Schilderijen die met de kijker flirten

Over het metersgrote doek loopt een blauwe verfstreek van een centimeter of twintig breed. Je ziet voor je hoe de kunstenaar zijn kwast, het soort waarmee je normaal gesproken behangrollen insmeert, slingerend maar bedachtzaam over de onderliggende kleurbanen heeft getrokken. Het blauw slaat de hoek om en komt geel tegen. Even wordt het blauw groen. Dan kruist het een stukje rood en verandert het blauw in paars.

De schilderijen van Robert Zandvliet (Terband, 1970) zouden het goed doen als illustraties in een boek over kleurtheorieën. Zijn composities zijn opgebouwd uit ontelbare lagen eitempera – een verfsoort die zo transparant is dat de onderliggende kleuren er doorheen blijven schemeren. Op het doek wordt pas duidelijk hoe de kleuren zich met elkaar mengen. Geel over rood wordt oranje. En bemoeit blauw zich ermee, dan krijg je lila. Zo simpel is het.

In de schilderijen van Zandvliet, nu bijeengebracht op zijn overzichtstentoonstelling Beyond the Horizon in De Pont, draait het om eenvoud. Toen hij tien jaar geleden als 25-jarige een droomstart maakte met een solotentoonstelling in Witte de With, was dat met sobere voorstellingen van `dingen': een achteruitkijkspiegel, een stuk chocola, een bushokje. Later volgden de `filmdoeken' (ruimtelijke schilderijen van lege bioscoopschermen), de uitgestrekte `landschappen' en de `snelwegen', waarbij bovenaanzichten van verkeerspleinen gereduceerd werden tot geometrische composities.

Voor Zandvliet zijn al die onderwerpen slechts een aanleiding. Uiteindelijk gaat het hem om de uitdrukkingskracht van de verf. Misschien dat hij daarom zijn schilderijen nooit titels geeft. Een verwijzing naar een specifieke plek of een specifiek schilderij – Zandvliet heeft meermalen bekende kunstenaars geciteerd, onder wie Vincent van Gogh – zou de aandacht alleen maar afleiden van de abstracte kwaliteiten van de voorstelling. Dan zou je wellicht minder oog hebben voor de magische vermenging van kleuren, of voor de manier waarop met een enkele verfstreek een onpeilbare diepte gesuggereerd wordt.

In zijn nieuwste schilderijen is goed te zien hoe een traditioneel gegeven als een eenzame boom op een heuveltop bij Zandvliet kan uitmonden in een zinderende kleurenmassa. De stam is knaloranje, de lucht roze, de heuvels een kolkende zwart-wit-beige zee. Er is geen enkel detail dat nog herinnert aan de werkelijkheid – geen huis, weg of horizon. Het hele doek is gevuld met woest golvende kleurbanen. En toch zie je, voel je: dit is een landschap.

Sinds zijn laatste grote solotentoonstelling Brushwood (2001) in het Stedelijk Museum Amsterdam is er steeds meer duisternis gekropen in Zandvliets schilderijen. Sommige doeken hebben de kleuren van oude meesters, met oker en lichtgroen tegen een pikzwarte achtergrond. Nachtelijk water diende voor deze werken als uitgangspunt. En inderdaad, als je van een afstandje door je oogharen naar de doeken kijkt, is het of je de lichten van de kade in de golfjes weerspiegeld ziet.

Het zijn geen schilderijen waar je in één klap van ondersteboven raakt. Daarvoor zijn de werken net wat te makkelijk – je zou haast zeggen nonchalant – geschilderd. Zandvliet maakt schilderijen die de toeschouwer langzaam voor zich winnen. Schilderijen die met je flirten. Je ziet ze vanuit je ooghoek en loopt er nog eens naar terug, om ze nog eens te bekijken, beter dan de vorige keer. Zoals je sommige cd's ook vaker dient te beluisteren voordat je ze waarderen kunt, beginnen deze schilderijen te leven naarmate je er langer naar kijkt.

Wie bijvoorbeeld de moeite neemt om een tijdje te staren naar een titelloos werk uit 2003, ruim twee bij twee meter groot, zal ontdekken dat dit een meesterlijk schilderij is. Over het zwarte doek lopen witte banen die als een waterval naar beneden glijden en terechtkomen in een donkere poel waar wat lila en lichtblauw doorschemert. De verfstreken zijn zo beweeglijk dat het lijkt of je het water kunt zien trillen. Toch straalt het geheel, dankzij de symmetrische compositie, kalmte uit.

Er zijn weinig schilders die met zo weinig kleur en zo weinig vorm zoveel kunnen uitdrukken. Mark Rothko kon het, met zijn meditatieve kleurvlakken waar je in op kon gaan, en Willem de Kooning was er een meester in. De beste schilderijen van Robert Zandvliet bezitten eenzelfde hypnotische aantrekkingskracht. Dat zijn kunstwerken om in te verdrinken.

Tentoonstelling: Robert Zandvliet, Beyond the Horizon, schilderijen 1994-2005. T/m 8 jan in De Pont, Wilhelminapark 1, Tilburg. Di t/m zo 11-17u. Inl: 013-5438300, www.depont.nl