Pinter

Wie te veel bewaart die heeft ook wat: in mijn geval de mooie `literaire reuzenpockets' van De Bezige Bij met vertaald werk van Harold Pinter uit de jaren vijftig en zestig. Op toneelgebied hoorde hij, met Edward Albee, tot mijn eerste sensationele ervaringen. De raadselachtigheid, de grimmigheid, het sarcasme – een schrijver als Pinter liet je voelen dat de wereld onherbergzamer was dan je in je veilige jeugd ooit had gedacht.

Het was toen nog gebruikelijk dat avondvullende stukken als De huisbewaarder, De thuiskomst en Het verjaardagsfeest op de televisie kwamen. Achter in die boeken staat de rolbezetting van die jaren. Het verjaardagsfeest (The Birthday Party): in 1962 opgevoerd door Toneelgroep Centrum in de regie van Walter Kous, met als spelers Jan Hundling, Sara Heyblom, Henk van Ulsen, Yoka Berretty, Wim van den Brink en Piet Römer.

The Birthday Party was in 1959 Pinters eerste grote toneelstuk. Het toeval was gisteren zo ironisch om Pinter de Nobelprijs te bezorgen op de dag dat de 80-jarige Margaret Thatcher háár grote birthday party hield. Zij was een van zijn politieke vijanden, evenals Bush en Blair. (Pinter noemde gisteren op de BBC-tv ook Blair, net als Bush, `een massamoordenaar'. Vreemd overigens dat hij Milošević wél steunt.)

Mijn archiefje bleek een interview te bevatten dat Pinter in 1997 aan de BBC-tv gaf. Daarin beschrijft hij hoe moeilijk hij het ten tijde van The Birthday Party had. Hij woonde met zijn vrouw, de actrice Vivien Merchant, in een achterbuurtstraatje in het Londense Notting Hill Gate. Het water liep langs de muren, hun pasgeboren baby mocht er eigenlijk niet langer blijven. Intussen sabelden de critici in `a bloody massacre' The Birthday Party neer.

Maar Pinter, eigenzinnig als hij was, zette door. Hij was altijd al zijn eigen weg gegaan. Hij ging als 16-jarige jongen van school en koos al snel voor een onzeker acteursbestaan. ,,Op kantoor heb ik het één dag uitgehouden.'' In 1948 was hij dienstweigeraar. ,,De Cold War begon toen de Hot War amper voorbij was. Ik vond dat als jongen van achttien immoreel.''

Pinter staat bekend als een schrijver die pas later politiek geëngageerd toneel begon te schrijven. Maar in dit BBC-interview wijst Pinter er zelf op dat je The Birthday Party al als politiek toneel kunt zien. ,,Op een metaforische manier gaat het over de maatschappij die een man te grazen neemt die zich niet aanpast aan de regels.''

Ik heb The Birthday Party gisteravond herlezen. In de vertaling van `G.K. van het Reve', die zeer genoten moet hebben van de pintereske ironie die zo reviaans aandoet. Het is nog steeds een fascinerend stuk.

In een pension in een Engelse badplaats woont Stanley, een vage, stille man. Twee mannen, Goldberg en McCann, zoeken hem op een dag op. Ze treiteren hem. Stanley zou `de organisatie' in de steek gelaten hebben. Hij moet met de mannen mee in hun auto – ongetwijfeld zijn ondergang tegemoet.

Goldberg: ,,Wij zullen over je waken.''

McCann: ,,Verpleegmiddelen gratis voor leden.''

Goldberg: ,,Tweemaal per dag schoon beddegoed.''