Gebrselassie valt marathon aan `als echte krijger'

Een persoonlijk record, de snelste tijd dit seizoen en een parcoursrecord. Haile Gebrselassie kon gisteren tevreden terugkijken op zijn overwinning bij de Amsterdamse marathon die hij in 2 uur, 6 minuten en 20 seconden voltooide. Maar echt tevreden was eigenlijk niemand. Want de vermaarde langeafstandloper was altijd eerlijk geweest dat zijn eigenlijke doel het wereldrecord was. Daar kwam hij welgeteld 85 seconden te kort voor. ,,Zelf ben ik erg gelukkig, maar vooral voor het publiek vind ik het jammer'', aldus de Ethiopische atleet.

Jos Hermens, marathonorganisator en manager van Gebrselassie, was direct na de finish het duidelijkst in zijn commentaar. ,,Haile heeft te weinig respect voor de marathon. Hij denkt dat dit een verlengd baannummer is'', zei de oud-atleet die de 31-jarige loper op de motor door Amsterdam begeleidde.

Het geconstateerde gebrek aan respect voor de ruim 42 kilometer was niet zozeer negatief bedoeld. De Ethiopiër valt de afstand vanaf de eerste minuut aan (,,als een echte krijger'' volgens Hermens) en die aanpak biedt voldoende kansen voor de toekomst. Maar gisteren was bij Gebrselassie na 35 kilometer de energie bijna op. ,,Misschien had ik hem tussen de tien en twintig kilometer nog meer moeten temmen. Toen ging het te hard.''

Gebrselassie doet er zelf weinig aan om zijn gebrek aan ontzag voor de historische afstand te verhullen. ,,Het lopen van de tien kilometer is veel moeilijker'', aldus de voormalige baanatleet met negen wereldtitels op zak. ,,Tactiek heb je hier niet nodig, sprinten hoeft ook niet. Bij de marathon is het alleen een kwestie van tempo houden.''

En van niet te snel starten. Hermens was met Gebrselassie overeengekomen om de eerste helft te lopen in 1.02,30. De Ethiopiër was met de Keniaan Daniel Yego en twee hazen bijna een halve minuut sneller, wat in schema's goed is voor 2.04. ,,Bij de persconferentie vrijdag begon hij al aan de afgesproken tijd te morrelen'', zei Hermens half lachend. ,,Of het aan die snelle doorkomst lag weet ik niet. Op zijn niveau hoeft een halve minuut niet uit te maken. Maar misschien was het dan anders gelopen. Je weet het niet.''

Hermens heeft een grote bewondering voor de eigenzinnigheid van Gebrselassie, maar die houding – altijd vergezeld van een fraaie glimlach – kan als begeleider soms ook frustrerend zijn. Om te zorgen dat de Afrikaan in eigen land niet te hard trainde (soms onafgebroken vijftig kilometer op heuvelachtig terrein), hield een collega van Hermens de atleet de laatste weken ter plaatse in de gaten. En wat zei Gebrselassie toen hij over de finish kwam? ,,Misschien moet ik de volgende keer wat harder trainen.''

En vooral trainen als het waait, zo zei hij later. Want respect voor de Hollandse wind heeft de kleine atleet in elk geval wel gekregen. Een oostelijke wind – het parcours is `ingericht' op de gebruikelijke westenwind – van windkracht 4 à 5 vergde te veel van zijn krachten. ,,In Ethiopië waait het ook wel, maar minder hard. Vooral in de stad kwam de wind van alle kanten en dat heeft mij zeker twee minuten gekost.''

Zonder wind was het record van Paul Tergat (2.04,55 in 2003) er volgens hem dus wel aangegaan en dat zal voor Gebrselassie een goed argument zijn om de volgende marathon weer net zo agressief aan te vallen. ,,Misschien moet je wel constateren dat er een stijgende lijn is. Bij zijn eerste marathon in Londen [in 2002] moest hij aan het eind bijna wandelen. Nu was dat niet zo'', aldus Hermens die er gisteren voor pleitte om de marathon, die om elf uur begon, volgend jaar minstens een uur te vervroegen. Gezien de zondagsrust in Nederland is dat formeel echter niet toegestaan. ,,Het werd aan het eind gewoon te warm. Met de wind in de rug, een zonnetje en twintig graden moet je heel veel drinken. Op een gegeven moment kan je maag dat niet meer aan.''

De omstandigheden leken mooi, maar behalve de 2.06,20 van Gebrselassie waren er weinig opzienbarende tijden te noteren. Beste Nederlander was de 29-jarige debutant Sander Schutgens die met een voor hem teleurstellende 2.17,53 een achtste plaats behaalde. Juist de wind maakte de hazen van vitaal belang. Na 25 kilometer viel de laatste van drie tempomakers rond Gebrselassie af en had hij alleen nog de 25-jarige Yego naast zich die ook pas zijn tweede marathon liep. Vijf relatief langzame kilometers volgden en toen zette Gebrselassie, lopend met rugnummer `haile', zijn aanval weer in en liet Yego, die als tweede finishte in 2.08,58, alleen. Rond de 35 kilometer begon hij terrein te verliezen op het wereldrecord. Vervolgens leken een vervelend keerpunt en een viaduct de kracht van Gebrselassie te ondermijnen. ,,Aan het parcours lag het niet'', zo stelde hij de organisatie zonder twijfel tevreden. En die was met het seizoensrecord al erg content: de wedstrijd werd gisteren in bijna heel Europa op televisie (Eurosport) uitgezonden.

De teleurstelling bij Gebrselassie was overigens ook niet groot. Een uurtje na de marathon leek hij zich alweer op een nieuwe race te verheugen. Londen (komend voorjaar) natuurlijk, maar is er niet al eentje eerder? ,,Zes maanden rust lijkt mij erg lang. Nee, morgen is een beetje vroeg, maar twee maanden lijkt me voldoende'', zei hij half kijkend naar Jos Hermens. Die zal zonder twijfel voor een behoorlijke rustpauze zijn: twee marathons in één jaar is voor de gemiddelde toploper het maximum. Niet voor Gebrselassie. ,,Ik ben eigenlijk helemaal niet moe.''

Nader bekeken : pagina 17