Jongensschoon en kanonnenvoer in het weeshuis

Ze zien eruit alsof ze allemaal door Memling geschilderd zijn, de Russische jongetjes die in The 3 Rooms of Melancholia in beeld komen. Het eerste deel van de film bestaat voor meer dan de helft uit close-ups van hun gezichten, tenminste zo lijkt het – als je het ziet en als je terugdenkt aan al die geloken ogen, al die wangen met een zweempje rood, al dat vel dat er nog uitziet alsof het gisteren is gemaakt, ook al zijn deze jongens tussen de elf en veertien jaar oud. Rupsen worden vlinders als ze volwassen worden, maar bij deze kinderen lijkt het omgekeerde het geval. Nu zijn ze nog vlinders.

De visuele kracht van al dit onschuldige jongensschoon wordt door een aantal omstandigheden versterkt. Op de eerste plaats het feit dat ze allemaal identiek gekleed zijn, in militaire uniformpjes. Op de tweede plaats dat ze wonen in Kronstadt, een eilandje in de buurt van Sint Petersburg waar matrozen in 1921 in opstand kwamen tegen het communistische bewind. Nu is er een militaire academie, een project van president Poetin, waar vooral kinderen van gesneuvelde militairen en andere wezen of half-wezen opzitten. De school ziet eruit alsof het nog steeds, of weer, 1921 is; Poetin wil er de militaire traditie van de tsaren nieuw leven inblazen.

Dit eerste deel van de film, of de eerste kamer, heet dan ook `nostalgie'. Soms verschijnt er een naam in beeld en vertelt een voice-over heel kort de geschiedenis van een kind. Sergejs vader was alcoholist en zijn moeder probeerde hem uit het raam te gooien. Sindsdien woonde Sergej op straat. Zijn gezicht is door zijn harde leven nog niet getekend.

The 3 Rooms of Melancholia is een film van de Finse regisseur Pirjo Honkasalo (1947). Eerder maakte zij onder meer Atman, die in 1996 op het IDFA de Joris Ivens Award won. The 3 Rooms of Melancholia won er vorig jaar de Amnesty International Doen Award.

Het tweede deel van de film is heel anders dan het eerste. We zijn niet meer in Kronstadt maar in Grozny, de hoofdstad van Tsjetsjenië en met die wisseling van plaats verdwijnen kleur en kinderen uit de film. In een desolaat stadslandschap van bomkraters en verwoeste flats dat onvermijdelijk aan Tarkovski's Stalker doet denken, zijn vooral honden op straat. Maar als de camera naar binnen gaat, eisen toch kinderen de hoofdrol weer op. In zo'n flat waar geen leven meer in lijkt te zitten, moeten drie kleintjes afscheid nemen van hun moeder, die ziek in bed ligt. Honkasalo filmde het met een gevoel voor tijd dat we kennen uit de Iraanse films van vooral Kiarostami. Steeds maar weer zegt het kleine jongetje dat hij bij zijn moeder wil blijven en steeds maar weer zegt de mevrouw van het weeshuis dat dat niet kan.

In het derde deel gaan we vlak over de grens naar Ingoesjetië, naar het weeshuis, en maken we op de uit het eerste deel bekende manier kennis met een aantal bewoners. Een Russisch jongetje heeft zijn geheugen verloren nadat hij door Russische soldaten is verkracht en wil nu als Tsjetsjeen en als moslim verder leven.

Gaandeweg de film worden de thema's van Honkasolo duidelijk. Ze filmde de kinderen die om zo te zeggen klaargestoomd worden om het conflict in Tsjetsjenië voort te zetten, ook al gebeurt dat soms zachtaardig en met goede bedoelingen. Ze geeft niet veel informatie over het conflict in Tsjetsjenië. De oorlog zou elke oorlog kunnen zijn, ook al heeft Honkasalo zich veel moeite getroost om in dít oorlogsgebied te kunnen filmen. Het is alsof de regisseur zich expres zo ver mogelijk heeft gehouden van een gewone documentaire, laat staan van een reportage voor televisie of, nog erger, een nieuwsitem. Dit is FILM.

In haar kunstzinnige benadering slaat ze soms een beetje door. De muziek van Sanna Salmenkallio lijkt bijvoorbeeld niet alleen door je oren, maar door alle lichaamsopeningen naar binnen te willen dringen. Het lijkt wel Celine Dion bij Titanic. En Honkasalo's esthetiek nivelleert een beetje: een bomkrater is net zo mooi als een paleis.

Maar in haar beelden heeft Honkasalo de kitsch die het onderwerp kinderen en oorlog nu eenmaal aankleeft weten te vermijden. Dat is de kracht van deze film. Honkasalo's kracht gaat eigenlijk nog verder. Hoe zij filmt dat die jongetjes op de academie in Kronstadt een liedje zingen in de klas. Ze moeten zingen, natuurlijk, en dan toch dat plezier in het maken van de gebaren die bij dat liedje horen, bij dat ene jongetje op de eerste rij. Wie dat ziet, kan overal een film over maken.

The 3 Rooms of Melancholia (Melancholian 3 huonetta). Regie: Pirjo Honkasalo. In: 17 bioscopen (Cinema Delicatessen).