Dorp in de greep van de terreur

Dujail was in 1982 het toneel van een aanslag op Saddam en van wraak op de bevolking. Getuigen vertellen hun relaas.

,,Het was een snikhete dag, 8 juli 1982, de zevende dag van de ramadan. Saddam Hussein reed in een lang konvooi het dorp binnen'', vertelt Abdel Hussein Al-Dujaili. Indertijd getuige van de gebeurtenissen, nu hoofd van een organisatie die de slachtoffers herdenkt. ,,Hij had net een bezoek gebracht aan de moskee en was onderweg naar het centrum van het dorp toen gewapende shi'ieten het konvooi onder vuur namen. Zij schoten vanuit de boomgaard langs de weg. Lijfwachten van Saddam Hussein begonnen wild om zich heen te schieten en doodden twee kinderen.''

,,Waar het om gaat is dat Saddam vernederd werd'',vertelt Khamisa al-Dujaili ruim twintig jaar later. Van haar echtgenoot Abed en haar zes zonen heeft ze sinds die dag nooit meer iets vernomen.

Binnen een dag na de aanslag wemelde het dorp Dujail van de speciale eenheden en Republikeinse Garde. Maandenlang was het dorp in de greep van terreur.

Ruim duizend inwoners werden opgepakt en weggevoerd. Honderden vrouwen, kinderen en ouderen werden gescheiden van hun gezinnen en tot 1986 vastgezet. Jonge vrouwen werden gemarteld om bekentenissen af te dwingen tegen hun vaders en broers.

Van de 17 aanvallers is niemand gearresteerd. Een aantal is omgekomen bij vuurgevechten. Anderen zijn weggekomen, onder andere naar Iran. Sheik Faris Amin is één van hen. ,,Saddam was een tiran en een misdadiger'', vertelt hij, inmiddels teruggekeerd in Dujail. Hij was 19 jaar oud toen hij samen met 16 anderen de aanslag op Saddam Hussein beraamde. Hij vertelt hoe ze posities innamen in de boomgaard die middenin het dorp lag. Ze wisten dat Saddam in een grijze Mercedes zou rijden.

,,We dachten, zelfs als hij niet wordt gedood, wordt het toch een enorme vernedering. De wereld zou te weten komen dat er oppositie bestond in Irak en dat Saddams regime een dictatuur was.'' Amin is een shi'itische geestelijke.

Saddam reed in een gepantserde auto en bleef ongedeerd. Amin wist te ontsnappen aan het vuurgevecht dat op de aanslag volgde en vluchtte naar de nabij gelegen woestijn waar hij zich vijf dagen schuil wist te houden. 's Nachts slopen ze terug naar de boomgaard en voedden zich met druiven, tomaten en komkommers.`

Inam Yacoub Dujaili was op de dag van de aanslag 21 jaar oud. Ze werd opgepakt en meegenomen naar het hoofdkwartier van Saddams geheime dienst in Bagdad. Daar werd ze geslagen en gemarteld. Haar knieën kan ze niet meer buigen en uit haar zij steekt een gebroken rib die nooit meer hersteld is.

In het hoofdkwartier van de geheime dienst werd ze naakt ondersteboven gehangen. Ze werd seksueel misbruikt en geslagen met een rubberen slang. Haar 16-jarige broer Abas, die volgens haar nergens iets mee te maken had, werd geëxecuteerd.

Dujail is nu een triest dorp. De boomgaarden en de palmbomen zijn weg. Van de vermisten is bijna niemand teruggekomen. Waar eens palm- en fruitbomen stonden, staan nu 150 betonnen huizen, bewoond door arme sunnieten.