatige kwaliteit.

Wat Howell wil, is dat er in de supermarkten, net zoals er nu Bourgogne, Champagne en Merlot wijnen zijn, óók Sidamo en Yirgacheffe koffies komen. Koffies vernoemd naar de streek of de boerderij waar ze vandaan komen. In dat model krijgen kwaliteitsboeren een meerprijs voor hun koffie. Dat is goed voor de boeren, maar óók voor de consument, zegt Howell.

Voor een leek, zoals ik, is het heel lastig te bepalen wat Howell deze ochtend heeft ontdekt in de glaasjes die voor onze neus staan. Ik probeer het ook. Die uit Kenia bijvoorbeeld, díe smaakt naar cassis. En die Robusta (een slechte koffie die er speciaal voor mij is tussen gezet) ruikt inderdaad naar een papieren zak. Maar waarom is nummer vier nou beter dan nummer vijf. En wat helemaal een raadsel blijft, waarom is die `Sidamo', een koffie uit Ethiopië, zo geweldig? Daar roepen de mannen enthousiast ,,fantastic, elegant, en `absolute clean taste' over. Dat wordt nog moeilijk aan het publiek verkopen, denk ik. Dat is ook moeilijk, maar kijk naar wijn, zegt Howell. Die stond tweehonderd jaar geleden óók in de kinderschoenen. Net als koffie nu.

Na afloop is hij tevreden. Hij krijgt het zakje `Sidamo' mee. Hij stopt het in de jaszak van zijn ietwat shabby regenjas. Het pakketje gaat in het hotel in de vriezer van de minibar en dan terug naar Amerika. Om het lekker zelf thuis te roosteren, te malen, te zetten en te koesteren. Hij klopt op zijn jas. ,,This is what you dream of'', zegt hij lachend.

Donderdag 27 oktober geeft George Howell in het Lloyd Hotel in Amsterdam vanaf 17.00 uur een lezing en zullen aansluitend bijzondere koffies geserveerd worden. Dan wordt tevens het boek `De weg van de koffie' gepresenteerd.