Het beeld

Naast ons gedogen van drugs, euthanasiebeleid en het homohuwelijk is er nog een Nederlandse gewoonte die in de rest van de wereld met enig ongemak wordt aanschouwd: de thuisbevalling. Dat de geboorte van een baby in het Aalsmeerse Big Brother-huis gisteren wereldnieuws vormde, heeft ook te maken met de internationale verbazing over een cultuur waarin een intieme en vertrouwde omgeving bij het krijgen van een kind belangrijker wordt gevonden dan het gemak en de relatief geringe risico's van een (poli)klinische bevalling.

Nederlanders, en vooral niet-kijkers naar het programma Big Brother (Talpa), zullen zich eerder verbaasd afvragen hoe het in godsnaam mogelijk is om in een als huis vermomde televisiestudio, voor het oog van talloze camera's, die intimiteit te kunnen ervaren. Zeker na het verraad door de redactie van Big Brother aan Tanja, de alleenstaande moeder van de gistermorgen om 11.18u geboren Joscelyn Savanna, had dat vertrouwen immers beschaamd kunnen zijn. Maar hoewel Big Brother het geslacht van het ongeboren kind, dat Tanja niet wilde weten, aan de kijkers en aan haarzelf onthulde, bleef ze toch in het huis wonen. Daar moest wel stevige sociale druk aan van pas komen, ook van Tanja's moeder, die als beloning bij de bevalling aanwezig mocht zijn.

Er was Talpa, productiemaatschappij Endemol en hoofdredacteur Hummie van der Tonnekreek veel aan gelegen dat `Big Baby', de eerste in een Big Brother-huis geboren zuigeling ter wereld, op naam zou komen te staan van het land waar het programma uitgevonden werd. Tanja mocht niet weggestemd worden, ook al konden de andere medebewoners haar en haar privileges soms wel schieten.

De dubbele dagelijkse aflevering van gisteren, met een montage van een uur van beelden van de bevalling, bewees weer eens dat bij emotionele gebeurtenissen tegenstellingen van meer banale aard snel vergeten worden. De bewoners ijsbeerden als vaders in een ouderwets ziekenhuis, en stelden voor dat voortaan 18 oktober in de hele wereld een dag van vrede moest worden.

Nadat om half vijf 's morgens de harde buiken elkaar steeds sneller opvolgden, betraden twee verloskundigen het huis. Naar het zich liet aanzien werd de hele bevalling, zoals gebruikelijk in het programma, geregistreerd door vaste, op afstand bestuurde camera's. Het werd een mooie montage, geholpen door het ideale tijdstip van de geboorte, als je om half acht uitzending hebt.

Bijzonder was vooral de keuze van Tanja om haar pijn niet te laten zien en horen. De camera's toonden dus haar verkrampte gezicht en, in een close-up die je niet snel vergeet, haar gebalde vuist. Meer dan in menige documentaire stelde de kies in beeld gebrachte bevalling je in staat mee te leven met de ontlading, met de morele overwinning die het voor moeder Tanja betekende. Ze had zich niet laten kisten: niet door de redactie, niet door de andere bewoners, niet door de pijn. Ik werd er behoorlijk door ontroerd, meer door de moeder dan door de voorspelbaar hoopvolle beelden van nieuw leven. Maar ook een beetje door de intensiteit van deze authentieke televisiemomenten in een formule die vaak kunstmatigheid en manipulatie doet vermoeden.