`Geef leraren hun vak terug'

Nederlandse leraren staan te veel voor de klas en hebben daardoor geen tijd om na te denken over hun vak. Dat moet anders, vindt Marleen Barth van het CNV.

Leraren moeten minder voor de klas staan. Geef ze tijd om na te denken over hun vak, en om nieuwe lesstof te ontwikkelen. Zorg dat ze weer lol krijgen in het leraarschap, door een beroep te doen op hun vakkennis.

Dat bepleit Marleen Barth, sinds begin dit jaar voorzitter van de Onderwijsbond CNV, in een notitie over de koers van de vakbond voor de komende vijf jaar. Met name in het voortgezet onderwijs is de arbeidsvreugde onder leraren ver te zoeken, meent Barth. En dat komt vooral om ze de greep op hun vak zijn kwijtgeraakt.

Didactische vragen worden uitbesteed aan gespecialiseerde centra en diensten. ,,Die worden door scholen ingehuurd om de leraren te vertellen hoe ze moeten lesgeven, belachelijk.'' Lesmethodes zijn veel te dwingend. ,,Op vrijdagmiddag moet er weer een hoofdstuk uit het boek behandeld zijn, dat doodt alle fantasie.'' ,,Zo hebben we intellectuelen gereduceerd tot uitvoerders. Logisch dat ze snel opgebrand zijn. Nergens is het riscio op burnout zo groot als in het onderwijs.''

Minder uren voor de klas is een opmerkelijk pleidooi, gezien het enorme lerarentekort dat dreigt in het voortgezet onderwijs.

,,Dit is juist een oplossing voor dat tekort. Hierdoor wordt het beroep weer aantrekkelijk, het zal veel mensen naar het onderwijs lokken. Vooral jonge leraren knappen af op het gebrek aan zeggenschap over de lesstof. Ze willen meer betrokken zijn. Meer intellectuele uitdaging zal ook meer jongens naar het onderwijs halen. Die missen nu vooral een loopbaanperspectief. Vrouwen stellen andere prioriteiten, die willen vooral minder werkdruk.''

Wat gaat het kosten?

,,Volgens onze berekening kost dit voorstel 500 miljoen euro. Dan gaan we uit van achttien uur voor de klas in plaats van de huidige 24 uur. Klokuren van zestig minuten wel te verstaan, geen lesuren van vijftig minuten. Nergens staat de leraar zoveel voor de klas als in Nederland. Dat moet anders, en dat vergt een forse investering in het voortgezet onderwijs.''

Misschien willen leraren helemaal geen lesstof ontwikkelen, en staan ze liever zoveel mogelijk voor de klas.

,,Die leraren zullen er zijn, en dat moet kunnen. Binnen een team kunnen ze de taken verdelen. Kern van ons plan is dat leraren carrière moeten kunnen maken in het lesgeven. Nu moeten ze het management in als ze een stap omhoog willen. Extra inspanning van leraren moet ook worden gehonoreerd met een hoger salaris.''

In hoeverre is dit een aanklacht tegen het Nieuwe Leren, het onderwijsconcept waarbij leraren optreden als begeleiders van zelfstuderende leerlingen?

,,Wij propageren het Nieuwe Leren niet, maar we zijn er ook niet tegen. Dit voorstel is daar niet aan gekoppeld, het geldt evengoed voor klassikaal onderwijs. Wel biedt het de mogelijkheid om zelfstudie te laten begeleiden door bevoegde leraren. Nu zijn dat vaak onderwijsassistenten, om de leraren tijd te geven voor ontwikkeling van de lesstof. Dat gaat ten koste van goede begeleiding.''

Waarom is het zo belangrijk dat de leraar zelf de lesstof bedenkt?

,,Onderwijs is de overdracht van kennis die we als samenleving belangrijk vinden. Door vast te houden aan lesboeken evalueren we die kennis om de tien jaar, terwijl dat natuurlijk elke dag zou moeten gebeuren. Onze onderwijsmethode stamt uit een industriële samenleving, met statische kennis die van boven naar beneden gaat. De kennissamenleving eist een ander soort onderwijs. Zorg voor halffabrikaten via ICT, en laat leraren de lesstof op maat afmaken. Laat ze meer improviseren.''

Hoe groot is de kans dat die 500 miljoen euro er komt?

,,Onze inzet is dat het een rol gaat spelen bij de volgende kabinetsformatie, in 2007. Zulke dingen moet je lang voorbereiden. We moeten een omslag bereiken. In 2006 investeert onderwijs in gebouwen, 300 miljoen euro voor praktijklokalen in het vmbo. In 2007 moeten we investeren in mensen.''