Vrouwen tellen mee

De Vrije Universiteit bewijst regelmatig eer aan haar oprichter Abraham Kuyper. Zo verscheen afgelopen dinsdag Commentatio, een geschrift waarmee de toen 22-jarige Kuyper in 1860 een prijsvraag won van de theologische faculteit van de Universiteit van Groningen.

Het oorspronkelijke, met de hand geschreven document telt 282 foliovellen en berust bij het Historisch Documentatiecentrum van de VU, maar was nog nooit uitgegeven. Dat is nu gedaan door Johan Zwaan, die de tekst bezorgde, en Jasper Vree, die de historische toelichting schreef. Het manuscript is in het Latijn, de wetenschappelijke taal van toen, de toelichting is in het Engels, de wetenschappelijke taal van nu.

De opdracht van de in 1859 uitgeschreven prijsvraag was een vergelijkende studie tussen de kerkopvattingen van de Geneefse hervormer Johannes Calvijn (1509-1564) en die van de Poolse hervormer Johannes a Lasco (1499-1560), die in Emden en Londen werkte.

Toen Kuyper besloot mee te doen, had hij net een jaar theologie gestudeerd in Leiden. Hij pakte de zaak grondig aan. Het werk van Calvijn was in Leiden te raadplegen, maar A Lasco was lastiger te vinden. Kuyper reisde stad en land af en schreef buitenlandse bibliotheken aan. Ondanks problemen met de kopiist, die Kuypers handschrift niet goed kon lezen, was de studie net op tijd af. Op 15 juni 1860 werd ze bekroond. De eerste 120 pagina's dienden later als basis voor zijn proefschrift.

Opmerkelijk in dit geschrift is Kuypers eigen, organische kerkopvatting. Je hoort niet bij de kerk doordat je gedoopt bent of omdat je de leer van de kerk onderschrijft, maar als je in je leven `de beginselen van het nieuwe, door de Geest ontstoken leven' vertoont. De kerk is dus niet een zaak van dominees of van een theologische elite, maar van alle gelovigen. Democratie in plaats van dominocratie. Nadrukkelijk sloot Kuyper daar de vrouwen bij in. Hij vond dat zij het actief kiesrecht dienden te krijgen en meende dat zij ook tot diaken gekozen moesten kunnen worden.

Naarmate de kerk beter functioneert in de samenleving, doordat kerkleden zich maatschappelijk inzetten, bijvoorbeeld op het terrein van de armenzorg, kan de overheid verder terugtreden, vond Kuyper. Daarmee leverde hij een vroeg pleidooi voor de civic society, dat later een uitwerking zou krijgen in de bij uitstek antirevolutionaire idee van de soevereiniteit in eigen kring.

J. Vree en J. Zwaan: The Young Abraham Kuyper about Calvin, a Lasco and the Church. Kuyper's Commentatio (1860) with an Introduction and Annotations, E.J. Brill. 2 dln. resp. 268 en 398 blz. €149,–