Gewelddadig Haïti gevangen in chaos

Verkiezingen voor een nieuwe president in Haïti zijn voor de tweede keer uitgesteld. De situatie blijft chaotisch in het armste land van Latijns Amerika.

Aan enthousiasme voor wat het democratische proces wordt genoemd, ontbreekt het in Haïti in ieder geval niet. Het wordt zelfs dringen op het stembiljet. Al 33 mannen en één vrouw hebben laten weten dat ze graag president willen worden van het veruit armste land van Latijns Amerika.

Maar door administratief wanbeheer en organisatorische moeilijkheden zijn de verkiezingen die op 20 november zouden worden gehouden voor de tweede keer uitgesteld. Tot nader order. De registratie van kiesgerechtigden is nog niet voltooid. En er is hoogoplopende ruzie over de vraag of sommige presidentskandidaten constitutioneel wel gerechtigd zijn om deel te nemen.

Bijna twee jaar nadat president Jean-Bertrand Aristide door een volksopstand gedwongen werd Haïti te verlaten, is de situatie onverminderd chaotisch. De massale aanwezigheid van VN troepen (7.400 man), buitenlandse politieagenten (1.500 man) en vrijwel alle denkbare hulporganisaties is niet genoeg gebleken om van het acht miljoen inwoners tellende Haïti een stabiel land te maken.

De situatie is zo zorgwekkend dat zowel Veiligheidsraad van de Verenigde Naties als de Amerikaanse regering deze week het bewind van waarnemend premier Gérard Latortue hebben opgeroepen er alles aan te doen om dan toch uiterlijk in december eerlijke en vrije verkiezingen te laten houden. Ter aanmoediging van het democratische proces heeft de Europese Unie deze week een bedrag vrijgemaakt van 72 miljoen euro aan ontwikkelingshulp dat vijf jaar geleden uit protest tegen corrupt bestuur was geblokkeerd.

Een groot probleem is de registratie van de kiezers. Jeeps, ezeltjes en helikopters zijn ingezet om ook de meest afgelegen gebieden van het land te bezoeken om kiezers te werven. Volgens Louise Brunet van de Organisatie van Amerikaanse Staten hebben zich tot nu toe een slordige 3,2 miljoen kiesgerechtigde Haïtianen gemeld. ,,We denken dat dit zo'n zeventig procent is van het totale aantal mogelijke kiezers. Zeker weten doen we het niet omdat onduidelijk is hoeveel Haïtianen de laatste jaren zijn geëmigreerd naar landen als Canada en de VS.''

Volgens Brunet zijn er nog steeds dorpjes die niet zijn bereikt. Ook in sommige sloppenwijken van hoofdstad Port-au-Prince kunnen niet alle kiezers worden geregistreerd wegens aanhoudende gewelddadigheden. De registratie is eerst verlengd maar nu definitief gestopt.

Een van de belangrijkste problemen in Haïti blijft de gebrekkige openbare orde. De VN-commissaris voor de mensenrechten op het eiland, Thierry Fagart, noemt de situatie in Haïti ,,catastrofaal''. Zijn team van dertig waarnemers heeft reeksen van twijfelachtige arrestaties en martelingen vastgesteld. De nationale politie van Haïti zou eigenhandig executies uitvoeren.

Begin deze maand werden vijftien politieagenten opgepakt op verdenking van moord. Ze zouden in augustus in een voetbalstadion zes mensen om het leven hebben gebracht. Ook veel straatbendes oefenen nog steeds ongestraft terreur uit. Sinds het vertrek van Aristide zijn bij gewelddadigheden ruim duizend mensen om het leven gekomen.

Door de sociale, economische en milieuproblemen kunnen veel Haïtianen nog steeds niet in hun eigen onderhoud voorzien. Het Wereldvoedselprogramma (WFP) helpt dagelijks 800.000 mensen in het land aan eten. Het gaat om zwangere vrouwen, kinderen onder vijf jaar en patiënten met aids of tuberculose. ,,Voor de meeste mensen is dit de enige maaltijd die ze per dag tot zich nemen'', zegt Anne Poulsen van het WFP.

De regering van Haïti streeft er nu naar om de presidents- en parlementsverkiezingen voor kerstmis te houden. Maar er is gedoe over de kandidaten voor het hoogste ambt. De kandidaat van de in Zuid-Afrika wonende Aristide, de katholieke priester Gerard Jean-Juste, zit bijvoorbeeld sinds juli in de gevangenis op beschuldiging van betrokkenheid bij moord op een journalist. Hij is nog niet officieel in staat van beschuldiging gesteld maar kan door zijn gevangenschap niet voldoen aan het vereiste zich in persoon bij het kiesbureau kandidaat te stellen.

En dan is er nog een kansrijke kandidaat die niet mag deelnemen als het aan de huidige regering ligt. Het gaat om de 66-jarige Haïtiaanse zakenman Dumarsais Simeus. Hij heeft fortuin gemaakt met een voedselbedrijf in Texas en wil naar eigen zeggen met zijn in de Verenigde Staten beproefde zakelijke talenten Haïti uit het ravijn halen. Maar premier Latortue wil Simeus laten vervolgen wegens bedrog omdat de zakenman niet zou hebben opgegeven dat hij ook de Amerikaanse nationaliteit heeft. De grondwet staat niet toe dat een presidentskandidaat een dubbele nationaliteit heeft. De kwestie moet snel worden opgelost want diezelfde grondwet bepaalt ook dat op 7 februari volgend jaar in ieder geval een nieuwe machthebber het roer moet overnemen.

van kiezers