Freuds laatste toevluchtsoord

In Franse dag- een weekbladen wordt een fel debat gevoerd over de voors en tegens van psychoanalyse. Het lijkt een achterhoedegevecht, maar volgens de Freudfans gaat het om niets minder dan `de vrijheid'.

Tussen communisme en psychoanalyse zijn vast allerlei overeenkomsten te bedenken, maar nergens zoveel als in Frankrijk. Acht jaar geleden verscheen in Parijs een Livre noir du communisme. Dat zwartboek bevatte weinig nieuws over de misdaden van communistische regimes, werd in het buitenland al snel geoordeeld. Maar in Frankrijk ontstond een felle polemiek, vooral over de `gelijkschakeling' van communisme en nazisme in het boek. Het communisme moest gered worden uit de klauwen van de liberale pensée unique, die alleen naar cijfers en resultaten keek, luidde de kritiek. De communisten hadden nobele intenties gehad, en dat moest óók tellen.

Nu blijkt deze verdediging van het communisme in één land maar kinderspel. Begin september verscheen het Livre Noir de la Psychanalyse, met de vrolijke ondertitel `Leven, denken en je beter voelen zonder Freud.' Dit zwartboek, waaraan meer dan dertig auteurs uit binnen- en buitenland meewerkten, heeft in Parijs en omstreken een felle polemiek losgemaakt, met verwijten als: hullie (de samenstellers van het boek) spelen vals want ze zijn zelf aanhangers van de rivaliserende gedragstherapieën. En zullie (de psychoanalytici) doen aan `intellectueel terrorisme', want ze willen het debat doden.

De felheid van de woordenstrijd is verrassend, want ook het zwartboek over de psychoanalyse bevat naar internationale maatstaven niet veel nieuws. Van de dik achthonderd pagina's is een goed deel bloemlezing van de wetenschappelijke kritiek die de psychoanalyse sinds de jaren zeventig in de Verenigde Staten en elders naar de marge heeft geduwd. Historische critici als Freud Scholar Frederic Crews en Peter J. Swales vatten hun kritiek nog eens samen. Een co-auteur is Mikkel Borch-Jacobsen, onder meer bekend om zijn ontleding van de Franse Freud-variant Jacques Lacan - die volgens Borch-Jacobsen zijn populariteit dankte aan het vermogen psychoanalyse te vertalen in filosofische ideeën die sinds de jaren zestig in de mode waren.

Frankrijk wordt in het voorwoord van samensteller Catherine Meyer weer eens ,,het meest Freudiaanse land ter wereld'' genoemd, mét Argentinië. De cijfers zijn op haar hand: 70 procent van alle 13.000 psychiaters in Frankrijk werkt nog altijd op basis van pychoanalyse. Daartegenover staan ongeveer 500 geregistreerde beoefenaren van cognitieve gedragstherapie. In het buitenland zijn de verhoudingen doorgaans andersom.

Volgens de auteurs van het zwartboek is de dominantie van de psychoanalyse desastreus voor de geestelijke gezondheidszorg. Zo blijven de Fransen wereldkampioen medicijngebruik. Psychiater Jean-Jacques Déglon, gespecialiseerd in zorg voor drugsverslaafden, wijst de psychoanalytici aan als hoofdschuldigen aan het blokkeren van effectieve therapieën voor verslaafden, die ,,tienduizend levens hadden kunnen redden''.

De auteurs eisen in hun boek het recht op een balans op te maken. Volgens hen blokkeren psychoanalytici dit. Illustratief is het lot van een vergelijkende studie die het nationale onderzoeksinstituut INSERM begin dit jaar uitbracht. Daarin werd met cijfers aangetoond dat ook Fransen zich beter voelen door op gedrag gerichte psychotherapie dan door diepte-analyse van hun onderbewuste.

Het rapport leidde tot succesvol psychoanalytisch protest. Toenmalig minister van Gezondheid Douste-Blazy (nu Buitenlandse Zaken) verklaarde voor een zaal vol Lacanisten dat psychisch leed ,,niet te meten'' is. Hij liet het rapport van de site van het ministerie verwijderen. Het is er nog niet terug.

Toch lijkt het debat met het zwartboek in een nieuwe fase gekomen. Opvallend is dat de verwijten nu ook komen uit een van de historische bastions van psychoanalytisch geïnspireerde intellectuelen, het blad Le Nouvel Observateur. Begin vorige maand opende het weekblad de polemiek met een omslagverhaal onder de kop: moeten we een eind maken aan de psychoanalyse? Die vraag komt het blad al sinds weken op een overvolle brievenbus te staan. Hoofdredacteur Laurent Joffrin verzekerde in een repliek dat de NouvelObs de psychoanalyse niet heeft `verraden'. Maar hij schreef ook wat er achter de schermen gebeurde. Hoe de vooraanstaande psychoanalyticus Elisabeth Roudinesco erop aandrong het boek te verzwijgen omdat het ,,bijna antisemitisch'' zou zijn. Hoe een ,,klein groepje'' analytici de redacteuren al weken ,,terroriseerde'' met allerhande scheldwoorden: `fascisten', `ultra-liberalen', `farmaceutische lobby'.

Daartegenover staat – onder vele andere discussiebijdragen – het antwoord dat Roudinesco intussen gegeven heeft in het weekblad l'Express. Gedragstherapiën zijn inderdaad snel en goedkoop, erkent zij. Maar achter de discussie over wat werkt en wat niet, gaat een ,,waar filosofisch debat'' schuil. Gedragstherapeuten streven genezing na met ,,dressuurmethoden die het individu reduceren tot zijn gedrag''. Dat past volgens haar bij de mondialisering op alle terreinen van het leven: mensen worden onderworpen aan schema's van economische efficiëntie en lichamelijk hedonisme. Daartegenover blijft de psychoanalyse overeind als de filosofie van de vrijheid.