Nederlandse veldheren in Portugese `oorlog'

FC Porto-Benfica geldt als dé voetbalklassieker van Portugal. Bij dit `Noord-Zuid-conflict' staan vanavond de Nederlandse coaches Co Adriaanse en Ronald Koeman tegenover elkaar.

Al uren voordat de bus van Benfica bij het spelershotel in Porto arriveert lopen bewakers in en uit. Het groepje fans en journalisten voor de ingang wordt steeds groter. Even voor zes uur in de avond komt de selectie van de Portugese landskampioen begeleid door motoragenten aan in de stad van aartsvijand FC Porto. Ronald Koeman stapt als één van de eersten de lobby binnen na de rit van drieënhalf uur. De coach van Benfica weet niet goed wat hem te wachten staat. ,,Van wat ik gehoord heb gaat het hier er vrij heftig aan toe'', zegt Koeman kalmpjes. ,,Een paar weken geleden toen we tegen Penafiel moesten spelen, kregen we een steen door de ruit. Ik verwacht dat de hectiek zich vooral binnen de lijnen afspeelt. Benfica is de grootste club, daar wil iedereen van winnen.''

FC Porto-Benfica geldt als dé voetbalklassieker van Portugal. Maar vanavond is er in het stadion van FC Porto ook sprake van een `kleine Nederlandse oorlog'. Co Adriaanse versus Ronald Koeman. De Portugese media proberen in de aanloop naar de klassieker alles in het werk te stellen om ook de tegenstellingen tussen de coaches naar boven te halen. Zo wordt de stand in onderlinge ontmoetingen tussen de twee trainers (6-0 in het voordeel van Koeman) breed uitgemeten. Adriaanse kan na achttien lessen Portugees nog maar mondjesmaat communiceren met zijn spelers, terwijl Koeman zich met zijn Spaans prima verstaanbaar maakt. Adriaanse heeft bij zijn aanstelling geroepen dat hij FC Porto kampioen wil maken, waarop Koeman fijntjes liet optekenen dat hij dat begrijpt van iemand die nog nooit een titel wist te pakken. Toch zal de prestigestrijd tussen Adriaanse en Koeman in het niet vallen bij het klassieke gevecht tussen de twee Portugese voetbalbolwerken.

De rivaliteit tussen FC Porto en Benfica kent een lange historie. De voormalige dictator Salazar, die van 1929 tot de Anjerrevolutie van 1974 aan de macht was, was een groot fan van Benfica. De club groeide tijdens zijn bewind uit tot het sportieve symbool van de natie. ,,Een goede huisvader is Benfiquista'', zo luidde een uitspraak van Salazar.

Benfica moest onoverwinnelijkheid uitstralen. Eusebio gold in de jaren zestig als de grote ster van de club uit Lissabon. Onder het bewind van Salazar werd Benfica maar liefst 23 keer kampioen. In die tijd mocht FC Porto zich maar zeven keer de beste club van Portugal noemen.

FC Porto groeide uit tot de club van de oppositie. Blauw en wit werden de kleuren van de tegenstanders van het dictatoriale regime.

Met het einde van Salazar in 1974 verdween de rivaliteit tussen FC Porto en Benfica allerminst. Nog altijd gelooft de aanhang van FC Porto dat Benfica vaak geholpen wordt door de arbitrage. Dat minderwaardigheidscomplex zal vermoedelijk nooit overwonnen worden. Fanatieke aanhangers van FC Porto maken de hoofdstedelingen graag uit voor mouros (Moren). Inwoners van Lissabon kijken op hun beurt neer op de `barbaarse noordelingen' die het eten van ingewanden als hun culinaire hoogtepunt beschouwen.

De rivaliteit tussen Porto en Lissabon is een typisch Noord-Zuid-conflict. Porto als tweede stad van het land waar de inwoners hard werken voor hun bestaan en Lissabon als de thuisbasis van de intelligentsia waar het geld wordt opgemaakt. De tegenstellingen tussen de twee steden laten zich vergelijken met die tussen Madrid en Barcelona, Rome en Milaan en Amsterdam en Rotterdam.

FC Porto wist de laatste jaren met het veroveren van de ene na de andere landstitel, de UEFA Cup (2003) en de Champions League (2004) rivaal Benfica te overvleugelen. Vorig seizoen verbrak Benfica de hegemonie door uitgerekend in de noordelijke stad op de laatste speeldag de titel op te eisen. Op het veld van volksclub Boavista mochten `de adelaars' zich op 22 mei van dit jaar voor het eerst sinds elf jaar weer kampioen noemen. Ondanks het succes hield de verdedigend ingestelde Italiaanse coach Giovanni Trapattoni het voor gezien in Lissabon. FC Porto nam na het teleurstellende seizoen afscheid van José Couceiro.

In een zoektocht naar een coach die met aantrekkelijk voetbal nieuw succes moet boeken, kwam zowel Porto als Benfica terecht bij een Nederlander. Adriaanse moet `de draken' Nederlands laten voetballen. Koeman is als `de leerling van Johan Cruijff' naar Lissabon gehaald.

De eerste weken baarde Adriaanse dusdanig opzien met zijn aantrekkelijke speelwijze waardoor hij in de media al werd afgeschilderd als `O General sem medo', de generaal zonder angst. Daarmee werd Adriaanse vergeleken met generaal Humberto Delgado, een tegenstander van Salazar die in 1964 werd vermoord.

Na zes speelronden gaat de ploeg van Adriaanse aan de leiding in Portugal, maar na twee nederlagen in de Champions League staat hij onder druk. Mocht FC Porto vanavond na veertien jaar voor het eerst thuis van Benfica verliezen, dan zal het spoken in Estádio do Dragão.

Koeman kende bij Benfica een desastreus begin van de competitie. Na drie wedstrijden zonder overwinning werd de oud-voetballer al afgeschreven als `een vergissing met de naam Koeman'. De laatste weken is Benfica onder zijn leiding aan een sterke comeback bezig waarmee de rust rond de ploeg wat is teruggekeerd.

De winnende coach van het treffen kan een flinke psychologische tik uitdelen. Bang voor de hectiek is Koeman niet. ,,Veel erger dan bij Barcelona-Real Madrid kan het volgens mij niet zijn.''

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel Nederlandse veldheren in Portugese `oorlog' (15 oktober, pagina 11) staat dat de voormalige dictator Salazar van 1929 tot de Anjerrevolutie van 1974 aan de macht was. Salazar was premier van Portugal van 1932 tot 1968. Hij werd in die functie opgevolgd door Caetano, wiens regime met de Anjerrevolutie van 1974 ten einde kwam.