`Ik werd de professor genoemd'

In de nieuwe serie `17' gesprekken met bekende Nederlandse vrouwen over hun jeugd. In de eerste aflevering oud-minister van Verkeer- en Waterstaat Tineke Netelenbos.

,,In mijn tienertijd had ik een anonieme aanbidder die me liefdesbrieven stuurde: `Lieve Tineke, ik zie dat je altijd aan het studeren bent, maar er is toch meer in het leven dan studeren?' Ik ben van 1944 en geboren in Wormerveer als oudste van vier kinderen. Mijn vader was grossier in kruideniers- en bakkerswaren, een familiebedrijfje. Mijn opa had het bedrijf gesticht: `C.G. Koomen & Zoon'. Het was altijd hard werken. Mijn oma was activiste in de SDAP, liep met rode vlaggen rond. Mijn vader vond dat we door dat eigen bedrijfje geen kleur konden bekennen.''

,,Er was een sociaal-democratische attitude, maar over politiek werd thuis nooit gesproken. Ik had het moeilijk op school. Werd `de professor' genoemd. Je werd gepest als je serieus was. Ik raakte geïnteresseerd in politiek. Een vriendje zat bij de JOVD, ik wilde er ook bij, maar in ons milieu was het: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg.''

,,Ik luisterde naar radio Luxemburg. Conny Froboess kon ik voor de spiegel aardig nadoen. Je had veel van die romantische liedjes. Als puber zit je toch wel in een fase waarin je niet weet welke kant je uit gaat, hè? Ik herinner me dat ik wel eens naar de sterren keek en dacht: Jee, je kunt het niet in eigen hand nemen.''

,,Ik wilde studeren, en dat gaf wrijving in het gezin. Meisjes hoefden niet te studeren, want alles wat je in meisjes investeerde was geldverspilling. Als compromis mocht ik een jaar naar de vormingsklas. Dat was `nooit weg'. Toen ik daarna op een reisbureau werkte, heb ik tegen mijn ouders gezegd: dit wil ik niet meer, ik wil leraar worden. Ik heb niets van jullie nodig, want ik vraag een studiebeurs aan. Ik had het uitgerekend: ze kregen kinderaftrek. Maar schulden maken, dat deed je niet, vond mijn vader, dus hij gaf geen toestemming. Als ik niet mag studeren, dan ga ik weg, zei ik toen. Het was een gesprek van weinig woorden.''

,,Het jaar daarop ben ik op kamers gaan wonen in Amsterdam en definitief uit de Zaanstreek weggegaan. In 1972 hield Joop den Uyl een vlammende kersttoespraak tegen de bombardementen in Vietnam. Toen ben ik lid geworden van de PvdA. De keuze was vanzelfsprekend. Ik ben een machtspoliticus en de koers van die partij stond me aan.''

,,Er is altijd veel kritiek. Je went eraan. Hoe word je populair in dit land? Door heel weinig beleid te voeren. Hoe onzichtbaarder je bent, hoe verder je komt! Wij hadden nog een visie, progressieve idealen waarvan we dachten dat het goed zou zijn voor de volgende generatie.''

,,Toen ik gepasseerd werd als commissaris van de koningin van Noord-Holland was dat in de eerste plaats een enorme confrontatie met mezelf. Het malle was dat het drie stemmen scheelde. De gedeputeerde van de PvdA ging op vakantie, die stemde niet mee. De twee gedeputeerden van het CDA hadden toegezegd om mijn kandidatuur te steunen, maar zij werden teruggefloten door hun partij. Zij mochten niet stemmen op een `Koomen', vanwege de politieke achtergrond van mijn familie. En ik was al zo lang weg uit de Zaanstreek!''

,,Het gebeurde op maandag. Op dinsdag zou in de Tweede Kamer het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan in stemming komen. Dat werd vervolgens weggestemd. Vier jaar werk! Het gebeurde allemaal in nog geen vierentwintig uur. Twee voor mij zo belangrijke zaken. Ik merkte dat ik – ook fysiek – als het ware versteende. Koud. En toen dacht ik: dit is rauw. Na mijn ministerschap ben ik nog wel even in de Kamer gekomen, maar het was voor mij te veel een herhaling. Ik ben klussen gaan doen zoals veel oud-ministers doen: raden van advies, besturen, maar ik miste een team.''

,,Memoires? Ik ben nog niet toe aan een reflectie op die periode. Ik ben wel begonnen met schrijven, maar ik werd er somber van. Omdat je dan die film steeds moet terugdraaien en je dan ook ziet waar je zelf – maar ook collectief – de boot hebt gemist. Het moet ook geen afrekening zijn. Ik heb acht jaar in dat kabinet gezeten, en ik vind dat je daar een verantwoording voor moet geven. Ik kijk naar de televisie en zie al die politici. Vroeger was dat je wereld. Nu denk ik wel eens: waar gaat het in hemelsnaam over? Zo kijkt de gemiddelde Nederlander er ook naar. Toen ik zelf het spel meespeelde, besefte ik dat niet voldoende. Ik heb nog steeds vrij entree in het Tweede-Kamergebouw, maar ik zou daar niet weer zo snel gaan rondlopen. Dat is geweest.''

Rectificatie / Gerectificeerd

In het artikel `Ik werd de professor genoemd' (14 oktober, pagina 36) spreekt Tineke Netelenbos over twee CDA-gedeputeerden. Dit is onjuist. Het ging om twee CDA-leden van Provinciale Staten uit de Zaanstreek.