Proces tegen Saddam Hussein verdaagd tot eind november

Het in Bagdad begonnen proces tegen de verdreven Iraakse leider Saddam Hussein heeft gisteren ongeveer drie uur geduurd en zal pas op 28 november worden voortgezet. Veel getuigen á charge durven niet te verschijnen uit vrees voor wraakacties, zei de voorzitter van het speciale tribunaal waarvoor de 68-jarige Saddam terecht staat.

Tijdens de openingszitting zei een strijdbare Saddam zichzelf nog steeds als president te beschouwen en de legitimiteit van de rechtbank niet te erkennen. Ook verklaarde hij, met de koran in zijn hand, ,,niet schuldig'' te zijn aan de aanklacht betreffende het bloedbad in Dujail, waarover dit eerste proces tegen hem gaat.

De vertraging van het proces komt niet overwachts. De verdediging had al voor aanvang aangekondigd om verdaging te zullen vragen omdat zij vindt veel meer tijd nodig te hebben om zich goed voor te bereiden. Maar volgens de Koerdische voorzitter van de rechtbank, Rizgar Mohammed Amin, heeft het uitstel vooral te maken met de angst van getuigen. Rechter Amin zei dat dertig tot veertig mensen niet zijn komen opdagen omdat ,,ze te bang waren om in het openbaar te getuigen''.

Volgens de aanklacht zijn Saddam en zeven medeverdachten die gisteren ook terecht stonden, verantwoordelijk voor de standrechtelijke executie van meer dan 140 dorpelingen in Dujail en de deportatie en jarenlange opsluiting in detentiekampen van honderden anderen, onder wie vrouwen en kinderen. Dat gebeurde in 1982 als vergelding voor een mislukte aanslag op Saddam in het dorp.

Het tribunaal, twee jaar geleden ingesteld door het Amerikaanse civiele bestuur in Irak, telt vijf rechters. Alleen de identiteit van voorzitter Amin werd vlak voor het begin van het proces bekendgemaakt. Uit veiligheidsoverwegingen kwamen ook de gezichten van de vier andere rechters niet in beeld op televisieopnamen die met een vertraging van zo'n twintig minuten werden uitgezonden. Ook werd bijvoorbeeld niet getoond hoe een kleine worsteling ontstond toen bewakers Saddam bij de armen wilden pakken om hem weg te geleiden en hij hen van zich afschudde.

Saddams verdediger, Khalil al-Dulaimi, prees het beleefde optreden van rechter Amin, maar had weinig goeds over voor de aanklagers, wier namen ook niet bekend zijn gemaakt. Zij maken er een politiek proces van, aldus Dulaimi. Zijn in Londen verblijvende confrater Abdel Haq Alani, die de verdediging van Saddam coördineert, sprak over ,,een theateropvoering''.