`Philishaves' uit China onder de Chileense wals

Elektronicaconcern Philips heeft in Chili een partij van 9.000 scheerapparaten laten vernietigen. De scheerapparaten met de naam Princeshave waren Chinese imitaties van de bekende Philishave. Zij waren via internet en op straat te koop. De partij van 3.500 kilo werd onder toeziend oog van Chileense autoriteiten door een wals platgewalst.

Een woordvoerder van Philips zei gisteren tegen het Nederlandse persbureau ANP dat het bedrijf met deze actie vooral de consument wil beschermen. De imitatie-scheerapparaten ontbrak het aan diverse veiligheidsmechanismen. Zo was de beschermkap van het apparaat van plastic gemaakt, waardoor die makkelijk stuk kon gaan.

Volgens de woordvoerder ging het niet om een imitatie van het scheersysteem van Philips, maar wel van de vorm van de Philishave waardoor consumenten gemakkelijk konden worden misleid.

Om zijn argumenten kracht bij te zetten heeft Philips de Chinese scheerapparaten laten testen door een onafhankelijk instituut, dat tot dezelfde conclusies kwam.

De partij scheerapparaten uit China is het Zuid-Amerikaanse land op legale wijze binnengekomen. Huishoudelijke producten kunnen in Chili legaal worden ingevoerd zonder certificaat. Pas wanneer de producten worden verhandeld is een certificaat vereist.

China krijgt wereldwijd veel kritiek van buitenlandse bedrijven wegens inbreuk die op hun intellectuele eigendomsrechten wordt gemaakt, zowel in als buiten China. Met name de Amerikaanse regering stelt de schending van deze eigendomsrechten door Chinese bedrijven in en buiten China regelmatig in Peking aan de kaak.

Philips is net als veel andere buitenlandse multinationals bereid om buiten China soortgelijke Chinese praktijken zoals nu in Chili snel de kop in te drukken. In China zelf nemen buitenlandse investeerders een meer behoedzame houding aan om Chinese autoriteiten niet voor het hoofd te stoten. China wordt volgens analisten beschouwd als veruit de grootste schender van intellectuele eigendomsrechten ter wereld. Dat verklaart weer de angst die buitenlandse bedrijven hebben, de Japanse voorop, om hoogwaardigde productie naar China over te hevelen.

Net als de Amerikaanse laat ook de Nederlandse regering zich niet onbetuigd. Tijdens het bezoek aan China begin 2005 van de staatssecretaris van Economische Zaken, Van Gennip, is het onderwerp uitgebreid aan de orde geweest. De staatssecretaris heeft toen over de problematiek gesproken met Nederlandse bedrijven die zaken doen in China. Ze heeft de Chinese autoriteiten gevraagd om aandacht te schenken aan de problemen die er op dat gebied zijn.