Gender

Weet u wat een genderambassadeur is?

Tot gisteren wist ik het niet. Sterker nog, ik weet eerlijk gezegd ook nog steeds niet wat gender precies is. Uit allerlei ingewikkelde betogen van academisch onderlegde feministes heb ik begrepen dat het met de sociaal-culturele verschillen tussen mannen en vrouwen te maken heeft, maar veel verder ben ik nooit gekomen. De definitie in de Van Dale luidt: ,,Het geheel van sociale en culturele kenmerken van een sekse.'' Ook dat klinkt mij te vaag om er grip op te krijgen.

Een genderambassadeur moet iemand zijn die de hele dag loopt uit te leggen wat een genderambassadeur is. Hoe is hij ontstaan? De functie is in 2003 door staatssecretaris Van der Knaap van Defensie ingesteld. Hij vond dat alle defensieonderdelen (vijf) zo'n ambassadeur – een hoge militair – nodig hebben. Periodiek overlegt hij met hen ,,over de ontwikkelingen op het gebied van gender''.

,,Generaal, hoe staat het met de gender in uw kazernes?''

,,Er zit schot in, meneer Van der Knaap.''

Gisteren zag ik mijn eerste genderambassadeur in levenden lijve. Het was luchtmachtgeneraal F.H. Meulman, die deelnam aan een door FNV en PvdA georganiseerde discussiemiddag in Woerden over het aandeel van vrouwen in de krijgsmacht. De generaal, in vol betrest ornaat aangegord tot de woordenstrijd, begon met op te merken dat hij ,,het jammer vond dat mijn gender-collega-ambassadeurs van andere krijgsmachtonderdelen hier niet aanwezig zijn.''

Het wás ook jammer, al was het alleen maar omdat er ook verder zo weinig mensen waren. Het lijkt wel alsof het onderwerp niet erg leeft in onze krijgsmacht. Daar moet snel verandering in komen, vindt staatssecretaris Van der Knaap al een poosje, want we hebben veel meer vrouwen in het leger nodig. (Het percentage moet van 9 naar 12 procent bij de militairen en van 22 naar 30 procent bij het burgerpersoneel.)

Er is nog te weinig groei. ,,Het is behoorlijk puzzelen om de streefcijfers te halen'', zei de generaal. ,,Er is nog steeds gerede twijfel binnen de organisatie of dit nou allemaal moet.''

Een pijnlijke uitspraak, maar enkele vrouwelijke militairen konden haar bevestigen. ,,Er zijn instructeurs die zeggen: in mijn groep geen vrouwen.'' En: ,,Ik krijg nog vaak van mannelijke militairen te horen: waarom vrouwen in het leger? Wat is hun meerwaarde? Eh...ik weet niet goed wat ik daarop moet zeggen.''

Ai. Luisteren de militairen zó slecht naar hun eigen staatssecretaris? Die heeft bij de lancering van zijn Actieplan Gender gezegd: ,,Uit onderzoeken, maar ook tijdens verschillende missies, is gebleken dat excellerende organisaties bestaan uit mannen en vrouwen. Verschillende soorten spelers leidt tot de beste teamprestaties. Een gemengde eenheid is beter in staat goede contacten op te bouwen met de omgeving. Denkt u bijvoorbeeld aan het fouilleren van vrouwen door vrouwelijke militairen.''

Er lijkt nog een wereld te winnen voor de genderambassadeurs in het Nederlandse leger. Intussen woedt in de Belgische krijgsmacht al volop de discussie: borstvoedingsverlof, ja of nee?