In stilte wanhopig in Kashmir

Bewoners van de Tangdar-vallei in Indiaas Kashmir wisten niet wat een aardbeving was, tot hun dorp ineenstortte. In de dagen erna bleven zij alleen met hun angst.

Had God de bevingen gezonden? Was de Dag des Oordeels aangebroken? Sadar-Din Malik, een 70-jarige boer, wist niet wat er was gebeurd, wat een aardbeving was. ,,We begrepen het niet. Wij zijn naar een open plek gegaan en bij elkaar gaan zitten.'' Zijn dorpsgenoten en hij bleven zo ver mogelijk weg van bomen en andere dingen die naar beneden zouden kunnen komen. Wat als het nog een keer zou gebeuren?

Na de aardbeving afgelopen zaterdag dacht Malik alleen maar: hoe overleef ik dit? Zijn dorpsgenoten in de hooggelegen Tangdar-vallei in Indiaas Kashmir waren in stilte wanhopig, bang dat niemand hen zou vinden. ,,Er werd amper gepraat. Iedereen was met zijn eigen emoties, gedachten bezig. Onze situatie leek hopeloos. We hadden geen idee hoe de rest van de wereld eraan toe was.''

Tangdar, met tientallen dorpen en ruim 100.000 inwoners, is een van de zwaarst getroffen gebieden in Indiaas Kashmir. Een kronkelweg met gevaarlijk ogende haarspeldbochten en geflankeerd door diepe afgronden, is de enige verbindingsroute met de op 2.000 meter hoogte gelegen vallei. Urenlang duurt de tocht, die naarmate de grens met het door Pakistan bestuurde deel van Kashmir dichterbij komt, meer sporen laat zien van de gevolgen van de aardbeving van zaterdag. De weg leidt langs omgevallen bomen, rotsblokken en ingestorte huizen en kapotte bunkers van de Indiase grenstroepen.

Ook Maliks dorp (200 huizen) was dagenlang onbereikbaar. Malik was zaterdagochtend in de moskee voor het gebed, toen de grond begon te trillen en het dak van het gebedshuis naar beneden kwam. Een paar uur later kwam hij op een nabijgelegen veldje bij bewustzijn, met een helse pijn in zijn hoofd en een wond aan zijn been. Dorpsgenoten hadden hem uit het puin weten te halen.

,,Toen ik me iets beter voelde ben ik opgestaan om te helpen zoeken naar lichamen'', vertelt Malik als hij vier dagen later buiten het ziekenhuis in Tangdar-stad in de zon zit. De ravage in het dorp was compleet, vertelt hij. Door de pijn aan zijn hoofd en been hield hij het zoeken niet vol. Hij verbond zichzelf met repen van zijn shirt.

Na de begrafenis van de acht doden kwam de paniek van de mensen naar buiten. ,,Iedereen huilde. Sommigen schreeuwden, waren hysterisch'', zegt Malik. Ze waren afgesneden van de buitenwereld en hadden alleen nog de kleren die ze droegen en wat water. Toen kwam de nacht en daalde de temperatuur naar het vriespunt. De dorpsbewoners hadden nergens om naartoe te gaan. Druppels kondigden zware regen aan. ,,Maar we durfden niet weg te gaan van onze plaats.'' De hele nacht zaten ze bij elkaar in de open lucht, de regen over zich heen laten komend.

In de twee dagen die volgden veranderde er weinig, behalve dat Maliks pijn erger werd. Het leger bleek slechts stukje bij beetje in staat om een deel van de route naar Tangdar schoon te vegen. Zware regenval in de nachten vertraagt de operatie en vergroot het risico op landverschuivingen. Zodoende zijn veel van de dorpjes vier dagen na de beving nog ontoegankelijk.

Dinsdag, na drie dagen tevergeefs op hulp van buitenaf te hebben gewacht, hakte Malik de knoop door. Hij moest weg, naar het ziekenhuis, want anders zou hij het niet redden. Zijn jonge neef Ajaz bood aan hem te dragen op zijn rug. Het werd een tocht over bergen, rijstvelden, langs andere verwoeste dorpen. ,,We wisten niet wat ons te wachten stond, maar ik moest wel. We zijn urenlang onderweg geweest, maar het heeft mijn leven gered.''