AIVD houdt Samir A. al jaren in de gaten

,,Wie weet zit je over drie maanden weer binnen'', zei Samir A. op 28 juli, toen hij in de rechtbank in Rotterdam kwam kijken naar zijn vrienden van de Hofstadgroep. ,,Ze willen ons opjagen.''

Het zijn amper tweeëneenhalve maand geworden. Gistermorgen sloegen snelle interventie-eenheden van de pas opgerichte BBE-SIE toe in Den Haag, Amsterdam, Leiden en Almere. Samir A. is volgens het OM ,,hoofdverdachte'' in een groep jonge mannen en een vrouw die volgens minster Remkes (Binnenlandse Zaken) behoren tot het `Hofstadnetwerk'.

Een van de arrestanten was ook een oude bekende: Jermaine W., het jongere broertje van Jason. Hij werd in mei van dit jaar vrijgelaten omdat onvoldoende was aangetoond dat hij lid was van de groep rond Van Gogh-moordenaar Mohammed B. Ook Samir A., nog geen twintig jaar, maar nu al vier keer opgepakt, is bezig strafrechtelijke procedures op elkaar te stapelen. Dit voorjaar werd hij vrijgesproken van de verdenking dat hij bezig was met het voorbereiden van een bomaanslag, maar het openbaar ministerie ging in hoger beroep. Nu is hij, aldus informatie van de AIVD, op zoek naar ,,wapens en explosieven''. ,,Vermoedelijk'', zo meldde het landelijk parket gisteren in een persbericht, bereidde Samir ,,met anderen'' aanslagen voor op ,,een aantal politici en een overheidsgebouw''.

Vooral dat laatste klinkt bekend. Toen de politie in de zomer van het vorige jaar huiszoeking deed in Samirs Rotterdamse woning, troffen ze een groot aantal plattegronden en zelfgemaakte `situatieschetsen' aan. Onder de objecten waar Samirs interesse naar uitging, bevonden zich de kerncentrale Borssele, Schiphol, het Binnenhof, het ministerie van Defensie in Den Haag en het hoofdkantoor van de inlichtingendienst AIVD in Leidschendam. Het Binnenhof, dat gisteren enige tijd werd afgesloten, was niet goed per auto te benaderen vanwege de uitschuifbare paaltjes in het plaveisel, zo schreef Samir in zijn aantekeningen. Bij het AIVD-hoofdkwartier registreerden bewakingscamera's hoe een Marokkaanse, sterk op Samir lijkende jongeman, het pand lange tijd observeerde. Ook ditmaal had Samir het AIVD-kantoor op de korrel, zei minister Remkes gistermiddag.

Samirs interesse in wapens en explosieven was al eerder aan het licht gekomen. In oktober 2003 werd hij opgepakt omdat het OM vreesde voor een `mogelijk op handen zijnde aanslag'. In de woning van medeverdachte en Hofstadlid Fahmi B. werden spulletjes van Samir gevonden die er op leken te duiden dat hij een bom wilde maken. De kunstmest die de recherche aantrof, had echter niet de juiste chemische samenstelling om te dienen als grondstof voor explosief materiaal. Dezelfde spullen werden bij zijn tweede arrestatie in beslag genomen.

De politie vond nog iets anders: een gps-ontvanger. Analyse van de gegevens leverde boeiende informatie op over Samirs eerste wapenfeit: een mislukte reis richting Tsjetsjenië in januari 2003. Via de gps-gegevens konden rechercheurs reconstrueren hoe Samir met een vriend had geprobeerd de Oekraïens-Russische grens over te steken, richting Kaukasus. Samir wilde zijn `broeders' in Tsjetsjenië helpen, zei hij eenmaal terug in Nederland in een interview met de GPD-bladen. Dat hij `op jihad' wilde, zei hij niet.

Vanaf de mislukte jihad-reis tot aan zijn arrestatie gisteren, is Samir een van de belangrijkste targets van de AIVD geweest. Toen hij in 2003 verhuisde van Amsterdam naar Den Haag gaf de AIVD hun onderzoek de codenaam `Hofstad' mee. Samir werd gevolgd, zijn telefoon werd getapt. Behalve tot arrestaties en een mislukt proces leidde dat af en toe tot een succesje. In juni van dit jaar werd een ander `kopstuk' van de Hofstadgroep, de voortvluchtige en gewapende Nouredine el F., opgepakt. De AIVD kwam erachter waar Nouredine uithing omdat Samir hem had gebeld.

Ondanks alle aanhoudingen, zo zei Remkes gistermiddag, heeft het Hofstadnetwerk ,,zijn activiteiten voortgezet''. Welke activiteiten dat waren, is nog niet duidelijk. Wat in elk geval vaststaat, is dat ondanks de aanhoudingen de informatie over de groep bij de AIVD niet is opgedroogd. De dienst heeft op basis van die informatie geconcludeerd dat justitie opnieuw moest worden ingelicht. Uiteindelijk werd het risico van niet ingrijpen niet langer aanvaardbaar geacht, zo zei minister Donner gisteren. Volgens hem was er sprake van een ,,concrete dreiging'. Of die dreiging veel verder ging dan de vorige keren, moet nog blijken.