Violen? Liever `arrenbie'

Scholieren moeten cultureel gevormd worden, vindt de overheid. Maar ze vinden kunst zo saai.

De handen, die voortdurend hebben geschilderd en getekend, vallen even stil. Tja, waar denk je aan bij kunst? Dan zeggen de 15-jarige scholieren: ,,Musea'', ,,mooie dingen'', ,,Picasso'', ,,iets dat met liefde is gemaakt'' en ,,reclameposters voor parfums''. Hun handen bewegen weer. Kunst is leuk, zeggen ze, maar soms ook saai. Saaie kunst, wat is dat dan? Stilte.

Maikel, aarzelend: ,,Zo'n schilderij waar niets op gebeurt. Dat je alleen maar zwartwitte blokjes ziet...''

Corné, heftig: ,,Zwartwit kan juist heel mooi zijn.''

Maikel: ,,Ja, maar ook zo eentonig, zo'n schilderij in een stil museum...''

Scholieren vinden kunst `saai', blijkt uit een dinsdag gepresenteerde enquête van stichting Cultureel Jongeren Paspoort, die de cultuurkortingskaart voor jongeren uitgeeft. En dat terwijl het ministerie van Onderwijs veel geld steekt in kunsteducatie. Voor theater- en kunstprojecten op scholen zijn er inmiddels tal van potjes. Sinds een jaar of tien is culturele en kunstzinnige vorming (CKV) een verplicht vak op scholen. Maar de kloof tussen kind en kunst blijft groot.

Dat valt mee, vindt het CJP. Scholieren voelen alleen afstand tot wat ze zelf als `kunst' bestempelen: musea, klassieke muziek, schouwburg, ballet. Ze gaan wel naar de film, naar popconcerten, musicals, muziek- en dansfeesten, festivals en cabaret. Wie inzet op die `massacultuur', denkt het CJP, kan een brug slaan naar de `gevestigde' kunsten.

De VMBO-afdeling van het Hooghuys Lyceum in Oss geldt bij scholen en kunstenaars als zo'n bruggenbouwer. Het VMBO is de alleman-school; meer dan de helft van alle Nederlandse scholieren zit erop (116.000). Onder hen zijn veel ,,ongelooflijk kwetsbare kinderen'', zegt docent Pieter de Laat. ,,Ze hebben op de basisschool een minderwaardigheidscomplex opgedaan. `Ik ben dom', vinden ze.'' Hun ouders zijn vaak laagopgeleid en bezoeken zelden culturele evementen. Zoals die van Sheila: ,,We zouden in de vakantie naar het Guggenheim-museum in Bilbao gaan, maar het is er niet van gekomen. Van buiten zag het gebouw er fantastisch uit.''

De VMBO-afdeling van het Hooghuys Lyceum in Oss heeft als enige in Nederland een leergang Vorm en Ambacht, een soort kunstnijverheidsschool. Deze ochtend beschilderen ongeveer twintig leerlingen van het derde leerjaar hun tekendoos aan tafeltjes in een handenarbeidlokaal: een landschap, hartjes, juwelen, een koe. Luisteren ze wel eens naar muziek?

Melanie: ,,Niet naar kunstmuziek.'' Kunstmuziek? ,,Van die langzame muziek, met violen.'' Sheila: ,,Klassieke muziek bedoel je.''

Maar ze luisteren toch wel naar muziek? Ja hoor, arrenbie en ,,alles waar jongeren nu naar luisteren''.

Melanie vindt driedimensionale beelden ,,een beetje saai''. Even later staan de scholieren bij hun werkstukken. Ze moesten een voorwerp omtoveren met verf of bestaande materialen. Nu staan er fantastische tafeltjes in de vitrine.

Vindt Melanie deze sculpturen ook saai? Ze schudt haar hoofd. Er zijn veel `officiële' kunstenaars die ook van afval kunstwerken maken. Melanie knikt: ,,Maar dit is van onszelf.''

Op het Hooghuys Lyceum hangen overal aan de muren kunstwerken, vooral grafiek dat de school elk jaar aankoopt. De kunstenaar David Bade doet hier vaak projecten, terwijl theatermaker Gerardjan Rijnders een paar jaar geleden teksten schreef voor een musical. De meeste van de leerlingen zullen hun hele leven in de het industriestadje (Unox, Organon) blijven, redeneert de zeer bevlogen directeur Frans-Joseph Claessens: ,,Hun schooltijd is de enige tijd in hun leven waarin ze kennis maken met kunst.''

