Grüsse aus Nord-Holland

In het Noord-Hollandse vakantiehuisje blijkt de schnitzel gevuld te zijn met satésaus.

Weinig is zo treurig als een uitgestorven bungalowpark in de herfst. De gordijnen van de meeste huizen zijn gesloten. Vanaf de vensterbanken lachen houten eenden je onbenullig toe. De opzichter zal straks zijn rondje met de blazer moeten maken om de herfstbladeren van de keurige paadjes te verwijderen.

Aan de kentekens van de auto's op de parkeerplaats te zien zijn Duitsers hier de enige bezoekers. Ook de kleine supermarkt zegt tot aanstaande vrijdag nog `täglich geöffnet' te zijn, daarna gaat hij dicht totdat de mensen weer komen, vanaf april.

In de supermarkt ben ik de enige klant. Ze verkopen er hun voorraad uit. De spullen die voor april verlopen mogen voor weinig weg. Ik koop een pak hagelslag voor vijftig cent. Een eenzame kool ligt naast een prei. De rest van de kratten is leeg.

In de koeling ligt een stronk broccoli in cellofaan. Op de groene bloemetjes zitten zwarte plekken. Als ik erop druk, spatten de bloemetjes uiteen. Het slijm komt door het cellofaan heen op mijn vinger. Ik veeg mijn hand af aan een potje ingemaakte champignons.

De Noord-Hollandse caissière begroet me in het Duits. Ze verontschuldigt zich als ik in het Nederlands antwoord en scant verveeld mijn producten: de chocoladehagel, een schnitzel, de kool, het laatste pistoletje en het nieuws dat hier alleen in Telegraafvorm te verkrijgen is. De caissière vraagt in het Duits of ik er een tasje bij zou willen hebben. Ik antwoord met een glimlach dat ik geen `Tüte' hoef. Ze heeft het niet in de gaten.

Terug in een van de identieke huisjes die deze week de mijne is eet ik mijn pistoletje met hagelslag. De chocolade smelt, ik heb het broodje even verwarmd. Later zal ik de schnitzel bakken en van de kool een salade maken met de olie en azijn die ik in de kast gevonden heb. Ik zal de schnitzel opensnijden en merken dat er satésaus inzit. Ik zal de verpakking uit de prullenbak halen en lezen dat er zoiets als een satéschnitzel bestaat. De saus zal zich als een olievlek over mijn bord verspreiden en de kool week maken.

Ik vraag me af waarom het zo fijn is hier. Tevreden besef ik dat ik vergeten ben welke dag van de week het is. Een klein wonder in een druk bestaan.