De leergang Vorm en Ambacht, die leerlingen voorbereidt op MBO-opleidingen voor mode en vormgeving, is pas dit jaar begonnen. De leerlingen willen er striptekenaar, modeontwerper, reclametekenaar of binnenhuisarchitect worden. Er wordt gewerkt met projecten, waarbij alle praktische en theoretische vakken één thema behandelen, zoals nu `Mijn Plek'. In de gang staan een soort pashokjes die leerlingen hebben beschilderd met hout- of marmerpatronen. Op de ramen laat het daglicht gedichten opgloeien; de leerlingen hebben ze zelf geschreven en in een gevarieerde typografie op doorzichtig folie gezet.

Steffi zegt haar eigen gedicht op, uit het hoofd, en een gedicht van iemand anders. Alle leerlingen moesten een gedicht van buiten leren. De gedichten hebben ze van internet gehaald, van een sms-website. De meisjes zeggen vlekkeloos teksten vol pijn en verdriet op. ,,Dit gaat over onszelf'', zeggen ze.

De meisjes lezen wel, het liefst `realistische' boeken zoals die van Carry Slee. Sheila: ,,Ze schrijft zo dat je je echt kunt voorstellen dat het zo gebeurt.'' Jacqueline: ,,Zoals pesten op school bijvoorbeeld.'' Steffi haalt een bibliotheekboek uit haar tas, de klassieker Christiane F.: ,,Een heel mooi boek over een junkiemeisje.'' Als de jongens al lezen, zijn het fantasy-boeken zoals Harry Potter. Maikel: ,,Ik wacht op de Nederlandse vertaling van het laatste deel.'' Corné: ,,Het zijn wel dikke boeken. Met de Da Vinci Code ben ik ook al heel lang bezig.''

Scholieren dóen vooral dingen, zegt het CJP: ze schrijven, zingen, dansen, tekenen en fotograferen. ,,Ik ben altijd blijven tekenen'', zegt Maikel. Hij fotografeert ook, net als Sven. Sven: ,,Voor mij is fotografie geen kunst. Het is drukken en klaar.'' Maikel: ,,Dat is niet waar, want jij bepaalt hoe je fotografeert. Van boven of onderen, met licht of schaduw.'' Sven: ,,Ja, maar een portret tekenen of schilderen vind ik toch meer kunst...'' Maikel: ,,Het is hetzelfde, je fototoestel is het penseel.'' Sven: ,,Ik zie het zo, jij hebt de macht, maar het ding doet het.''

In een lokaal staat een trap, met aan alle boompjes en treden grillige hoofden van klei. Het zijn zelfportretten die kinderen hebben gemaakt voor het vak CKV. Aan elke kop hebben kinderen iets van zichzelf geplakt: een computermuis, een zweetbandje, kraaltjes. De kralenkleikop is geen realistische weergave, leert een foto op de muur, maar het meisje lijkt wel haar eigen ziel te hebben gevangen. Het gezicht is gesloten, de blauwstenen ogen staren in de verte. ,,Het is een introvert meisje'', zegt docent De Laat.

De trap is een al langer lopend project van de kunstenaar David Bade, die in 1997 via het Jan Cunen-museum in Oss de school binnenkwam. Bade liet de scholieren onder meer met zes kuub klei werken in de keurige museumzalen. De klei vloog de eerste keer tegen het plafond, maar al gauw waren de scholieren geconcentreerd aan het werk met het project Onze vader, ons moeder – over hun thuis. Onlangs heeft Bade voor de school een soort voetbalspel ontworpen, dat binnenkort ook gespeeld gaat worden in Marokko en Turkije, de thuislanden van een op acht leerlingen.

Voor Bade was het werken met de scholieren een doorbraak. ,,Ik blijf deel van het offiële kunstcircuit, maar sindsdien wil ik ook directer communiceren met mijn publiek. De kunstwereld moet meer van dit soort verbindingen met de buitenwereld maken.'' Werken met scholieren vindt Bade inspirerend: ,,VWO'ers hebben meer bagage, maar vragen ook: waarom? VMBO'ers zijn sneller los, gaan gewoon aan de slag.''